Marokkaanse Joden eisen hun plek op in Israël. ‘Mijn cultuur is wél relevant’

Marokkaanse Israëliërs In Israël leven ongeveer een half miljoen Joden met Marokkaanse wortels, maar hun cultuur werd lang genegeerd. De laatste jaren komt daar verandering in, en de recente normalisatie tussen Marokko en Israël sluit daarbij aan.

Israëlische toeristen komen aan op de luchthaven van Marrakesh. Voortaan zijn er weer directe vluchten tussen Marokko en Israël.
Israëlische toeristen komen aan op de luchthaven van Marrakesh. Voortaan zijn er weer directe vluchten tussen Marokko en Israël. Foto Fadel Senna/AFP

Vroeger zette de Marokkaans-Israëlische zangeres en kunstenares Neta Elkayam (41) thuis de Marokkaanse muziek af die haar vader draaide. Haar oorspronkelijke taal en cultuur waren iets van het verleden. „Ik hoorde mijn grootmoeder thuis Marokkaans-Arabisch spreken”, vertelt Elkayam, „maar ik schaamde me als mijn moeder Hebreeuws praatte met een Marokkaans accent.” Joden uit Noord-Afrika werden in het jonge Israël als tweederangsburger beschouwd.

Woensdag landde voor het eerst in achttien jaar een Israëlische minister van Buitenlandse Zaken in Marokko, voor een tweedaags bezoek. Minister Lapid opende onder meer de Israëlische vertegenwoordiging in Rabat. Daarmee zijn de diplomatieke betrekkingen tussen de twee landen na decennia stilte officieel hervat. In tegenstelling tot de Verenigde Arabische Emiraten, Bahrein en Soedan die ook recent normalisering met Israël aankondigden, heeft Marokko altijd een sterke band gehad met Israël. In Israël leven ongeveer een half miljoen Joden met Marokkaanse wortels, volgens cijfers van het Israëlische CBS. Andersom is Israël voor Marokko het land met de grootste diasporagemeenschap na Frankrijk. Toch is de Marokkaanse cultuur lang genegeerd in de Israëlische samenleving. De laatste jaren komt daar verandering in, en de recente normalisatie van de betrekkingen sluit daarbij aan.

Ik schaamde me als mijn moeder Hebreeuws praatte met een Marokkaans accent

De meeste Marokkaanse Joden kwamen in de jaren vijftig en zestig naar Israël, na de stichting van de staat Israël en rond de Marokkaanse onafhankelijkheid. Enerzijds riep de zionistische beweging Joden op naar het beloofde land te komen, anderzijds waren Marokkaanse Joden bang dat hun situatie zou verslechteren. Joden en moslims hadden eeuwenlang in harmonie samengeleefd in Marokko, maar in de aanloop naar de onafhankelijkheid namen de gewelddadige incidenten tegen Joden toe.

In Israël wachtten de nieuwe migranten voedselgebrek, ziektes en opgesplitste families. „Mijn grootmoeder kwam helemaal in het zuiden terecht, haar zus in het noorden”, vertelt Elkayam. Terwijl de grote steden werden bevolkt door Europese Joden, gingen bussen vol Marokkaanse en Iraakse immigranten naar de zogenaamde ‘ma’abarot’, kampen in de uithoeken van het land die zich later zouden ontwikkelen tot steden. Bij Elkayam aan de muur hangt een nageschilderde zwart-witfoto van haar toen nog jonge tantes in Netivot, de zuidelijke stad waar ook Elkayam opgroeide. In dit soort afgelegen plaatsen blijven gezondheidszorg, onderwijs en werkgelegenheid ook nu nog achter bij steden als Tel Aviv en Jeruzalem.

Stereotypes

Israëlische cultuur en politiek werden en worden gedomineerd door Joodse migranten uit Europa. Die wilden het recente verleden liefst zo snel mogelijk achter zich laten, gezien de gruwelijkheden die ze hadden doorstaan. De jonge staat moest een eenheid worden, met één taal en één verhaal. Van hun landgenoten van Marokkaanse afkomst hadden ze een stereotype beeld: dat waren „arsim” – grove, luidruchtige mannen behangen met gouden kettingen. De ‘ars’, overigens van oorsprong een Arabisch woord, is de Israëlische versie van de ‘Sjonnie’.

