Opinie

Telkens op zoek naar Covid-zondebokken

Rosanne Hertzberger

Er klonk een kil bliepje in de lege hal van het Musée des Beaux Arts in Quimper, Bretagne. De scanner in de hand van de meneer had zojuist aangegeven dat ik niet ‘zuiver’ genoeg was voor de expositie van impressionist Henry Moret. Ik weet niet welke gezichtsuitdrukking er achter het mondmasker van de man schuil ging. Hij bleef zo anoniem als de computer in zijn hand: was het minachting? Dedain? Meelij? Wantrouwen? Of schaamte over hoe zijn land onder leiding van Macron plots om sprong met burgers?

Het was mijn eerste ervaring met de sociale uitsluiting die gepaard gaat met de zogenaamde ‘passe sanitaire’. En heus, ik gehoorzaamde uiteraard aan het systeem. Maar mijn Pfizer-prikken kwamen te laat. Een tiental dagen geleden toen we het land betraden was er nog geen vuiltje aan de lucht. Testen voor je reis verliep voorspoedig, gratis en snel. (Bravo!) Maar de regels veranderden tijdens het spelletje. Plots waren wij niet schoon genoeg voor dat leuke nagebouwde vissersschip waar kinderen kapiteintje konden spelen. We waren niet zuiver genoeg voor toegang tot het aquarium. Een paar dagen later konden we het restaurant niet meer in. Met een negatief testresultaat (45 euro voor PCR, 25 euro voor antigeen) konden we een soort ‘joker’ inzetten voor 48 uur, wie überhaupt een beschikbaar verpleegpost kon vinden („complet, jusqu’a mi-août madame”), maar daarna gaf de computer weer een rood schermpje. De kinderen keken toe hoe de campingvriendjes wel in het pierenbadje speelden.

Covid heeft ongekende inbreuken op onze vrijheden gebracht. Ook in Nederland. Maar wij zaten wel allemaal telkens in hetzelfde schuitje. De avondklok gold voor iedereen. De restaurants en kroegen sloten voor iedereen. Mondkapjes waren verplicht voor iedereen. Samen uit, samen thuis, dit was overmacht.

We waren wel telkens op zoek naar zondebokken. Iets of iemand om onze natuurlijke hang naar een onderscheid tussen goed en kwaad te bevredigen, te midden van deze rampspoed. Van Hugo de Jonge, naar Sywert van Lienden, Famke Louise of Willem Engel. Van discogangers tot mondkapjesweigeraars. Nu komen de niet-gevaccineerden in beeld als nieuwe groep om onze frustraties op te botvieren. In tegenstelling tot Frankrijk en de Verenigde Staten is dat in Nederland een handig overzichtelijk groepje. Naar alle waarschijnlijkheid niet veel meer dan 15 procent van de bevolking. Dankzij het relatief grote vertrouwen in de overheid, onze nuchterheid en burgerlijke gehoorzaamheid kunnen wij in Nederland trots zijn op een hoge vaccinatiegraad. De burgerij komt gewoon opdagen als je dat vraagt. Soms is er een beetje aansporing nodig, soms duurt het wat langer voor een nieuw vaccin inburgert (het HPV-vaccin), maar zeker bij Covid is de urgentie zo duidelijk in beeld en ‘kent iedereen wel iemand’ dat de mouwen gewillig worden opgestroopt. Ik vermoed dat veruit de meeste weigeraars veel minder activistisch zijn dan het klinkt. Eerder aarzelend, bang, afwachtend.

We mogen trots zijn op die grote toestroom. En toch, staan er veel mensen te springen om daar verandering in te brengen. Ab Osterhaus stelt zonder blikken of blozen voor om ongevaccineerden de toegang tot het fysiek onderwijs te ontzeggen. En bij de Gezondheidsraad zwaaide de ethicus van dienst eind vorig jaar al met zijn vingertje in de lucht. Als die mouwen niet goedschiks worden opgerold, dan maar kwaadschiks. Wortels zijn leuk, stokken beter. Ze moeten niets hebben van die zijige communicatiecampagnes. Van de huisartsen die hun best staan te doen op de markten van de stad om mensen die geen toegang hadden tot betrouwbare informatie te overtuigen zich te beschermen. Nee, liever trekken zij te vuur en te zwaard galopperend op hun hoge paard de wijk in om ook dat laatste kleine groepje onwillige burgers met de rug tegen de muur te parkeren en het laatste restje vertrouwen volledig weg te prikken.

In Frankrijk kreeg ik een heel kort kijkje in de keuken van de maatschappelijke uitsluiting die in deze post-vaccinatiefase dreigt. Hoe je de bevolking alsnog uit elkaar kunt spelen en een klein groepje kunt bestempelen als de kern van het probleem. Zullen we dat in Nederland gewoon achterwege laten?

Rosanne Hertzberger is microbioloog.