Een douanier met speurhond tijdens een demonstratie van een drugscontrole in de Antwerpse haven.

Foto Olivier Hoslet / EPA

Interview

‘Amsterdam is het hoofd van de georganiseerde misdaad, Antwerpen de benen’

Bart de Wever, burgemeester Antwerpen Ruim 80 procent van de cocaïne in de Antwerpse haven gaat onmiddellijk naar Nederland. Burgemeester De Wever slaat alarm: „Zijn we die oorlog tegen de drugs überhaupt ooit begonnen dan?”

In de cultklassieker The Matrix heeft hoofdpersoon Neo de keuze tussen een red pill en een blue pill. Neemt hij de blauwe, dan blijft hij een onwetend comfortabel leven leiden in een droomwereld. Kiest hij voor de rode, dan ontsnapt hij en belandt hij in de gevaarlijke harde werkelijkheid.

„Ik vervloek de dag dat ik die red pill heb genomen”, zegt Bart de Wever. Een gesprek van ruim een uur over de verwevenheid van de Belgische en Nederlandse drugsproblematiek nadert zijn afronding als de Antwerpse burgemeester terugkijkt op zijn aantreden in 2013. Toen stelde zijn politiechef hem de vraag: „Wat gaan we aan drugs doen? Gaan we er tegenaan?” De Wever: „Nu zie ik overal waar ik kom hoe de drugsmaffia is geïnfiltreerd in de bovenwereld. Ik zie de georganiseerde misdaad bovenkomen in foute winkels als ik door Antwerpen rijd of door Amsterdam loop. Ik zie het als de moskee een koekjesavond organiseert en dan 200.000 euro ophaalt in briefjes van 50.”

Wie onder de indruk is van de omvang van de cocaïnevondsten in de Rotterdamse haven (in 2020 zo’n 41.000 kilo) valt in Antwerpen van zijn stoel. Vorig jaar werd in de haven ruim 65.000 kilo cocaïne in beslag genomen – goed voor een straatwaarde van ruw geschat 5 miljard euro. „Een derde van alle lijntjes coke die in Europa in de neuzen verdwijnt, is in Antwerpen aan land gebracht”, zegt De Wever. Hij verwacht dat dit jaar de grens van zeventigduizend kilo in beslag genomen cocaïne wordt doorbroken.

„Als ik tussen optimistische en pessimistische schattingen in ga zitten, pakken wij jaarlijks 20 procent van alles wat binnenkomt. Dan is er vorig jaar dus voor 25 miljard euro aan coke binnengekomen in mijn stad.”

Nederland geldt als distributieland in de Europese cocaïnehandel. Hoeveel van de coke die hier aankomt, gaat naar Nederland?

„Wij schatten dat ruim 80 procent van alle coke die in Antwerpen op de kade wordt gezet onmiddellijk naar Nederland vertrekt. Ik zeg altijd: Amsterdam is het hoofd van de georganiseerde misdaad, de armen en benen zijn Antwerpen en Rotterdam. Dat is historisch zo gegroeid. Wij zien vrijwel altijd een Nederlandse connectie. De top van de drugsmaffia, die internationale banden heeft met onder meer de ’ndrangheta en Albanese maffia, zit in Amsterdam.

„Ik zie dat als een erfzonde van Nederland, die voortkomt uit het gedoogbeleid sinds de jaren zeventig. Cannabismiljonairs hebben de diversifiëring naar andere misdaadvormen en drugs mogelijk gemaakt.”

Dat is met grote stappen snel thuis. Die coffeeshophouders zijn toch geen cocaïnebaronnen geworden?

„Nee, natuurlijk niet. Maar er is een criminele business gecreëerd die zo lucratief is, zo veel cash heeft en zo goed georganiseerd is, dat je die moeilijk weg krijgt. Degenen die de coffeeshops bevoorraadden, zijn dezelfden die hebben geïnvesteerd in synthetische drugs, het zijn dezelfden die coketransporten zijn gaan organiseren naar Europa.

„Bij synthetische drugs, xtc, is de positie van Nederland nóg pertinenter dan bij coke, daar is Nederland wereldwijd het referentieland. En dan is er ook nog de cannabis waar Nederland al decennia Europees een cruciale rol speelt. Jullie hebben dus wel een impact gehad op de Europese geschiedenis daar waar het op drugs aankomt.”

Lees ook dit artikel: Hoe vijftig jaar war on drugs de generatie-Taghi voortbracht

In de jaren negentig kreeg Nederland er in Europa, vooral van Frankrijk, nog flink van langs vanwege het softdrugsbeleid. Nu is het stil. Hoe verklaart u dat?

„President Chirac was de eerste die jullie een narcostaat noemde. Maar waar veel politici het eerst nog waanzin vonden en zeiden: ‘Jullie zijn een narcostaat, stop hiermee!’, is de maatschappelijke aanvaarding en beschikbaarheid van drugs nu van dien aard dat veel politici er geen focus meer op leggen. Ik heb het idee dat men in Europa niet wakker wil worden over de drugsbusiness en dat men het probleem niet ziet.

