Opinie

Wie de Taliban gelooft op hun woord is naïef

Afghanistan Vrede in Afghanistan is een illusie, gezien het offensief van de Taliban. Pakistan moet worden aangepakt voor het steunen van deze organisatie, meent .
Binnenlandse vluchtelingenkinderen in een vluchtelingenkamp bij de Afghaanse hoofdstad Kaboel.
Binnenlandse vluchtelingenkinderen in een vluchtelingenkamp bij de Afghaanse hoofdstad Kaboel. Foto WAKIL KOHSAR / AFP

Sinds de aankondiging van de Amerikaanse president Joe Biden, afgelopen mei, om voor 11 september 2021 alle buitenlandse troepen onvoorwaardelijk terug te trekken uit Afghanistan, heeft de Taliban veel grondgebied veroverd. Daar waar zij in mei de macht hadden over 20 procent van het land, wordt nu geschat dat zij de macht hebben over ongeveer 50 procent. Sinds hun militaire verlies in 2001 heeft de organisatie nog nooit zo veel grondgebied in handen weten te krijgen. In de afgelopen week zijn de Taliban diverse offensieven begonnen in grote steden waaronder Herat, Helmand, Kandahar en de hoofdstad Kaboel. Duizenden families raken ontheemd als gevolg van het toenemend geweld.

Dat het land zich in een kritieke situatie bevindt, is volgens president Ashraf Ghani te wijten aan de „abrupte” beslissing van de Verenigde Staten om een eind te maken aan de internationale militaire aanwezigheid in Afghanistan. In werkelijkheid had conform de overeenkomst tussen de VS en de Taliban het terugtrekken van de troepen al in mei moeten plaatsvinden. Maar anders dan de overeenkomst die de terugtrekking van troepen verbond aan voorwaarden, zoals ontwapening van de Taliban, is het huidige besluit onvoorwaardelijk. Inmiddels is de deadline voor het terugtrekken van troepen zelfs vooruitgeschoven naar 31 augustus.

Vrij reizen

Juist nu de Taliban sterker zijn dan dat ze in de afgelopen twintig jaar zijn geweest en alle middelen inzetten om een militaire overwinning te behalen, wordt hun positie op het internationaal toneel gelegitimeerd. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft sancties tegen de organisatie versoepeld waardoor haar vertegenwoordigers vrij kunnen reizen. Dat stelt ze in staat om diplomatieke relaties aan te gaan met landen als Pakistan, Iran en China. Daarnaast geven de vertegenwoordigers regelmatig interviews aan grote nieuwszenders.

Lees ook: ‘Waar de Taliban regeren worden rechten beknot’

Diplomatieke relaties aangaan is onderdeel van de strategie van de Taliban om het etiket van terreur af te schudden en hun legitimiteit te vergroten. De Taliban doen flink hun best om de buitenwereld de indruk te geven dat ze hebben geleerd van hun fouten in het verleden en ideologische veranderingen hebben aangenomen. Zo hebben woordvoerders meerdere malen aangegeven geen problemen meer te hebben met educatie van meisjes en vrouwenrechten (mits binnen de kaders van de sharia). Toch is wie de Taliban gelooft op hun woord naïef.

Op sociale media worden beelden verspreid waarin het handelen van de Taliban duidelijk wordt. Vrouwen die zweepslagen krijgen, handen die worden afgehakt als straf voor diefstal, het vermoorden van ambtenaren en van entertainers zoals de komiek Nazar Mohammad wiens executie op 22 juli in Kandahar werd gefilmd en verspreid. Deze beelden geven een inkijk in de onveranderde ideologie van de Taliban en wat het volk te wachten staat als zij aan de macht komen.

Toch worden relaties met de Taliban gerechtvaardigd met het argument dat ze noodzakelijk zijn voor een goed verloop van het intra-Afghaans vredesproces dat begon in september en tot dusver geen praktische resultaten heeft opgeleverd.

