Club Gewalt speelt ‘Antropoceen, de musical’. De kostuums zijn ontworpen door Bas Kosters Studio. Met gele pet Amir Vahidi.Foto Rien Zilvold

Interview

Club Gewalt gaat de klimaatdepressie te lijf met een musical

Musical Het Rotterdamse muziek- en performancecollectief Club Gewalt speelt ‘Antropoceen, de musical’ op festival O – een experimentele musical over de klimaatcrisis. „Ik kan echt flippen van de sombere voorspellingen over het klimaat.”

‘Het doet me pijn dit te zeggen. Maar ja. Dit is mijn einde. Ik sterf uit”, zegt de Voelsprietvis. De acteur die de vis speelt vraagt of zij nu dood moet neervallen, moet blijven staan of moet weglopen.

Het is begin april dit jaar en muziek- en performancecollectief Club Gewalt repeteert hun nieuwe voorstelling, Antropoceen, de musical, in de krappe kelderruimte van een Rotterdams kunstverzamelgebouw. Die musical zou op dat moment nog in mei in première gaan op het festival met de onhandige naam, festival O. (voorheen de Operadagen). Na verplaatsing van het festival gaat de première deze maand daar alsnog plaatsvinden.

Met hun hybride werk behoort het Rotterdamse gezelschap, acht millennials die elkaar kennen van de opleiding Codarts, tot de interessantere jonge theatercollectieven in Nederland. Met Yuri, a Workout Opera en Club Club Gewalt 5.0 Punk stonden ze in 2019 op de Biënnale van Venetië, waarna The New York Times de groep uitriep tot deel van ‘The Best of European Theater’ van 2019. Zo’n Amerikaanse recensent weet ook niet alles, maar dat Club Gewalt origineel en buitenissig theater maakt, staat buiten kijf.

In Antropoceen, de musical (ondertitel: ‘dystopisch eco-tainment over hoe de mens de aarde vernietigt’) stort de Club zich op de klimaatcrisis, een situatie die hun angst aanjaagt, vertellen Amir Vahidi (31 jaar, hoofdrol en muziek), Anne van de Wetering (33, auteur), Sanna Vrij (32, regie) na de repetitie in een andere, beter geventileerde ruimte in het gebouw. Vrij: „De afgelopen jaren ben ik best vaak bang geweest voor wat er staat te gebeuren, als er voorspellingen worden gedaan. Daar kan ik helemaal op flippen.”

Actrice/ zangeres Suzanne Kipping.

Foto Rien Zilvold

Hyperpop

Muziek is het vertrekpunt bij Club Gewalt, zegt Van de Wetering. „Dat is de taal die we het beste snappen.” Deze musical, een zowel onconventioneel als serieus eerbetoon aan het genre, is na acht jaar Club ook pas de eerste voorstelling waarvoor ze tekst met een plot hebben bedacht. Vrij: „We onderzoeken of je bijvoorbeeld muzikale effecten kan inzetten om filosofische ideeën over te brengen. Ik weet niet of dat altijd per se helder is als je de zaal uitloopt, maar dat is wel wat we willen weten. Daarom zweven we door allerlei muzikale genres en stijlen.”

Voor Antropoceen, de musical baseren ze zich op twee stijlen. Enerzijds het traditionele, verhalende musicallied, anderzijds een alternatief, hip genre dat post-internet of hyperpop wordt genoemd. Vrij noemt als voorbeelden de artiesten 100 Gecs, SOPHIE, Hannah Diamond en Charli XCX. „Het is een muziekstijl die veel soorten geluiden opneemt, deels put uit gelikte popmuziek, maar elementen herschikt. Soms heb je het gevoel dat alles op internet tegelijk aanstaat, maar je hoort ook artificiële, plastic elementen. Plastic krijgt als het ware een nieuwe gelaagdheid. En die sound willen we onder de geijkte musicalstijl leggen. Musical is vaak overzichtelijk en de verhaaltjes en liedjes glashelder. Maar wat gebeurt er als je dat combineert met deze ontregelende muziekstijl? Dat is het experiment.”

Vahidi componeerde de bovenlaag, vertelt hij: „Recitatieven, lijntjes die terugkomen, zoete musicalsongs, alles georkestreerd, met strijkers en blazers, alsof het door Stage Entertainment is gedaan.” Collega Robbert Klein is dat vervolgens gaan bewerken. Vrij: „Daar wordt de muziek duisterder en hyperder van. Complexer.” Vahidi: „De tekst sugarcoaten we met beelden en dan stompen we je in je maag met de muziek.”

