Bas Borsje buitendijks bij Wierum: „Een dijk hoeft veel minder hoog te zijn als je een kwelder hebt.”

Foto Sake Elzinga

Interview

Een levende dijk groeit mee met de zee

Bas Borsje | kustwaterbouwkundige Geasfalteerde dijken zijn niet duurzaam. Bas Borsje pleit voor levende dijken, met kwelders.

Dit gesprek moest absoluut plaatsvinden bij de kust. Niet in zijn kantoor bij de Universiteit Twente, zegt Bas Borsje terwijl we door Friesland naar Wierum rijden, een dorpje tegen de Waddenzeedijk. Voor zijn onderzoek naar natuurlijke kustbescherming werkt hij niet alleen aan theoretische modellen, maar staat hij ook regelmatig met zijn voeten in de modder.

Bij aankomst loopt hij meteen de dijk op. „Ik wil altijd eerst even het water zien.” De Waddenzee ligt er rustig bij. In de verte varen zeilschepen. De hoge geasfalteerde dijk waar we op staan lijkt overbodig. Maar kalm water kan plots bedreigend worden. Dat maakt de recente watersnood in België, Duitsland en Nederland duidelijk.

Zag u de overstromingen aankomen?

„Dat had niemand zien aankomen. Zeker niet in de zomer, wanneer rivierwater zelden hoog staat. Het drukt ons met de neus op de feiten. We moeten leren omgaan met een veranderend klimaat. Het zal niet de zeespiegelstijging die als eerste grote problemen gaat veroorzaken, maar de extreme weersverschijnselen: enorme regenbuien, droogte en stormen. Op dat gebied hebben we als waterbouwers nog veel te leren.”

Hoe is waterschade te beperken?

„In het zuiden van Nederland hadden we de dijken bij de rivieren netjes op hoogte, maar het bleek dat vooral de beken problemen veroorzaken. We moeten het hele landschap erbij betrekken en meer ruimte en buffers creëren voor het water. Dat is lastig in heuvelachtige gebieden. Stroomafwaarts heb je meer ruimte. Bij de Nederlandse Maas waren er al enkele noodoverloopgebieden, waardoor de problemen er iets minder extreem waren.

Foto Sake Elzinga

„Water meer ruimte geven vereist een andere inrichting van je landschap, waarbij boeren en campingeigenaren af en toe moeten accepteren dat hun land onderloopt. Dat is makkelijk gezegd vanuit Twente of Wierum. Het is lastig uit te voeren. Mensen willen dicht bij beken en rivieren wonen, omdat dat de mooiste plekken zijn. Iedereen wil het water zien, maar als het omhoog komt, wil niemand er dichtbij wonen.”

De realisatie dat waterbouw aan verandering toe is, daalt in. Dat blijkt uit de recente toekenning van financiering voor twee onderzoeksprojecten van Borsje. Hij gaat werken aan ‘zachte’, natuurlijke kustbescherming. Kwelders, zoals bij Wierum, zijn daar een belangrijk onderdeel van: begroeide stukken land voor een dijk. Bij hoogwater lopen ze onder. Het water dat over een kwelder stroomt, verliest een deel van zijn kracht en golven worden gedempt. Daardoor hoeft de dijk minder aan te kunnen, vertelt Borsje terwijl we op blote voeten tussen de zeekraal over het zand en slib lopen. Het is glad en modderig.

Wat is er mis met de huidige dijken?

„Waar we vanaf willen, zijn al die ‘harde’ constructies, zoals dat ellendige asfalt van deze zeedijk. Het is niet natuurlijk en asfalt moet na ongeveer vijftig jaar vervangen worden. Dat is niet duurzaam en het past niet bij het dynamische karakter van het tij en weer zoals hier in het Waddengebied.

„Door het veranderende klimaat zullen we steeds vaker te maken krijgen met extreme regen, zware stormen en stijging van de zeespiegel. De huidige ‘harde’ dijken kunnen we hoger en steviger maken, maar dat kost miljarden. En dat voelt veilig, maar op de lange termijn is het niet de beste oplossing. Dat zie je bijvoorbeeld bij de Deltawerken in Zeeland. Die zorgen voor problemen met de waterkwaliteit, het milieu en de natuur.”

Waar vind je natuurlijke kwelders?

„In het Waddengebied en in Zeeland. En ook elders, bijvoorbeeld in Amerika, waar ze ‘wetlands’ worden genoemd. Voor de kust van Groningen en Friesland zijn ook half-natuurlijke kwelders die ontstaan zijn doordat er enorme palenrijen neergezet zijn om landbouwgrond te winnen. Doordat we dichter op de zee zijn gaan wonen en ‘harde’ dijken zijn gaan bouwen, zijn de kwelders in het gedrang gekomen. Met mijn onderzoeksgroep richt ik me op hun terugkeer door ‘levende dijken’ te ontwikkelen: zachte grasdijken met een kwelder.”

Foto Sake Elzinga

Wat zijn de voordelen van kwelders?

„We hebben aangetoond dat een dijk veel minder hoog hoeft te zijn als je een kwelder hebt, omdat dat voorland de golven dempt. We gaan natuurlijk geen dijken afgraven, maar dat betekent wel dat je sommige dijken niet hoeft te verhogen. Verder vangen de planten zand en slib in waardoor kwelders meestijgen met de zeespiegel. Ook zijn ze goed voor de biodiversiteit en een effectieve vorm van CO2-opslag.

„Dit weten we van eerder onderzoek aan natuurlijke kwelders. Nu we ze zelf gaan aanleggen wordt het spannend. Ze kosten meer ruimte dan dijken. Omdat je aan de slag gaat met een landschap, moet je er bewoners, pachters, natuurorganisaties, waterschappen en waterstaat bij betrekken. De ingenieur krijgt een meer bescheiden rol.”

Wanneer is de eerste levende dijk gereed?

„Mijn onderzoeksgroep wil binnen vijf jaar een levende dijk realiseren. Daarvoor is gezocht naar een geschikte omgeving. Het is niet voor elke kust een oplossing. We kijken naar twee gebieden, waar de dijk aan vervanging toe is: de dijk tussen de Afsluitdijk en het Lauwersmeer en een gebied op Schiermonnikoog. Maar daar kunnen we pas aan de slag als we hebben aangetoond dat het veilig is.

„Daarom bouwen we een dijk met kwelder na in de Deltagoot in Delft. Deze goot is 300 meter lang, 9,5 meter diep en 5 meter breed. Hierin kunnen de grootste kunstmatige golven ter wereld opgewekt worden. Die golven zullen tegen ons testmodel aanbeuken om te onderzoeken welke begroeiing en type dijk een superstorm aankunnen. Hetzelfde onderzoek gaan we doen bij natuurlijke kwelders. Daarvoor gebruiken we, met het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek in Yerseke, een golfmachine-bouwpakket dat achter op een schip gezet kan worden.

„We gaan ook aan de slag met gigantische paraplu’s van tientallen vierkante meters groot om te onderzoeken wat periodes van droogte met een kwelder doen. Ten slotte kijken we naar de gevolgen van zeespiegelstijgingen. Dat kan niet in het veld. Daarvoor gebruiken we computersimulaties.

„Alle kennis die we hiermee opdoen zetten we om in modellen waarmee we aan het eind van het project een levende dijk ontwerpen. Het lijkt me prachtig om over vijf jaar op luchtfoto’s van Google Earth de kwelder te kunnen zien die wij als onderzoeksgroep hebben ontworpen.”