Steeds meer wordt duidelijk hoe groot het chiptekort is voor de auto-industrie

Productieachterstand Autofabrikanten konden de bestellingen niet bijhouden door het chiptekort. Hun resultaten zijn nog goed. Maar hoelang nog?

Een werknemer aan het werk op de productievloer in de BMW-fabriek in San Luis Potosi, Mexico.
Een werknemer aan het werk op de productievloer in de BMW-fabriek in San Luis Potosi, Mexico. Foto Mauricio Palos/Bloomberg

Na een slecht coronajaar scheen voor autofabrikanten begin 2021 weer de zon. De lockdowns leken op hun einde te lopen en opgepot geld van consumenten zocht een bestemming. Het gevolg: een enorme boost voor de autoverkopen. Dat momentum werd echter ruw verstoord toen duidelijk werd dat die toegenomen vraag de industrie voor een probleem zou stellen. Een nijpend chiptekort.

Lees ook: De autoindustrie hamstert chips alsof het toiletrollen zijn

Dinsdag waren Stellantis (Fiat, Peugeot) en BMW de volgende grote autofabrikanten die zich voegden bij het rijtje wagenbouwers dat waarschuwde voor een tekort aan halfgeleiderchips en de gevolgen daarvan in de tweede helft van het jaar. „Hoe langer de knelpunten in de bevoorrading duren, hoe gespannener de situatie zal worden”, zei BMW-topman Nicolas Peter.

Een moderne auto kan wel meer dan duizend chips bevatten. Die regelen van alles. Van het motormanagement en parkeerondersteuning tot remsensoren en navigatietoepassingen.

De vraag naar nieuwe auto’s, en daarmee dus nieuwe chips, kwam op een moment dat de chipindustrie eigenlijk al overvraagd werd. De thuiszitter had behoefte aan afleiding. Dat zorgde voor grote belangstelling voor allerlei vormen van consumentenelektronica en aanverwante producten: van nieuwe laptops en spelcomputers tot servers voor datacentra.

Het gebeurde bovendien op een moment dat verschillende chipproductielocaties te maken hadden met tegenslagen als noodweer en een lang aanhoudende stroomstoring. Dus waar de vraag toenam, daalde het aanbod.

Steeds problematischer

De laatste weken wordt duidelijk hoe groot het chiptekort voor de auto-industrie inmiddels is. Het Verenigd Koninkrijk kende in juni de op één na slechtste wagenproductie sinds 1953: 69.000 exemplaren. Alleen in juni 2020, toen de productie zich door de coronacrisis op een dieptepunt bevond, werden nog minder auto’s geproduceerd: 56.500.

In Nederland werden in juli 26.883 personenauto’s op naam gezet. Dat was ruim 22 procent minder dan een jaar geleden. Door een goed begin van het jaar vallen de cijfers over de eerste zeven maanden nog enigszins mee. Er werden bijna 190.000 auto’s geregistreerd – 1,5 procent minder dan in dezelfde periode in 2020.

Lees ook: De troef van Stellantis bij elektrisch rijden is schaal

Dat raakt autoproducenten. Zoals het nieuwe fusiebedrijf tussen de Franse autogroep PSA (Peugeot, Citroën) en het Amerikaanse FCA (Fiat, Chrysler, Alfa Romeo). Financieel directeur Richard Palmer zei dinsdag ervan uit te gaan dat het tekort nog tot minstens het vierde kwartaal zal voortduren. Het bedrijf zal daardoor 1,4 miljoen auto’s niet kunnen produceren die wel voor 2021 begroot waren.

Het tekort aan chips zou nog weleens tot ver in 2022 kunnen duren

BMW-topman Nicolas Peter zei eveneens rekening te houden met gevolgen voor zijn bedrijf. Eerder al moest autofabrikant VDL Nedcar in mei de productie dagenlang stilleggen vanwege een tekort aan elektronische onderdelen. De grootste Nederlandse autoproducent bouwt voor BMW meerdere modellen van de Mini en de BMW X1. Topman Peter: „We verwachten dat de productiebeperkingen in de tweede helft van het jaar zullen voortduren en dus een overeenkomstige impact op de verkoopvolumes.” Tesla-topman Elon Musk noemde het probleem vorige week al „behoorlijk ernstig”.

De Duitse chipmaker Infineon Technologies waarschuwde dinsdag dat het tekort nog weleens tot „ver in 2022” kan duren. De laatste golf aan coronagevallen belemmert de productie in Azië momenteel. „Het herstel van de wereldwijde automarkten wordt nog steeds gehinderd door acute leveringsbeperkingen in de hele waardeketen”, vertelde Infineon-topman Reinhard Ploss aan analisten. „Al met al zal het tijd kosten om weer een evenwicht tussen vraag en aanbod te bereiken.”

Resultaten nog goed

Dat de chiptekorten een steeds groter probleem lijken te vormen voor de industrie, bleek dinsdag nog niet uit de halfjaarresultaten. Zo rapporteerde Stellantis een nettowinst van 5,9 miljard euro tegenover een verlies van 813 miljoen euro over de eerste zes maanden van 2020. Dat kwam onder meer door de kostenbesparingen die met de fusie gepaard gaan en in het eerste halfjaar 1,3 miljard euro opleverden.

Het Duitse BMW profiteerde van een toegenomen belangstelling voor luxeauto’s. Die hebben een hogere winstmarge dan gewone personenauto’s. BMW behaalde daardoor een nettowinst van 4,8 miljard euro, tegenover een verlies van 212 miljoen euro in het tweede kwartaal van 2020.