Reportage

Misschien is Robert Habeck wel de nieuwe Merkel

Duitsland Wie volgt Angela Merkel op? Annalena Baerbock van de Groenen leek goed op weg, tot ze begon te blunderen. Velen vinden co-voorzitter Robert Habeck van de Groenen een betere kandidaat.

Robert Habeck, co-voorzitter van de Groenen, op campagne in het Noord-Duitse Husum.
Robert Habeck, co-voorzitter van de Groenen, op campagne in het Noord-Duitse Husum. Gregor Fischer / AFP

‘Een natuurramp zoals we die lang niet hebben meegemaakt in Duitsland: het is ongepast daar politieke munt uit te willen slaan.” Robert Habeck, co-voorzitter van de Groenen, staat tien dagen na de watersnood in een openluchttheater in het Noord-Duitse Lübeck. Honderden luisteraars – groepjes studenten, jonge gezinnen, eenlingen – verzamelen zich deze warme juli-avond op houten bankjes rondom een podium in het park. Twee vrouwen klemmen een bord tussen zich in waarop staat: Robert for Kanzler. Een paar oudere vrouwen dragen bordjes om hun nek: Oma’s gegen rechts.

Tien dagen na de watersnoodramp in het westen van Duitsland, die bijna tweehonderd mensen het leven kostte, pakt Robert Habeck zijn campagnetour weer op. Daags na de ramp haastten politici van CDU en SPD zich de catastrofe aan de opwarming van de aarde toe te schrijven, om vervolgens te pleiten voor rigoureuzer klimaatbeleid. De Groenen, die voor de landelijke verkiezingen in september tweede staan in de peilingen, weerstonden de eerste dagen de verleiding om hun gelijk te onderstrepen, en probeerden het in tegenstelling tot de concurrentie met een soort waardig zwijgen. „Op een dag als deze kun je geen campagne voeren”, zei Habeck op de dag van de ramp. En ook nu de verkiezingsstrijd op stoom is, zeggen de Groenen de watersnood niet politiek te willen gebruiken – natuurlijk in de hoop met die houding de kiezersgunst te winnen.

Daartoe neemt Habeck hier in Lübeck alvast de tegenstrever van de christendemocraten, Armin Laschet, op de korrel: „Wat Armin Laschet op dit moment ten beste geeft, is aan wankelmoedigheid amper te overtreffen. Hij zegt de ene dag dat kolenverbranding sneller moet worden gestopt, de volgende dat het plan daarover al vast ligt. Dat apolitieke, het ontwijkende, het wegduiken voor de grote beslissingen: het is sabotage van het democratische debat.”

Voor Bündnis 90/Die Grünen verloopt de campagne voor de Bondsdagverkiezingen deze zomer even grillig als de Duitse barometerstanden. Toen beide voorzitters, Robert Habeck en Annalena Baerbock, in april bepaalden dat Baerbock lijsttrekker zou worden, schoot de partij omhoog in de peilingen. De veertigjarige Baerbock was de belofte van een nieuwe politiek. Empathisch, benaderbaar, groen en toekomstgericht. Naast de kandidaten van de andere partijen, de zestigers Armin Laschet (CDU) en Olaf Scholz (SPD), stak Baerbock af als een overtuigend alternatief.

Baerbocks hoge vlucht hield ongeveer een maand aan. Daarna stapelde de kritiek zich op. Haar cv toonde onzorgvuldigheden; er was discussie over de wijze waarop zij Engelse diploma’s in het Duits had vertaald. Online trollen maakten ervan dat Baerbock nooit was afgestudeerd. Bijverdiensten, zoals een coronabonus die was uitgekeerd door de partij, meldde ze te laat.

Zij, en haar partij, wisten niet goed om te gaan met de kritiek. Op het partijcongres, waar Baerbock het bij een kort statement hield, riep ze bij het verlaten van het podium in de nog open microfoon hartgrondig „Scheisse”. In de peilingen raakten de Groenen in een vrije val, Baerbock ging met vakantie. Van binnen en buiten de partij klonk het dat Habeck het lijsttrekkerschap zou moeten overnemen – wat Habeck niet van plan is, zoals hij afgelopen dinsdag nogmaals zei.

Popidool

Twee weken voor zijn optreden in Lübeck trapt Habeck de campagne van de Groenen af op het vakantie-eiland Sylt, als begin van een tournee langs de kustplaatsen van Sleeswijk-Holstein. Op de eilanden en in de stadjes wordt Habeck als een popidool onthaald; hij was tussen 2012 en 2018 minister voor Milieu in de Noord-Duitse deelstaat. Waarom begint hij met een onvervalste thuiswedstrijd? Habeck, defensief: „Ik heb een verantwoordelijkheid jegens Sleeswijk-Holstein, waar mijn kiesdistrict is, waar ik de mensen kan mobiliseren.” Dan: „Maar ja, soms voelt het een beetje als de thuiskomst van de verloren zoon.”

De verloren zoon wordt overal waar hij komt staande gehouden voor foto’s. Op Sylt laat een tienermeisje met een Billie Eilish-T-shirt zich met Habeck door haar vader fotograferen. Als Habeck na zijn praatje voor zo’n zeshonderd toehoorders op het plein in Sylt wegloopt richting strand, vormt zich achter hem een lange karavaan. Vakantiegangers laten hun glas Aperol-Spritz op hun terrastafels achter om een glimp van hem op te vangen.

