Ethiopië roept ‘weerbare’ burgers op in dienst te gaan

Strijd rond Tigray Een oproep tot vrijwillige mobilisatie laat zien hoe de strijd tussen het leger en de Tigrese rebellen in het noorden verder escaleert.

De Ethiopische regering heeft dinsdag „alle capabele Ethiopiërs” opgeroepen zich aan te melden bij het leger om de Tigrese rebellen „voor eens en altijd” tegen te houden. Het is tijd, aldus de oproep, voor alle weerbare volwassenen zich bij de strijdkrachten aan te sluiten „en hun patriottisme te tonen”.

Met de oproep, van het bureau van premier Abiy Ahmed, lijkt de regering nu ook openlijk het zelf uitgeroepen staakt-het-vuren te hebben beëindigd. Dat kondigde ze af nadat de Tigrese rebellen het nationale leger in juni hadden verdreven uit de Mekelle, de hoofdstad van Tigray.

De oproep is een nieuwe escalatie in de strijd die begon in november vorig jaar, toen het leger Mekelle bezette uit onvrede over de steeds onafhankelijker koers van het Tigray People’s Liberation Front (TPLF) dat Tigray bestuurde. Deze legeroperatie, waarbij honderden Tigrese burgers omkwamen, was officieel een reactie op aanvallen op de legerkampen door TPLF-troepen. Na zich maanden te hebben verschanst in de bergen, heroverden de TPLF-rebellen Mekelle in juni, waarna zij het initiatief behielden in de opgelaaide strijd.

De laatste weken is elders in Ethiopië een uitgebreide campagne gaande om manschappen te mobiliseren voor het verzwakte leger, is de bevolking opgeroepen bloed te geven en zijn demonstraties georganiseerd om de regering van Ahmed te steunen. Intussen rukten Tigrese troepen op naar de aangrenzende provincies Amhara en Afar en raakten ze slaags met Amhaarse troepen.

Strijd naar Afar uitgebreid

Getachew Reda, woordvoerder van de Tigrese rebellen, bevestigde vorige week tegenover persbureau AP dat de strijd naar Afar was uitgebreid om een belangrijke weg in te nemen die de rest van Ethiopië verbindt met buurland Djibouti aan de kust. De weg fungeert als levensader voor het land, dat zelf geen haven bezit. Reda noemde de operatie „part of the game”. De rebellen hadden de weg ingenomen omdat de bewoners van Tigray honger leden, en niet „om de andere delen van Ethiopië dwars te zitten”, zei hij.

Vorige week veroverden de Tigrese rebellen ook de stad Lalibela in Amhara, die beroemd is om zijn in rotsen uitgehouwen kerken en op de Werelderfgoedlijst van Unesco staat. De VN-organisatie liet dinsdag weten „erg bezorgd” te zijn over het lot van de monumentale kerken en riep alle betrokkenen op het erfgoed te ontzien.

De Verenigde Naties stelden eerder dit jaar dat bij het conflict in Tigray duizenden mensen zijn omgekomen en dat zo’n twee miljoen Ethiopiërs ontheemd zijn geraakt. Daar kwamen deze week de „uiterst alamerende” berichten bij dat ruim tweehonderd doden vielen bij een aanval op kampen voor ontheemden in Afar, aldus de VN. De regering heeft de Tigrese rebellen van de aanval beschuldigd, maar zij ontkennen.

Hulp voor de hongerende bevolking van Tigray verloopt intussen moeizaam. Ook zijn hulpverleners doelwit geworden in de regeringscampagne. De oproep van dinsdag spreekt van leden van de internationale gemeenschap die „op heterdaad zijn betrapt” bij het verlenen van steun aan de Tigrese rebellen „onder het mom van humanitaire hulp”.