Recensie

Recensie Film

‘Minari’: migratieverhaal vol licht, humor en nostalgie

Drama ‘Minari’, over het naar de VS geëmigreerde gezin Yi, combineert tragedie met lichtheid doordat het verhaal ook wordt verteld vanuit het perspectief van de 7-jarige David. Voor hem voelt het nieuwe stukje familieland spannend en haast magisch.

Jacob (Steven Yeun) en zijn zoontje David (Alan S. Kim), in ‘Minari’.
Jacob (Steven Yeun) en zijn zoontje David (Alan S. Kim), in ‘Minari’. Foto Melissa Lukenbaugh

Vanaf de eerste momenten baadt Minari in zacht, warm licht. Het blijkt kenmerkend voor het familiedrama, dat losjes is gebaseerd op de jeugd van regisseur Lee Isaac Chung. De film volgt het uit Korea naar de VS geëmigreerde gezin Yi in de jaren tachtig. Vader Jacob (Steven Yeun) beslist vanuit Californië naar het landelijke Arkansas te verhuizen om daar een boerderij te beginnen. Moeder Monica (Yeri Han) kan bij aankomst de teleurstelling niet onderdrukken; hun nieuwe woning is een camper ver weg van voorzieningen als een ziekenhuis. Haar man is juist blind voor mogelijke obstakels, zoals de hartproblemen van zoon David (Alan S. Kim); hij ziet alleen nieuwe mogelijkheden. Die omschrijving klinkt als een recept voor een tranentrekker, maar tragedie wordt in Minari voortreffelijk gebalanceerd met lichtheid, nostalgie en humor.

Die laatste ontstaan doordat Chung het verhaal deels vertelt vanuit het perspectief van de 7-jarige David, voor wie het nieuwe stukje familieland spannend en haast feeëriek voelt – overgebracht via veel shots laag bij de grond en lensflares die een zonnig gevoel oproepen. Maar ook door de erg geestige opmerkingen en personages waar het verhaal mee doorspekt is. Meest opvallende is Soonja, moeder van Monica, die het gezin vergezelt vanuit Korea nadat door een orkaan spanningen zijn ontstaan tussen het stel. Yuh-Jung Youn zet een heerlijk eigenzinnige, vloekende oma neer die tot teleurstelling van David en zijn iets oudere, serieuze zusje Anne (Noel Kate Cho) geen koekjes bakt, maar mannenonderbroeken draagt en „ruikt naar Korea”. Youn kreeg een Oscar voor haar rol, maar ook de rest van de cast wisselt overtuigend bittere, zoete en grappige momenten af. Zo is Kim perfect gecast als de kwajongensachtige David, die Soonja urine serveert als wraak voor de vieze medicatie die zij voor hem meebracht uit Korea.

Lees ook een achtergrondartikel: ‘Minari’ herschrijft de Amerikaanse droom

Minari is een traditioneel migratieverhaal, inclusief details die voor sommige immigranten herkenbaar zullen zijn, zoals Jacobs voorstel om de eerste nacht samen als gezin op de vloer van de camper te slapen. De schoonheid van dat beeld wordt later duidelijk. Ook heeft de film een scherp oog voor de beproevingen van veel nieuwkomers. Jacob en Monica moeten hun geld bijeensprokkelen via een rotbaantje, het seksen van kuikentjes. Van hun loon gaat bovendien een deel naar de familie in hun geboorteland. Ook krijgen ze te maken met racisme, vooral door onwetendheid. Tegelijkertijd wordt gegniffeld over absurde Amerikaanse plattelandsgebruiken.

Wat Minari opmerkelijk maakt is dat het al deze aspecten subtiel verwerkt in een film die verbittering en slachtofferschap overstijgt. Zo wordt David vriendjes met de jongen die eerder nog een opmerking maakte over „zijn platte gezicht”, zonder dat er woorden aan vuil worden gemaakt. Chung focust vooral op de dynamiek binnen het gezin; op de botsing tussen dromer Jacob, die „niet zijn hele leven naar kippenkonten wil kijken”, en realist Monica, die vereenzaamt en geen risico’s wil nemen met haar kinderen. Het resultaat is een aangrijpende film over het overleven van tegenslagen als gezin, los van waar je wortels liggen.