Hoe AstraZeneca de vaccinrace verloor en een B-merk werd

Coronavaccin AstraZeneca was beoogd hofleverancier van de EU maar verloor de vaccinrace. Steeds meer armere landen wijzen dit vaccin nu ook af.

Foto Christof STACHE/AFP

Trots kondigde Ursula von der Leyen deze week aan dat de vaccinatiecampagne van de EU een nieuwe mijlpaal had bereikt: 70 procent van alle volwassenen in de EU heeft een eerste coronaprik gehad. Precies zoals de voorzitter van de Europese Commissie had voorspeld, zei ze – wat door sommigen was afgedaan als fantasievol wensdenken. „De EU houdt woord, en levert.”

Die laatste opmerking was gericht tot de eurosceptische burger, maar er leek ook iets in door te klinken van de emoties over de belangrijkste hindernis tijdens de prikcampagne: vaccinproducent AstraZeneca. Het Brits-Zweedse farmacieconcern zorgde voor een onstuimig begin van het vaccinatieprogramma doordat het de ene na de andere levering moest schrappen wegens productieproblemen. In de knallende ruzie tussen Brussel en het bedrijf klonken steeds precies die woorden: dat AstraZeneca géén woord hield, níét leverde.

De mijlpaal voor de EU toont tegelijk hoe zeer AstraZeneca de vaccinrace in Europa heeft verloren – terwijl het oorspronkelijk juist de beoogde hofleverancier was. Want: gemakkelijk in gebruik – bewaarbaar op koelkasttemperatuur, goedkoop en geproduceerd door een meer dan betrouwbaar geacht duo: de farmaceutische krachtpatser AstraZeneca samen met de universiteit van Oxford, geestelijk vader van het vaccin.

De constatering, een jaar later, is dat AstraZeneca uiteindelijk niet meer dan een bijrol heeft gespeeld. Uit de laatste cijfers van het Europese Centrum voor Ziektebestrijding en -preventie blijkt dat nog geen 15 procent van alle prikken in de EU van AstraZeneca afkomstig was. Concurrent Pfizer veegt daar de vloer mee aan: die leverde zo’n beetje alle andere.

Een inhaalrace gaat er ook niet meer komen. De Commissie wil geen zaken meer doen met AstraZeneca. Von der Leyen sprak eerder de dodelijke woorden dat de EU zich ging richten op vaccins die „hun waarde hadden bewezen”.

Dood verklaard

Eigenlijk werd het AstraZeneca-vaccin hier voor de EU dood verklaard. Naast de productieproblemen en beroerde communicatie daarover, waren er ook nog eens de zeldzame maar ernstige bijwerkingen. In Denemarken en Spanje wordt uit zorg hierover niet meer met AstraZeneca geprikt. In veel andere EU-landen wordt het vaccin nog slechts beperkt ingezet. Op veel plekken blijven inmiddels doses liggen omdat mensen liever een ander vaccin willen. De overblijvende doses worden dan maar vernietigd; doneren ligt soms moeilijk wegens regelgeving.

AstraZeneca zou in armere landen tegen kostprijs worden verkocht

Dat is tragisch, want de intenties van Oxford en AstraZeneca waren mooi. Anders dan andere producenten wilden ze het ‘vaccin van het volk’ maken. Hun vaccin zou in armere landen „tot in de eeuwigheid” tegen kostprijs worden verkocht, en in rijkere landen in elk geval zolang de pandemie duurde. Het recept zou gratis gedeeld worden met wie maar wilde (dat werd later afgeraden door de Bill and Melinda Gates Foundation, een geldschieter van Oxford, waarna Oxford ervan afzag).

Oxford en AstraZeneca bouwden ook als enigen aan een fijnmazig internationaal productienetwerk, vanuit het streven dat geen enkel land van een vaccin verstoken zou blijven. De andere grote producenten hielden hun productie dichter bij huis, zodat ze meer ‘controle’ hadden. Daardoor werden sommige landen afhankelijk van leveringen over grote afstand die niet zelden ontijdig of helemaal niet aankwamen.