„Er zijn ook zo ontzettend veel recreatieve gebruikers, en die willen niet geconfronteerd worden met wat er achter hun gebruik ligt. Zij willen niet uit hun romantische drugsbeeld wakker geschud worden. Zij vinden het heel naar om te horen: ‘Er plakt bloed aan het lijntje dat door uw neus gaat.’ In de bronlanden van cocaïne vermoorden kartels tienduizenden mensen en is er slavenarbeid op de cocaplantages. Hier leidt de drugshandel tot heel veel onderling geweld. Mensen halen hun schouders erover op, tot iemand in de bovenwereld sterft, zoals Peter R. de Vries.

„Ik denk ook dat meespeelt dat een deel van de mensen aan het einde van de rit legalisering van drugs wil. Dat zijn over het algemeen progressieven. Die hebben hele chique opinies waar zij zelf geen last van hebben, maar die aan de onderkant van de samenleving ravages veroorzaken: chique opinies over migratie en over drugs. Maar daarachter zit een enorme hypocrisie. Zij gaan soms zo ver dat zij het geweld niet meer aan de drugsmaffia toewijzen, maar aan de strijd tegen de drugsmaffia.”

Een douanier met speurhond tijdens een demonstratie van een drugscontrole in de Antwerpse haven. Foto Olivier Hoslet / EPA

Hebben de pleitbezorgers van legalisering een punt dat de oorlog tegen drugs niet te winnen is?

„Als je ziet wat drugs voor schade bij gebruikers veroorzaken, dan is er maar één morele keuze en dat is de strijd voeren om het tot een redelijke proportie terug te dringen. Ik zeg niet weg krijgen, want dat is een illusie.

„Men zegt vaak tegen mij: ‘Burgemeester, de oorlog tegen drugs kan nooit lukken.’ Dan antwoord ik: ‘Maar zijn we die oorlog überhaupt ooit begonnen dan?’ De inspanningen in Europa zijn anekdotisch in vergelijking met het probleem. Waar zijn wij als Europa in bronlanden zoals Colombia? Is het zo moeilijk om met Europol te zeggen: wij gaan net zoals de Amerikaanse Drug Enforcement Administration naar de bronlanden om de drugssmokkel tegen te gaan?

„En kunnen wij vanuit Europa misschien ook alternatieve verdienmodellen steunen voor de boeren daar? Ik ben in Colombia geweest. Het zuiden is eigenlijk geen land, daar heerst de law of the jungle. Die boeren zijn bezig met overleven, dat is heel existentieel. Als je moet kiezen tussen geen geld verdienen of geld verdienen door coca te planten, dan kun je je voorstellen hoe hun keuze uitvalt. Is dat niet ook ons probleem? Moeten wij die mensen geen alternatief bieden? Maar nee, daar zijn wij in Europa niet mee bezig. Dat schijnt ons niet te boeien. Kom mij dan niet vertellen dat de oorlog tegen drugs is verloren.”

Lees ook dit interview met het hoofd van de Zeehavenpolitie over de drugsproblemen in de Rotterdamse haven

Een dag na de aanslag op Peter R. de Vries gaf u hier in Antwerpen een persconferentie. Waarom was dat?

„Omdat die aanslag aantoont dat het vijf over twaalf is. In Europa zouden alle alarmbellen moeten afgaan, maar ik hoor ze niet. Ook niet hier in België. Daarom grijp ik elke gelegenheid aan. De drugsproblematiek vergt een internationale inspanning, die een veelvoud zal moeten bedragen van wat nu gebeurt. Wij moeten stoppen met denken in termen van België en Nederland. Wij kijken altijd maar naar dat lijntje op de kaart dat de Spanjaarden in de 16de eeuw getrokken hebben. Maar voor de georganiseerde misdaad zijn wij één land. Als men in de Rotterdamse haven meer doet om cocaïnesmokkel te bestrijden, haalt het niks uit want dan gaan er meer kilo’s via Antwerpen.

„Die drugsmaffia is echt een gezwel. Ze corrumpeert de samenleving. Wat denk je dat er gebeurt met al die criminele cash? Die ligt niet onder het matras, die zorgt voor corruptie, dringt binnen in de vastgoedsector en vindt zijn weg in zogenaamd legitieme viswinkels, kappers en supermarkten. Dat geld gaat naar moskeeën en voetbalverenigingen en zo maakt de drugsmaffia iedereen schatplichtig. Iedereen sluit de ogen. Dat zoontjelief drugs aan het verkopen was, heeft mama nooit gezien. Elke keer als we er eentje komen arresteren, is het ‘Ooh nee, niet onze Mohamed. Ooh nee, niet onze Lucas’”, zegt De Wever met een hoge, jammerende stem. „Ja mevrouw, waar dacht u dan dat die Louboutin-schoenen vandaan kwamen?”

Lees ook deze reportage uit 2019: ‘Strijd tegen drugsmaffia holt politie in regio uit’