Afghanen moeten zelf de regie krijgen over het vredesproces

Het Afghaanse vredesproces was vanaf het begin gedoemd om te falen zoals verschillende academici voorspelden. Zo zouden er volgens de theorie van de Amerikaanse hoogleraar I. William Zartman twee essentiële voorwaarden voor een succesvol vredesproces zijn: beide partijen moeten erkennen dat de status quo niet uit te houden is én dat een vredesproces de enige uitweg is. In het Afghaanse geval geloven zowel de Taliban als de Afghaanse overheid (voor zover wij weten) dat een militaire overwinning haalbaar is.

Pakistan

Dat de Taliban ondanks de buitenlandse militaire aanwezigheid en miljoenen dollars die in het land zijn gepompt juist sterker zijn geworden heeft voor een groot deel te maken met de onvoorwaardelijke steun die zij krijgen van buurlanden – voornamelijk Pakistan – en met het toelaten van deze financiering door grootmachten zoals de VS. Pakistan heeft een geschiedenis met het financieren en huisvesten van Afghaanse anti-overheidsgroeperingen. Het land was samen met de VS en Saudi-Arabië een belangrijke factor in het financieren van moedjahedien-groepen in de strijd tegen de Sovjet-Unie en het communisme in Afghanistan.

De Taliban komen voort uit de ex-moedjahedien en studenten uit de religieuze scholen, madrassa’s, in Pakistan. Al langer is daarom duidelijk dat geen enkel vredesproces in Afghanistan succesvol zal zijn zolang de rol van Pakistan niet wordt erkend en aangepakt.

Het is ironisch dat terwijl Afghanistan in 2001 werd binnengevallen omdat de Taliban weigerde Osama Bin Laden uit te leveren, Bin Laden in 2011 door de VS werd gedood in Abbottabad, Pakistan, waar hij jarenlang schuil had gezeten en dat bekend staat als een militair bolwerk.

Lees ook: Vredesakkoord met Talibaan is nog geen eind aan de oorlog

Hoewel er ongetwijfeld een link is tussen het terugtrekken van buitenlandse troepen en de toename van het geweld, geloof ik niet dat uitstel van terugtrekking van de troepen de situatie had kunnen verbeteren. Als militaire aanwezigheid het antwoord was, dan was de Taliban na het verlies van 2001 niet meer teruggekeerd. In feite hebben internationale troepen, ook Nederlandse, zich net als de Taliban schuldig gemaakt aan het vermoorden van onschuldige burgers.

Ontwapenen Taliban

De nadruk dient te liggen op het ontwapenen van de Taliban, in feite nog altijd een terroristische organisatie. In het internationaal recht gelden sancties tegen het financieren en bewapenen van terrorisme. Het is cruciaal dat deze worden opgelegd aan buitenlandse actoren die zich hieraan schuldig maken. Door de financiële stromen aan te pakken en de Taliban te ontwapenen wordt hun overwinning irreëel en alleen dan krijgt het vredesproces een kans. Voor het vredesproces is het verder van belang dat buitenlandse bemoeienis wordt beperkt en dat Afghanen zelf de regie krijgen.

In de tussentijd dient de internationale gemeenschap toegewijd te blijven aan het verlenen van humanitaire steun. Door de verslechterde situatie in het land sluiten ambassades en vertrekken veel NGO’s. Dat terwijl Afghanistan voor veel basisbehoeften afhankelijk is van buitenlandse steun. Een verslechtering in de toegang tot basislevensbehoeften van de burgers kan een voedingsbodem vormen voor radicalisering en terrorisme.

De situatie is grimmig. Mensenrechten zijn in gevaar en met name vrouwen en minderheden, die zich de donkere dagen van het Taliban-regime nog kunnen herinneren, houden hun hart vast. Als reactie op het offensief van de Taliban schreeuwden afgelopen week burgers in verschillende steden „Allahu Akbar”, God is de grootste. Het is een signaal van vertrouwen in God dat sterker is dan de angst voor de Taliban, een signaal van eenheid tegen de onderdrukker, maar ook om de Afghaanse Nationale Defensie- en Veiligheidstroepen een hart onder de riem te steken. Want nu buitenlandse militairen vertrekken, ligt het lot voor een groot deel in handen van jonge mannen en vrouwen die hun leven op het spel zetten om hun land te verdedigen.