De vraag is enorm, dus investeringsmaatschappijen doen ook groen

Private equity Ze zijn „late to the party”, maar investeringsmaatschappijen gaan nu ook voor groen. Zie de twee giga ‘klimaatfondsen’ die deze week werden aangekondigd. Maar: hoe controleerbaar is hun groenheid?

Mark Carney van investeringsmaatschappij Brookfield is een virtuele gastpreker bij de Bloomberg Green Summit van afgelopen april.
Mark Carney van investeringsmaatschappij Brookfield is een virtuele gastpreker bij de Bloomberg Green Summit van afgelopen april. Foto Daniel Acker / Bloomberg

Er was een telefoontje van U2-voorman Bono voor nodig om hem over te halen, maar daarna is Hank Paulson, een Amerikaanse oud-minister van Financiën, dan ook hard aan de slag gegaan. De vraag van Bono was of hij leiding wilde geven aan het nieuwe ‘klimaatfonds’ van TPG, een grote investeringsmaatschappij.

Paulson is dé man om deze belangrijke taak op zich te nemen, schatte muzikant/activist Bono in, die ook betrokken is bij TPG. De 75-jarig Republikein heeft veel connecties en veel ervaring in de financiële wereld als oud-topman van Goldman Sachs. Én hij heeft zich de afgelopen jaren druk gemaakt om het klimaat. Uiteindelijk zei Paulson ja, vertelde hij aan de New York Times. Want: „Ik heb haast om het verschil te maken.”

Begin dit jaar is Paulson begonnen, deze week werd bekend dat hij 5,4 miljard dollar (4,5 miljard euro) heeft opgehaald bij investeerders. Dat geld gaat het fonds steken in bedrijven die slimme klimaatoplossingen bedenken, in de hoek van energie, transport of landbouw. Opmerkelijk: niet alleen grote institutionele beleggers, zoals pensioenfondsen, zijn ingestapt. Ook multinationals als Apple, Boeing, General Motors en Nike doen mee.

Indrukwekkend allemaal – maar toevallig was er op dezelfde dag een investeringsmaatschappij die een nog groter klimaatfonds aankondigde. Zeven miljard dollar wist het Canadese Brookfield op te halen voor een nieuw fonds dat wil investeren in „de transitie naar een net-zero economie”. En ook hier een bekende voorman: Mark Carney, oud-baas van de Britse centrale bank en speciale VN-gezant voor ‘klimaatactie en financiën’. Hij maakte naam als groene voorloper met een speech in 2015 over noodzakelijke vergroening van monetair beleid.

Lees ook dit verhaal: Ook centrale banken gaan vergroenen

Nou zijn zulke berichten, over nieuwe klimaatfondsen met miljarden dollars erin, niet aan de orde van de dag. Maar een zeldzaamheid zijn ze ook niet meer. Dit jaar zijn al meer van zulke fondsen van start gegaan dan in de afgelopen vijf jaar bij elkaar, blijkt uit gegevens van financieel databedrijf PitchBook.

De bedragen van 5,4 en 7 miljard dollar zijn ook niet kinderachtig. Groter kan altijd in de financiële wereld: Carlyle, een van de grootste investeringsmaatschappijen ter wereld, is bezig 27 miljard dollar op te halen voor een nieuw fonds (niet gericht op klimaat). Dat zou het grootste ooit worden. Maar in een gemiddeld private-equityfonds zit minder dan 1 miljard dollar.

Grote vlucht

En er was nog meer nieuws deze maand over groene ambities van investeringsmaatschappijen. Over relatief onbekende namen, maar forse bedragen. Generate Capital uit San Francisco haalde 2 miljard dollar op voor investeringen in groene infrastructuur. En General Atlantic uit New York wil 3 miljard dollar ophalen voor klimaatinvesteringen.

Heeft de wereld van private equity, ultiem gericht op geld verdienen door bedrijven op te kopen en met veel winst te verkopen, nu ook het groene geloof opgevat?

Investeringsmaatschappijen zijn „late to the party”, zegt hoogleraar banking en finance Dirk Schoenmaker van de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Maar inderdaad: eerst kwam de trend van duurzaam beleggen op, nu volgt private equity. „Het neemt een grote vlucht.” Schoenmaker richt zich in zijn onderzoek onder meer op duurzame financiering.

Groene luchtballonnen

Waar komt deze omslag vandaan? Hank Paulson van TPG noemt een existentiële reden. Hij gelooft dat de diepe zakken van private equity onmisbaar zijn in de klimaatcrisis. Er is heel veel geld nodig, maar overheden hebben dat niet, zegt hij in een interview met de Financial Times. „En ik ben helemaal voor filantropie [...], maar naar mijn mening levert dat niet het kapitaal op dat we nodig zullen hebben.”

Mensen als Paulson en Mark Carney geloven dat je met duurzame investeringen ook geld kunt verdienen. Wie in een klimaatfonds stapt, mag dus een ‘normaal’ rendement verwachten.

Uit goedheid alléén komt de vergroening niet voort. Een zakelijke reden om over te stappen naar duurzaam zal zwaar meewegen: er is enorm veel vraag naar zulke investeringen.

Niemand kan controleren hoe duurzaam private equity is. Maar we kunnen dit niet op de blauwe ogen doen

Dirk Schoenmaker hoogleraar

Neem de grote Nederlandse pensioenbelegger APG, die ruim 600 miljard euro beheert. „We zoeken actief naar fondsen die bijdragen aan de duurzaamheidsdoelen van onze klanten”, zegt Claudia Kruse, hoofd verantwoord beleggen. Met klanten bedoelt ze: de pensioenfondsen die hun miljarden bij APG onderbrengen, zoals ambtenarenfonds ABP. De beoordeling van investeringsmogelijkheden noemt ze „streng”, want dat is wat de pensioenfondsen van APG vragen.

Wat kunnen we verwachten van de groene ambities van private equity? Positief is dat investeringsmaatschappijen de naam hebben zeer grondig onderzoek te doen naar de bedrijven die ze opkopen. Elk cijfer wordt doorgevlooid, de strategie eindeloos uitgedaagd. Je mag verwachten dat groene luchtballonnen dan ook doorgeprikt worden.

Positief is ook dat er een immense hoeveelheid geld op zoek is naar een bestemming. Dat kan kansrijke jonge bedrijven de mogelijkheid geven razendsnel te groeien en hun duurzame product of technologie snel groot te maken.

Maar er is ook een risico, volgens hoogleraar Schoenmaker. Zéggen dat je duurzaam bezig bent, is niet zo moeilijk. „Het is heel belangrijk dat dat ook controleerbaar is. Dat is nu vaak nog niet zo, het is nog heel ondoorzichtig.” Wat Schoenmaker wel voorbij ziet komen, zijn ratings op het gebied van ‘ESG’, kort voor environmental, social en governance. Die komen van speciale ratingbureaus. Maar: „de kwaliteit van zulke ratings laat te wensen over”.

Maak het liever concreet, zegt Schoenmaker. „Hoeveel CO2 stoot je bijvoorbeeld uit, hoeveel heb je gereduceerd? En laat dat controleren door een accountant.” Sommige grote beursgenoteerde bedrijven doen dit al. Investeringsmaatschappijen zouden dit ook kunnen doen, voor elk bedrijf dat ze bezitten. „Nu kan niemand het controleren. Maar we kunnen dit niet op de blauwe ogen doen.”