Dat AstraZeneca uit de gratie is gevallen, heeft de makers ook persoonlijk hard geraakt, blijkt uit een reconstructie van nieuwssite Politico. „Ik ben gebroken. Mijn collega’s zijn gebroken. Wij zijn allemaal gebroken”, zei Adam John Ritchie, projectmanager bij het Jenner-instituut aan Oxford University. Van de zorgen was hij 25 kilo aangekomen, zei hij. Bij twee interviews barstte hij in huilen uit.

Hoop op mRNA

Het AstraZeneca-vaccin stuit nu ook op wantrouwen in landen waar de vaccinatiegraad heel laag is – in Afrika is bijvoorbeeld maar 1 procent van de bevolking volledig gevaccineerd. Het hoofd van het vaccinteam van de Afrikaanse Unie zei onlangs dat die landengroep zich oriënteert op het Janssen-vaccin, mede omdat dit makkelijker is in het gebruik (maar één prik nodig). „Als de campagne straks aantrekt, zal dit het dominante vaccin worden.” Een Malawische viroloog zei dat er ondanks de schaarste toch AstraZeneca-vaccins over bleven, en dat wantrouwen daarin een rol speelde. Zuid-Afrika had het vaccin al eerder in de ban gedaan wegens de bijwerkingen, en uit vrees voor mindere werkzaamheid tegen de Beta-variant.

Er zijn zelfs Afrikaanse landen die voorzichtig hopen op meer mRNA-vaccins, zoals Pfizer, die bij zeer koude temperaturen bewaard moeten worden en vaak een stuk duurder zijn. Vraag is of de makers daar zelf oren naar hebben. Pfizer heeft net een goedkeuringsaanvraag ingediend bij het Amerikaanse geneesmiddelenbureau voor een derde prik, waarmee het lijkt voor te sorteren op nieuwe orders uit vooral rijke landen.

Entreebewijs

Volgens critici hebben uitspraken van westerse politici als Ursula von der Leyen het wantrouwen aangewakkerd. De Franse president Emmanuel Macron noemde AstraZeneca eens „quasi-ineffectief”. John Nkengasong, hoofd van het Afrikaanse Centrum voor Ziektebestrijding en -preventie, zei dat door dit soort uitlatingen van gezaghebbende personen de „angst nu vrij baan heeft”.

Het hielp evenmin dat inwoners van Afrikaanse en Aziatische landen die een in India geproduceerde AstraZenecaprik hadden gehad, een tijdlang in verschillende EU-landen niet welkom waren. Deze versie van het vaccin, hoewel op papier identiek aan de in Europa gemaakte vaccins, is niet goedgekeurd door de Europese geneesmiddelentoezichthouder, en geldt daarom niet als ‘entreebewijs’ voor sommige EU-landen.

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie voedde dit de verdenking dat het ‘Indiase’ AstraZeneca-vaccin een B-merk was. „Deze acties ondermijnen het vertrouwen in levensreddende vaccins [...], wat potentieel de levens van miljarden mensen op het spel zet.” Inmiddels laten de meeste EU-landen reizigers met deze versie van het vaccin wel binnen.

Op papier is AstraZeneca nog altijd hofleverancier van coronavaccins van de wereld, blijkt uit cijfers van Duke University. Het bedrijf heeft met circa 3,2 miljard doses net iets meer bestellingen uitstaan dan nummer twee Pfizer – een groot deel daarvan moet worden verdeeld via Covax, het inkoopmechanisme dat armere landen van vaccins voorziet. Maar die zullen dan wel nog geleverd moeten worden – de achilleshiel van het bedrijf door het relatief ingewikkelde productieproces.

In een Thaise fabriek ging het onlangs opnieuw mis. Leveranties liepen spaak omdat AstraZeneca productieproblemen had. In een „open brief aan het Thaise volk” bezwoer een vertegenwoordiger van het bedrijf dat productielocaties wereldwijd werden „afgestruind” op zoek naar extra doses. Ook andere landen in de regio worden uit de fabriek bevoorraad. Het volk moet dus nog even wachten op zijn vaccin.

Correctie (3 augustus 2021): in een eerdere versie van dit artikel stond dat Zuid-Afrika het vaccin in de ban deed uit vrees voor de Delta-variant. Het was de Beta-variant. Hierboven is dat aangepast.