Kan goedkoop bloedplasma helpen in de strijd tegen corona?

Geneeskunde Met een microfilter kunnen ziekenhuizen in arme landen tegen lage kosten bloedplasma winnen. De hoop is dat het helpt bij ernstige corona, maar deskundigen zijn skeptisch.

Sint Vincentius Ziekenhuis in Paramaribo, waar dit voorjaar net als elders in het land de nood hoog was bij de behandeling van coronapatiënten.
Sint Vincentius Ziekenhuis in Paramaribo, waar dit voorjaar net als elders in het land de nood hoog was bij de behandeling van coronapatiënten. Foto Ranu Abhelakh

Bloedplasma van ex-coronapatiënten, rijk aan antistoffen tegen SARS-CoV-2, zou andere coronapatiënten kunnen helpen het virus beter te overwinnen. Op die manier zouden zij sneller kunnen herstellen en minder risico lopen op ernstige complicaties of overlijden. Het leek een veelbelovende behandeling in een tijd dat er nog geen vaccins of effectieve geneesmiddelen voor handen waren, maar nadat diverse vergelijkende onderzoeken terugkwamen met teleurstellende resultaten, is het vertrouwen in deze zogeheten convalescente plasmatherapie tegen Covid-19 grotendeels verdampt.

Toch zijn er artsen die er nog wel fiducie in hebben. Bijvoorbeeld Rosita Bihariesingh, anesthesist in het Academisch Ziekenhuis van Paramaribo. In een vergelijkend onderzoek dat zij vorig jaar samen met haar collega’s uitvoerde zag Bihariesingh dat de sterfte van covidpatiënten op de ic-afdeling van het ziekenhuis spectaculair afneemt bij patiënten die donorplasma ontvangen. Ook het herstel gaat vlotter met deze therapie, zegt Bihariesingh via een videoverbinding vanuit Paramaribo: „We zien patiënten minder ziek worden na deze behandeling en ze knappen sneller weer op. Vaak kunnen we kort na de plasmabehandeling de zuurstoftoediening al afbouwen. De verbetering in conditie van de patiënten zien we ook terug op longfoto’s.”

Vrij simpel instrument

De artsen in Suriname bereiden het bloedplasma met een Nederlandse uitvinding, de Hemoclear. Dat is een vrij simpel instrument dat door middel van een ultrafijn filter bloedcellen van het bloedplasma kan scheiden. Er komt geen elektriciteit bij kijken, de zwaartekracht doet al het werk. Normaal zijn voor de zogeheten plasmaferese (het scheiden van bloed in cellen en plasma) speciale centrifuges nodig.

Het filter is een uitvinding van anesthesioloog-intensivist Arno Nierich van de Isalaklinieken in Zwolle. Nierich ontwikkelde het instrument aanvankelijk met een ander doel voor ogen, maar realiseerde zich dat het filter zich ook leent voor lowbudgetproductie van bloedplasma.

„In april vorig jaar hoorden we voor het eerst van de HemoClear”, vertelt Bihariesingh. „Suriname heeft geen bloedbank die convalescent plasma kan leveren en evenmin geld om een programma van plasmadonatie op te zetten. De HemoClear bood ons een aantrekkelijke oplossing om hier toch iets te kunnen doen voor ernstig zieke covidpatiënten.”

Geen hard bewijs

Samen met Nierich besloten de ic-artsen in Suriname een haalbaarheidstudie op te zetten. „Om te kijken of het inderdaad werkt zoals we verwachtten”, zegt Nierich. De uitkomsten staan al online in een preprint. Het onderzoek vergelijkt 28 patiënten die plasmatherapie ontvingen met 50 coronapatiënten die in hetzelfde ziekenhuis een standaardbehandeling (zuurstof en dexamethason) kregen. De onderzoekers concluderen dat de sterfte in de plasmatherapiegroep na vier weken 78 procent lager was dan in de controlegroep. Gezien de kleine aantallen en het feit dat de patiënten niet door middel van loting werden ingedeeld, is dit nog geen hard bewijs dat convalescent bloedplasma uit het filter levens kan redden, realiseert Nierich zichzelf ook: „Maar toch levert dit een indicatie dat het zo is. We zien ook dat mensen die plasma kregen minder lang op de ic lagen.” Ondertussen blijven de resultaten dezelfde kant op wijzen na nog 75 extra ic-patiënten, zegt hij.

