Big Oil fêteert aandeelhouders om ze te behouden, ook in tijden van energietransitie

Kwartaalwinst De hoge olieprijs en het snelle economische herstel zorgen voor hoge winsten in de oliesector. Tijd om de belegger te paaien.

Ochtendmist omhult de Horton-bollen die gebruikt worden als drukvaten voor opslag op de Total SE Grandpuits olieraffinaderij in Frankrijk.
Ochtendmist omhult de Horton-bollen die gebruikt worden als drukvaten voor opslag op de Total SE Grandpuits olieraffinaderij in Frankrijk. Foto Cyril Marcilhacy/Bloomberg

Een veel hogere winst en leuke extraatjes voor de aandeelhouders. Dat staat centraal in de kwartaalresultaten van de grote olieconcerns die recent zijn gepresenteerd. Het Britse BP sloot dinsdag de rij met een winst van 2,8 miljard dollar (2,4 miljard euro). Van april tot en met juni in 2020 werd nog een verlies van 6,7 miljard dollar geleden.

Ook voor financieel analisten kwam de hoge winst van BP als een verrassing, want de gemiddelde verwachting was ‘slechts’ 2,2 miljard dollar. Het concern hield daarmee voldoende ruimte voor een dividendverhoging en de toezegging om voor 1,4 miljard dollar eigen aandelen in te kopen. Goed nieuws voor de beleggers, want inkoop van eigen aandelen verhoogt de winst per aandeel bij een gelijkblijvende winst.

Shell en ook de Amerikaanse concurrenten Exxon en Chevron kwamen vorige week al met glanzende resultaten. De aanjager van de hoge kwartaalwinsten ligt voor de hand: de huidige olieprijs. April vorig jaar, toen het leven door het coronavirus stil kwam te liggen, dook de prijs van een vat Europese Brent onder de 30 euro. In 2021 kwam de olieprijs in het tweede kwartaal niet onder de 60 euro en de stijging lijkt alleen maar door te gaan: vandaag de dag kost een vat Brent 73 dollar.

„Door de kracht van onze prestaties kunnen we de uitkeringen aan de aandeelhouders verhogen”, zei bestuursvoorzitter Ben van Beurden van Shell in een toelichting op de jaarcijfers. Afgelopen kwartaal werd een winst van 5,5 miljard dollar geboekt en kwam er voor maar liefst 14,2 miljard aan geld binnen. Ook voor Shell is dat een serieuze kasstroom. Aanleiding genoeg om niet alleen het dividend met bijna 40 procent te verhogen, maar ook voor 2 miljard dollar eigen aandelen in te kopen. Die inkoop wordt dit jaar al afgerond.

Contrast met vorig jaar

Het contrast met vorig jaar is groot. Toen meldde Shell halverwege het boekjaar een verlies van ruim 18 miljard dollar, onder meer als gevolg van forse afboekingen. Bij Exxon werd in het tweede kwartaal 4,6 miljard dollar winst gemaakt, tegen een verlies van ruim 1 miljard in 2020. Zelfde verhaal bij Chevron dat een verlies van 8,3 miljard dollar zag omslaan in een winst van 3,1 miljard.

„Wat je ziet is echt een teken van vertrouwen”, zei Bernard Looney, de hoogste man bij BP, dinsdag tegenover Bloomberg over de kwartaalcijfers. Vertrouwen in de prestatie en de financiële gezondheid van BP, aldus de Ier die het contrast met een jaar geleden schetste. De wereldeconomie herstelt zich sneller dan verwacht van de pandemie, het oliekartel OPEC weet samen met Rusland de prijs hoog te houden en in Amerika zijn de producenten van schalie-olie meer bezig met geld verdienen dan – ondanks de hoge prijzen – met investeren in nieuwe oliebronnen. En dat scheelt heel wat druk op de prijs. „Het is nu echt een andere wereld waardoor we de beslissing over [meer] dividend hebben kunnen nemen.” De winstuitkering gaat bij BP met 4 procent omhoog.

De vraag dringt zich op of al dat geld niet beter naar verduurzaming kan gaan

De gulheid van de oliebedrijven is opvallend, alleen Exxon, het moederbedrijf van Esso, zag af van hoger dividend of extra inkoop van eigen aandelen. De vrijgevigheid is niet alleen een compensatie voor de moeilijke tijd die bezitters van olie-aandelen de laatste tijd hebben gehad. Want twee jaar geleden noteerde een aandeel Shell zo’n 25 euro, tegen 17,50 euro op dit moment. Maar het nadrukkelijke vertrouwen moet vooral aantonen dat er volop reden is voor optimisme, ook voor de belegger in de fossiele industrie.

Die oliebedrijven staan overigens niet alleen, wanneer het aankomt op het paaien van de aandeelhouders. Ook Philips, KPN en ASML maakten onlangs bekend eigen aandelen te gaan inkopen. Maar gezien de uitdagingen waar de oliebedrijven voor staan, dringt de vraag zich op of er niet betere bestedingen zijn. Bijvoorbeeld in de verduurzaming van hun activiteiten.

Lees ook: Olieconcerns staan nu van alle kanten onder druk

Die investeringen zijn nu nog beperkt. BP investeert dit jaar voor 2 miljard dollar in verduurzaming op een totaal van 13 miljard. Shell steekt naar eigen verwachting wereldwijd 2 tot 3 miljard dollar in hernieuwbare energie, op een totaal van minimaal 19 miljard. Daarbij gaat het om initiatieven rond wind- en zonneparken en bijvoorbeeld groene waterstof. Die groene investeringen zijn dit jaar dus nauwelijks hoger dan wat er besteed wordt aan de inkoop van eigen aandelen.

Vertrouwen beleggers behouden

Maar, tekent een woordvoerder van Shell aan, de investeringen in verduurzaming zijn in werkelijkheid veel hoger. Investeringen in bijvoorbeeld schonere fornuizen bij Shell Moerdijk horen niet bij de genoemde 2 tot 3 miljard dollar. Hetzelfde geldt voor de bouw van laadpalen. In Nederland telt dat volgens Shell jaarlijks op tot investeringen van 1 miljard in de energietransitie. „Daarnaast zouden we graag in meer grote projecten stappen, maar die zijn er niet of zijn onvoldoende renderend.”

Met de huidige olieprijzen zullen de rendementen in duurzamer activiteiten altijd achterblijven, zoveel is duidelijk. Juist dat hoge rendement van dit moment maakt de vrijgevigheid aan de belegger mogelijk. De hoge uitkeringen aan aandeelhouders, schreef Financial Times dinsdag in een nieuwsbrief, „blijven het grootste argument” om aandelen Big Oil in bezit te hebben, als „de verschuiving naar schonere brandstoffen de fossiele activiteiten overschaduwt.”