Redactieraden botsen hard met NPO over kwesties Kaag en Kelder

Publieke omroep Uit mails in handen van NRC blijkt grote onvrede bij journalisten en makers over het uitblijven van een veroordeling door de NPO van de vermeende „politieke inmenging” door D66 en Jort Kelder. „Dat raakt onze onafhankelijkheid.”

Jort Kelder zou de journalistieke code van de NPO flagrant geschonden hebben, volgens medewerkers van NPO, NTR en Nieuwsuur.
Jort Kelder zou de journalistieke code van de NPO flagrant geschonden hebben, volgens medewerkers van NPO, NTR en Nieuwsuur. Foto Sander Koning

Bij journalisten en makers van NOS, NTR en Nieuwsuur heerst grote onvrede over de leiding van de publieke omroep. Zij verwijten NPO-bestuursvoorzitter Shula Rijxman dat zij „de flagrante schending van onze journalistieke code” niet veroordeeld heeft, waar volgens hen sprake van was in de zaak rond programmamaker en presentator Jort Kelder, die een videomaker uit eigen zak ter beschikking stelde aan Forum voor Democratie. Ook willen ze dat het NPO-bestuur zich alsnog uitspreekt over de vermeende invloed op het tijdstip van uitzending van een documentaire over D66-leider Sigrid Kaag door haar campagne-team.

Tweemaal hebben de redactieraden van omroep NTR en actualiteitenprogramma Nieuwsuur samen met de redactiecommissie van de NOS afgelopen week Rijxman dringend gevraagd zich alsnog uit te spreken over de vraag of er „volgens u sprake van ongeoorloofde politieke beïnvloeding” is.

Brandbrief

Uit de emailwisseling, waarover NRC beschikt, blijkt dat de omroepmedewerkers op 22 juli een brandbrief aan Rijxman schreven. „In een periode dat de journalistiek onder grote druk staat, mogen er geen redenen zijn om te twijfelen aan de onafhankelijkheid van de journalistiek van de NPO. Daar komt bij dat NPO-redacties (…) regelmatig zelf berichten over ongeoorloofde belangenverstrengeling en politieke beïnvloeding. Wanneer deze incidenten zich in eigen huis voordoen, doet dat direct afbreuk aan het gezag van onze berichtgeving over dergelijke onderwerpen.”

Lees ook: Kaag-rel laat zien hoe ver pr-adviseurs en woordvoerders gaan voor de beeldvorming

De verenigde journalisten vragen Rijxman verder naar al hun collega’s „te benadrukken dat omroepmedewerkers (…) ongebonden hun werk moeten doen en daarom journalistieke afstand moeten betrachten tot politieke partijen en hun belangen.”

In een uitgebreide mail terug schrijft Rijxman dat ze het met de journalisten eens is „dat de onafhankelijkheid van de NPO het fundament van ons bestel is en boven iedere twijfel verheven moet zijn”. Maar ze wijst erop dat het volgens haar niet aan de NPO is om over individuele programma’s een standpunt in te nemen. De NPO gaat volgens haar over de programmering, de omroepen over de programma’s.

Tegelijk geeft zij in haar brief aan dat omroepen als de VPRO (in de kwestie-Kaag) en WNL (in de kwestie-Kelder) anders functioneren dan de zogeheten taakomroepen NOS en NTR. In het pluriforme bestel is het volgens Rijxman juist de bedoeling dat omroepverenigingen een bepaalde maatschappelijke stroming of doelgroep vertegenwoordigen. „Een maker mag best een bepaalde politieke sympathie hebben en die ook tot uiting brengen. In hoeverre daar ruimte voor is, is aan de omroep.”

Volgens Machteld Veen, voorzitter van de redactieraad van Nieuwsuur haalt Rijxman hier neutraliteit en onafhankelijkheid door elkaar. „Natuurlijk hoeven die omroepen, anders dan NOS en NTR, niet neutraal te zijn. Maar daar gaat het ons niet om. In de journalistieke Code van de omroepen staat dat alle omroepen onafhankelijk moeten zijn. ”

In hun mail terug aan Rijxman herhalen de makers afgelopen donderdagmiddag hun oproep alsnog stelling te nemen. „Wanneer andere omroepen fundamentele vragen oproepen vanwege hun invulling van journalistieke taken, dan straalt dat af op het werk van NOS en NTR.” Wat de makers vooral steekt, is dat zij de logo’s van hun busjes moeten halen en soms zelfs met microfoons zonder logo moeten interviewen omdat hun partijdigheid wordt verweten, terwijl de NPO weigert zich uit te spreken op het moment dat er, in hun ogen, werkelijk partijdigheid optreedt.

Heimelijk

Met het oordeel van de NPO-Ombudsman over de kwestie-Kaag, dat de makers grotendeels vrijpleitte, is de kous volgens hen bovendien nog niet af. Ze wijzen Rijxman erop dat ook de Ombudsman in haar beoordeling óók naar de NPO wijst. Over de kwestie-Kelder lijken de omroepmedewerkers echter het meest misnoegd. In een laatste mail aan Rijxman, deze donderdag, schrijven zij: „De kwestie-Kelder komt er op neer dat een NPO-presentator met een journalistiek profiel heimelijk heeft meebetaald aan de campagne van een politieke partij. En dat niet alleen, hij heeft zich daarna ook in een journalistiek bedoelde context uitgelaten over diezelfde partij. (…) Als u zich over een dergelijke flagrante schending van onze journalistieke code niet uitspreekt, wanneer doet u dat dan wel?”

Rijxman liet deze vrijdagochtend aan de redactieraden weten bij haar eerdere standpunt te blijven. Verder verwijst ze naar het onlangs aangekondigde onderzoek van het Commissariaat van de Media over beïnvloeding in het algemeen en de kwestie-Kelder in het bijzonder. Ze hoopt dat de bezorgde journalisten met het rapport van de Ombudsman in de hand onderling het gesprek aangaan en zegt dat gesprek desgewenst graag te faciliteren.

Verder wil Rijxman tegenover NRC niet reageren, laat haar woordvoerder weten, „omdat het hier gaat om interne communicatie tussen omroepmedewerkers en de NPO”.