‘Kijk wat voor effect de coronamaatregelen hebben gehad op onze studenten’

Heropening onderwijs Onderwijs op afstand is onverantwoord, vindt rector magnificus Arthur Mol. „Kijk wat dit voor effect gehad heeft op studenten.”

De introductieweek van Wageningen University is van start gegaan met onder meer een sportdag.
De introductieweek van Wageningen University is van start gegaan met onder meer een sportdag. Foto's Dieuwertje Bravenboer

De introductieweek van de Wageningen University moet nog zo coronaproof zijn als mogelijk is, maar als het aan rector magnificus Arthur Mol ligt is de anderhalve meter over enkele weken, bij de start van het nieuwe collegejaar, verleden tijd. „Ik kan als rector echt niet meer zeggen: hier geven we onderwijs zoals het zou moeten. Dit moet je echt niet nog een keer zo doen.”

De wens van de rector lijkt uit te komen. Diverse media berichtten donderdagavond dat het kabinet vrijdag tijdens een persconferentie zal aankondigen dat de deuren van hoger onderwijs opengaan, en de anderhalve meter mogelijk wordt losgelaten.

De tijd is rijp dat het hoger onderwijs weer volledig open gaat, zegt Mol en met hem een groeiend aantal andere onderwijsbestuurders. Een plan om met anderhalve meter afstand open te gaan, heeft de Wageningse universiteit niet eens gemaakt, ondanks een verzoek van minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA). „Dat deden we natuurlijk ook een beetje om druk te zetten”, erkent Mol. „Maar ook vanuit het idee dat het veilig kan en omdat we gezien hebben wat de afgelopen anderhalf jaar voor effect heeft gehad op de studenten.”

Bubbels

Als een van de eerste hoger onderwijsinstellingen organiseert de Wageningen University deze week de introductieweek. De groep aankomende eerstejaars is in tweeën opgeknipt om de drukte te spreiden – volgende week volgt nog een groep van zo’n 1.200 studenten.

Op de gazons van de campus staan vier grote, met bouwhekken omheinde ‘anderhalvemeterterrassen’, de lege stoelen netjes uit elkaar. Eén uitverkorene per ‘bubbel’ mag het bier halen, dat via de smartphone besteld moet worden. In de introductietasjes zitten twee zelftesten. Ongevaccineerde studenten kunnen in een prikbus ter plekke nog een vaccinatie halen. Na middernacht gaat de stekker uit de festiviteiten – op de campus althans.

Arthur Mol, als rector magnificus vice-voorzitter van het college van bestuur en ‘ambassadeur’ van de universiteit, komt donderdagochtend kijken bij de sportdag van de introductie, waar de helft van de deelnemers van deze week – zo’n 450 studenten – hun eventuele kater wegtraint. De ene student doet enthousiaster mee met de aereobics dan de andere.

Mol is blij dat er dit jaar weer iets mogelijk is op zijn campus. Vorig jaar kon eigenlijk niets. „Als de studenten elkaar tijdens de introductie niet fysiek ontmoeten wordt het een stuk moeilijker hen zich thuis te laten voelen. Dat hebben we vorig jaar wel gezien.”

Warming-up op het sportveld bij de universiteit.

Foto Dieuwertje Bravenboer

Het coronavirus bleek deze zomer uiterst onvoorspelbaar. De overheid vroeg onderwijsinstellingen eind juni om twee plannen te maken voor de start van het collegejaar – een mét en een zónder afstand te houden. Die opdracht legde Mol beleefd naast zich neer. „Dat verzoek kwam eigenlijk anderhalve maand te laat. Wij beginnen op 1 mei met het opstellen van de roosters voor het volgende collegejaar.” Mol vond het „onverantwoord” om zijn roostermakers en dertien- á veertienhonderd docenten in de zomer aan het werk te zetten – onderwijs op afstand vereist immers een ander curriculum dan fysiek onderwijs. „Dat kan je na een jaar, waarin ze net als veel studenten aan het eind van hun Latijn waren, niet maken. Wij hebben gezegd: we gaan het niet dubbel voorbereiden.”

Het was een gok om maar één scenario voor te bereiden, erkent Mol, hoewel die goed lijkt uit te pakken. Binnen iets meer dan twee weken het rooster volledig omgooien, had geleid tot „behoorlijke paniek”, zegt hij. „Het is eigenlijk een onmogelijke klus.”

Het kabinet kijkt voor de heropening van het onderwijs naar de epidemiologische situatie, internationale ontwikkelingen van het virus en de vaccinatiegraad onder studenten. Bijna tweederde van de 18 tot 25-jarigen heeft inmiddels één vaccinatie gehad. Dat is minder dan in andere leeftijdsgroepen omdat zij als laatste groep volwassenen aan de beurt waren. Die vaccinatiegraad gaat nog wel stijgen, denkt Mol. „Ik denk dat veel van onze studenten verantwoordelijk zijn en het belang van vaccinatie zien.”

Een nieuwe stap in de versoepelingen: studeren zonder afstand

Nog een periode onderwijs op afstand geven is volgens Mol geen optie. „De normale situatie kan niet online onderwijs zijn. Dat is niet vol te houden.” De afgelopen weken groeide de roep onder onderwijsbestuurders om hun instellingen zonder het houden van afstand te mogen openen. Volgens Mol is er onder de universiteiten „brede consensus” dat het onderwijs veilig open kan. De situatie verschilt wel per universiteit. „Wij zitten natuurlijk niet midden in Amsterdam,” zegt Mol. Wageningse studenten wonen volgens hem relatief vaak op kamers: dat scheelt in gebruik van het openbaar vervoer. Met veel voorlichting en het behoud van de andere maatregelen – looprichtingen, handen wassen et cetera – moet de campus veilig open kunnen.

Nieuwe studenten roeien bij de stand van Wageningsche Studenten Roeivereeniging Argo.

Foto Dieuwertje Bravenboer

Studentenwelzijn

Het is dubbel, zegt Mol. Wat studieprestatie betreft is het digitale onderwijs een succes te noemen: het heeft niet tot een achteruitgang van de leerprestaties heeft geleid. Studenten halen dezelfde studiepunten en cijfers. „Soms zelf iets hoger.”

Tegelijkertijd blijkt uit allerlei onderzoeken dat het studentenwelzijn achteruit holt. Van studentenpsychologen, studieadviseurs, decanen en de studenten zelf zag Mol cijfers en hoorde hij verhalen over groeiende vereenzaming en een stijgend gebrek aan motivatie. En dan heeft hij het nog niet gehad over vaardigheden die slecht te leren zijn via een computerscherm. „Zaken als samenwerken, presentaties voor grote groepen geven en creatieve processen, Bildung, netwerken… Daar zitten echt hele grote gaten in.”

Mol worstelt met de gedachte dat „jongeren het kind van de rekening” zijn geworden. Terwijl zij de minste kans hebben om ernstig ziek te worden van het coronavirus, werden ze het hardste getroffen door de coronamaatregelen en als laatste gevaccineerd. „Als je jong bent, bestaat je leven uit nieuwe mensen ontmoeten en samen dingen doen en ontdekken. Anderhalf jaar op een kamer achter een computerscherm zitten is eigenlijk niet te doen.”