De Marokkaans-Israëlische zangeres Neta Elkayam (41): „De Marokkaanse cultuur was altijd ondergeschikt.” Foto Amit Elkayam/The New York Times

Ondanks de gebroken beloftes van het beloofde land, blijven de meeste Marokkaanse Israëliërs heel zionistisch. Wel groeide de onvrede over de gevoelde discriminatie en sociaal-economische achterstelling. In de jaren zeventig kwam een emancipatiebeweging op gang. Rechtse partijen zoals Likud en later het religieuze Shas begrepen de boosheid over de marginalisatie beter dan de linkse elite die tot dan toe aan de macht was geweest. Zij wisten loyaliteit te kweken. Tegenwoordig zijn Marokkaanse Israëliërs zichtbaarder in de Israëlische politiek; in het huidige kabinet zitten vier ministers van (gedeeltelijk) Marokkaanse komaf, in het vorige zeven. Ook de Marokkaanse cultuur krijgt meer waardering. In tegenstelling tot de beginjaren eet tegenwoordig heel Israël mee van de speciale Marokkaanse lekkernijen op Mimouna, het Marokkaans-Joodse lentefeest. „Maar het blijft bij folklore”, zegt Einat Levi, die voor de Israëlische denktank Mitvim jarenlang de relaties tussen Israël en Marokko onderzocht en nu werkt voor de Israëlische diplomatieke post in Marokko. „Mensen kennen couscous, moufleta [een soort pannenkoekjes ] en Mimouna, geen Marokkaanse intellectuelen of kunstenaars.”

Mazal tov

Orly Simon (54) geloofde het nieuws over de normalisatie pas toen de Marokkaanse koning het bevestigde. „Mijn WhatsApp ontplofte met felicitaties”, vertelt ze. „Mazal tov, gefeliciteerd, we zijn zo blij voor je – het was alsof mijn dochter was getrouwd.” Marokko had al eens eerder diplomatieke betrekkingen met Israël, na de eerste Oslo-akkoorden tussen Israël en de Palestijnen begin jaren 90. Daaraan kwam een abrupt einde met de uitbraak van de Tweede Intifada, de Palestijnse opstand die in 2000 begon. De contacten bleven, zij het minder openlijk.

Elk jaar reizen tienduizenden Israëliërs naar Marokko om het land te ontdekken waar hun ouders of grootouders opgroeiden. Hoewel de Joodse bevolking in Marokko gereduceerd is tot enkele duizenden, wemelt het er van het Joodse erfgoed, zoals synagoges en begraafplaatsen. Elkayam ontdekte tijdens haar eerste bezoek een land waar het Marokkaanse dialect van haar grootmoeder, dat zij altijd als iets grappigs had beschouwd, een volwaardige taal was. Na zich jarenlang te hebben toegelegd op beeldende kunst, begon ze weer te zingen – in het Marokkaans.

Lees ook: Zangeres Teema werd geboycot door de Arabische wereld: ‘Het hele Midden-Oosten viel over mij heen’

Zonder schaamte

„Het voelde alsof ze al die tijd tegen me gelogen hadden”, zegt Elkayam. „De Marokkaanse en Arabische cultuur werden in Israël altijd ondergeschikt gemaakt. Mijn cultuur is wél relevant voor de Israëlische maatschappij.”

Elkayam vertegenwoordigt een bredere revival. De laatste jaren beginnen steeds meer jonge Israëliërs van Marokkaanse afkomst hun plek in de maatschappij op te eisen. De muziek is opnieuw populair, er komt belangstelling voor Marokkaanse kunst en literatuur. „Ze vieren hun cultuur, zonder zich te schamen zoals de vorige generaties”, zegt Levi. En ze geven er een nieuwe draai aan. „Mijn vader zou liever willen dat ik iets traditioneels zong, zonder electronische beats”, zegt Elkayam.

De Marokkaanse cultuur wordt deel van ons nationale verhaal

Volgens Levi geven de normalisatieakkoorden Marokkaanse Joden in Israël de waardering die ze verdienen. „Toen Ben-Shabbat [Israëlische veiligheidsadviseur] in Marokko zijn toespraak in het Marokkaans-Arabisch hield, werd de Marokkaanse cultuur deel van ons nationale verhaal.” Levi verwacht dat de betrekkingen deze keer meer kans van slagen hebben, al gaat het Marokko in de eerste plaats om de politieke erkenning van Marokkaanse zeggenschap over de Westelijke Sahara en wenst de Marokkaanse premier uitdrukkelijk géén ontmoeting met de Israëlische delegatie. Het akkoord is deel van een serie in de regio. Bovendien zijn de informele banden tussen Marokkanen en Israëliërs in de tussentijd sterker geworden.

Voor echte duurzaamheid zal er een oplossing voor de Palestijnse kwestie moeten komen, denkt Levi. „Koning Mohammed VI zei dat hij naar Israël komt als de Palestijnen en Israëliërs teruggaan naar de onderhandelingstafel”, zegt zij. „Marokko speelt graag een rol als bemiddelaar.”

Ook Elkayam hoopt dat Marokko kan bijdragen aan het vredesproces. „Onze geschiedenis in Marokko laat zien dat we beter kunnen samenleven dan we in Israël doen, ongeacht onze verschillende religies.” Daarnaast is ze gewoon blij dat ze voortaan een directe vlucht naar Casablanca kan nemen en dat haar Marokkaanse vrienden haar in Jeruzalem kunnen komen opzoeken.