Kwallen

In het even gure en onheilspellende als sprookjesachtige libretto komen onder meer kwallen, de mens, de aarde, de oceaan en een vulkaan aan het woord. Van de Wetering: „De mens krijgt van de natuur te horen dat het helemaal misgaat. Het verhaal begint al met een apocalyps, maar toch denkt de mens het probleem nog te kunnen oplossen.” Vahidi: „Hoogmoed!”

Er ontstaat daarbij een conflict tussen de personages Mens en Medemens. Van de Wetering: „De Medemens komt de Mens vertellen dat hij voor een specifieke groep spreekt; voor de groep die de aarde heeft geëxploiteerd en de uitstoot veroorzaakt. Er zijn veel meer mensen die daar een hoop minder schuld aan hebben. En minder macht om er iets aan te doen.”

In dat conflict schuilt een andere ambitie van de makers: een commentaar op hoe we elkaar verhalen vertellen en complexe situaties versimpelen. Vrij: „Shit werkt gewoon niet zo. Je kunt niet doen alsof er één perspectief is.”

Ze neemt als voorbeeld het woord Antropoceen, een honderd jaar geleden bedacht begrip dat aanduidt dat de aarde en de atmosfeer ingrijpend veranderen door menselijk handelen. Voor geologen is dit tijdvak nog het Holoceen, maar het woord Antropoceen, een onofficiële term, stelt de mens centraal in een nieuw ‘geologisch’ tijdperk. Vrij: „Het is een semi-intellectuele, beetje hippe term uit de wetenschap, die je goed op feestjes kan gebruiken. Maar het staat voor ontwikkelingen die veel ingewikkelder zijn dan we begrijpen. Ik ben er niet per se op tegen, maar de klimaatcrisis een naam geven betekent niet dat we er grip op hebben.”

Van de Wetering ziet die meerdere perspectieven ook in de aard van de voorstelling: „Je kunt de voorstelling opvatten als optimistisch of als pessimistisch. Het zit er allebei in.” Vahidi vult aan: „Woede, verdriet en machteloosheid. Het overprikkeld zijn, het niet meer weten. Bevrijding.”

Jeugdjournaal

Zelf is Van de Wetering hoopvol. „Deze musical is een manier om hoop te houden en met onze klimaatdepressie om te gaan.” Vrij: „Dat nieuws! Jongen! Ik ging ervan hyperventileren en ben overgestapt op het Jeugdjournaal.” De andere twee gniffelen. Vrij, onverstoorbaar. „Wat iedereen grappig vindt, maar het is echt fijner, want er wordt beter nagedacht over hoe informatie je bereikt. Je wordt aangesproken op je verantwoordelijkheid, terwijl je zó weinig invloed hebt. Ik heb alleen mijn kunstenaarschap. Daardoor kan ik ruimte creëren voor ideeën die de wereld misschien beïnvloeden.”

(Optreden bij VPRO Stage op verzoek van Romana Vrede, met ‘In Tempore Belli’)

Het drietal heeft een haat-liefderelatie met musicals. Op de vraag voorbeelden van geliefde musicals te noemen, klateren de titels over elkaar heen: „Sunday in the Park with George! Wicked! West Side Story! Porgy & Bess! Hadestown! Hedwig and the Angry Inch!” Vahidi: „Ik ben zelden zo ontroerd in een theater als bij een goede musical.” Maar hij kan zich ook verbijten bij gemakzuchtige uitvoeringen of showmusicals als Mamma Mia. Vrij: „Musical staat niet bekend als een genre waarin veel wordt geëxperimenteerd, maar wij gaan dat wel doen.”

Hun eigengereide aanpak weerhoudt hen er niet van te dromen over mainstream succes. Spelen in het Circustheater? Vrij: „Dat zou vet zijn!” Vahidi: „Ons doel is genomineerd worden voor de Musical Awards.” Van de Wetering: „En mee te doen aan de Musical Sing-a-Long.” Vrij weet al met welk nummer: Gaia. „Dat is het lied dat Aarde, een rol van Suzanne Kipping, 17 minuten lang zingt, over de ontstaansgeschiedenis van de aarde vanaf de Big Bang. Dan kunnen we laten zien dat er meer mogelijk is met musical dan er tot nu toe mee is geprobeerd.”

Club Gewalt: Antropoceen, de musical. Luchtpark Hofbogen, Rotterdam. Van 25 t/m 29 augustus, op Festival O. Tournee vanaf januari. Inl: clubgewalt.nl
Voor wie zich wil verdiepen in de opwarming van de aarde zijn talloze boeken, films, voorstellingen en podcasts beschikbaar. NRC geeft tips in deze kijk-, lees- en luistergids over klimaatverandering.