„De aanvallen op Baerbock waren absoluut onder de gordel”, zegt Ann-Kathrin Tranziska, voorzitter van de Groenen in Sleeswijk-Holstein, later op de veerboot van het eiland Amrum naar Föhr. De meest slepende affaire speelt sinds eind juni. Een Oostenrijkse mediawetenschapper en zelfbenoemd „plagiaatjager” stortte zich op Baerbocks onlangs gepubliceerde boek en vond rond de vijftig passages die uit andere publicaties zijn overgenomen. De eerste verdedigingslinie van de Groenen was de aanval: het zou „karaktermoord” zijn.

Habeck, met zijn schoenen net weer aan na een wandeling op het Duitse wad: „De laatste weken waren niet bepaald goed. Vertrouwen verdampt snel.” Baerbock en hij delen het voorzitterschap van de partij sinds 2018. Zij moesten onder elkaar uitmaken wie van hen aan zou treden als kandidaat-kanselier; omdat de partij emancipatie in de grondbeginselen heeft staan, werd het Baerbock. Maar een deel van de partij vindt dat Habeck, nu Baerbock de partij van een hoogconjunctuur in een dal heeft gestort, alsnog haar kandidatuur moet overnemen. Zelfs de groen-gezinde Tageszeitung schreef dat Baerbock plaats zou moeten maken.

Ik zie het als mijn taak een vorm en een taal te vinden waarmee ik iedereen kan bereiken

Nina Krainz, lid van de Groenen, zit in het havenstadje Husum op de rand van een fontein naar Habeck te luisteren. „Ik ben een beetje vertwijfeld over de gang van zaken de laatste weken. Soms denk ik dat het beter zou zijn Habeck alsnog naar voren te schuiven.” Krainz vindt dat Habeck heeft bewezen dat hij kan verzoenen en compromissen kan vinden, in tegenstelling tot Baerbock, die geen bestuurservaring heeft. „Habeck kon hier als minister ook met de boeren en de vissers een gesprek voeren, en hen aan tafel krijgen met de milieubescherming.”

Verderop op de fonteinrand schrijft Jörg, een vijftiger die zijn achternaam niet in de krant wil, een vraag voor Habeck op een briefje. „Of hij zich al gereed maakt voor een kanselier-kandidatuur in 2025.” Door de blunders van Baerbock worden nog eens vier kostbare jaren voor het milieu verkwanseld, vindt Jörg.

Stadsmensen

Onder het voorzitterschap van Habeck en Baerbock straalden de Groenen de laatste drie jaar uit een goed geoliede machine te zijn, rijp om mee te regeren. „We zijn niet langer een protestpartij”, zegt Habeck zelf op het podium op Sylt. Deze nieuwe Groenen willen een „volkspartij” zijn, een partij voor iedereen. Ann-Kathrin Tranziska: „Voor mij houdt een volkspartij in dat je leden en kiezers uit alle lagen van de bevolking hebt. Maar dat betekent niet dat het rebelse weg is. Wij hebben onze standpunten niet veranderd, de maatschappij is bij ons aangekomen.”

Maar net als aan groene partijen elders in Europa kleeft aan de Groenen in Duitsland het beeld van een partij voor goedverdienende stadsmensen, zoals zij die nu op Sylt glazen sekt drinken op het terras. Habeck: „Volgens mij heb ik in Sleeswijk-Holstein laten zien dat landelijke gebieden en de Groenen heel goed samengaan. De windenergie heeft de regio rijk gemaakt. Ik zie het als mijn taak een vorm en een taal te vinden waarmee ik iedereen kan bereiken. Ik wil niet dat ze zeggen: de Groenen, dat zijn die omhooggevallen lui van Sylt.” En, voegt hij enigszins bedrukt toe: „De laatste weken waren niet behulpzaam voor dat project.”

De plagiaatbeschuldigingen aan het adres van Baerbock en de verdedigingslinie van de partij hebben niet bijgedragen aan de geloofwaardigheid. En dat raakt ook de ambitie van Habeck, namelijk een open en transparante politiek bedrijven waar iedereen zich in kan vinden. Habeck: „Juist op het platteland beroept men zich er graag op dat men zegt waar het op staat.”

Over Fit for 55, het Europese programma om de CO2-uitstoot in te krimpen tot 55 procent, gemeten vanaf 1990, zegt Habeck op het marktplein in Husum: „Wat ontbreekt is de sociale component. Want tanken en stoken worden duurder, er moet geld terug naar de mensen.” En naar de bedrijven, vult hij later op de veerboot aan: „Je kunt niet de rederij van deze veerboot opdragen om in 2035 klimaatneutraal te zijn zonder die te ondersteunen bij de transitie.” Toch komt het maar mondjesmaat aan, dat de Groenen een partij voor ondernemers is, of een partij voor de ‘sociale component’. Habeck knikt: „Ik kan niet anders dan dat honderd keer uitleggen. En misschien komt het dan op een gegeven moment aan. Ik verlang niets onmogelijks.”