Viroloog Hans Zaaijer van bloedbank Sanquin in Amsterdam heeft flinke bedenkingen bij de Surinaamse studie. „Het is keurig opgeschreven, maar er zitten wel haken en ogen aan”, zegt hij, „Daarom is dit nu niet de doorbraak die het veld gaat veranderen.”

Zaaijer wijst op de mogelijkheid dat artsen wellicht onbewust minder zieke patiënten kozen voor de plasmatherapiegroep, waar door de uitkomsten gunstiger lijken. En hij ziet meer bezwaren: „De laatste auteur van de studie is aandeelhouder van het bedrijf dat het filter op de markt brengt, en het artikel is ook nog niet gepubliceerd in een peerreviewed vakblad.”

Het verschil zou erin kunnen zitten dat de concentratie antistoffen hoger was

Arno Nierich anesthesioloog-intensivist

Maar het belangrijkste vindt Zaaijer dat er diverse internationale studies zijn die géén bewijs vonden dat plasmatherapie bijdraagt aan genezing van ernstig zieke covidpatiënten. „Dat moet men zich in Suriname toch ook realiseren? Ook wij als Sanquin hebben in het begin zeer actief bijgedragen aan het onderzoek naar de effectiviteit van convalescent plasma bij gevorderde Covid-19. Maar al vroeg bleek dat ernstig zieke covidpatiënten zelf al een robuuste afweer tegen het virus hadden ontwikkeld. Het lijkt mij dan ook onlogisch dat het toevoegen van antistoffen van een ander bij die mensen nog iets uitricht.”

Hoe verklaart Nierich de gunstige resultaten in Suriname? „Het verschil zou erin kunnen zitten dat de concentratie antistoffen in het bloedplasma in Suriname hoger was”, zegt Nierich. „De donoren waren namelijk allemaal patiënten die kort daarvoor zelf nog op de ic lagen. Bloedplasma van bloedbanken daarentegen is afkomstig van donoren die positief uit een antilichaamtest kwamen. Maar omdat hun infectie soms al langer geleden was of minder ernstig verliep, kan de concentratie antistoffen bij hen in theorie lager uitvallen. Daarnaast kan het plasma kort na het herstel ook nog allerlei andere stoffen bevatten die het immuunsysteem kunnen ondersteunen in de strijd tegen het virus.” Bewijzen voor een kwaliteitsverschil in het gebruikte bloedplasma heeft Nierich echter niet. „We zijn nog bezig met de analyses.”

In ieder geval heeft Zaaijer de hoop op een effectieve bijdrage van convalescent plasma aan de genezing van gevorderde Covid-19 grotendeels verloren. „Eerder hebben we dit ook bij ebola gezien: met donorplasma van ex-patiënten overleefde de helft van de patiënten, maar spontaan overleeft ook de helft.”

Wel degelijk discussie

Voor plasmatherapie als behandeling van corona resteren wel drie andere mogelijkheden, denkt Zaaijer. „Het zo kunnen werken voor patiënten heel vroeg in de infectie, als ze net positief zijn getest en zelf nog geen antistoffen hebben opgebouwd, ongeveer zoals de Amerikaanse president Trump destijds heel vroeg met antistoffen werd behandeld. Ook mensen die door een afweerstoornis zelf geen antistoffen aanmaken zouden er baat bij hebben. En ten slotte die patiënten die de verkeerde antistoffen aanmaken. Bij hen zou je kunnen proberen die door donorantistoffen te verdrijven.”

Ook in Suriname is er wel degelijk discussie over het nut van plasmatherapie, vertelt Rosita Bihariesingh: „Er zijn dokters die erin geloven, maar ook een deel niet. Ook lang niet alle patiënten willen dit proberen. Het onderzoek naar de effectiviteit van deze therapie is nog zeker niet afgerond.”

Bihariesingh ziet het als een simpele oplossing voor een situatie waarin niet voldoende geneesmiddelen of vaccins voorhanden zijn: „In Nederland kan men praten vanuit een luxepositie met relatief veel ziekenhuiscapaciteit en een groot deel van de bevolking dat gevaccineerd is tegen corona. In Suriname is dat heel anders en dus moeten wij hier ook andere overwegingen maken. Hier hebben we een heel beperkte ic-capaciteit – 35 bedden op een bevolking van een half miljoen inwoners. Het zal nog jaren duren voordat covid in de hele wereld bedwongen is.”