Kabinet verlaagt ventilatienorm horeca - en dat in coronatijd

Ventilatie in de horeca Het kabinet heeft sinds 1 juli de normen voor luchtverversing in de horeca versoepeld, ruim onder de internationale standaard van de WHO. Onbegrijpelijk, zeggen deskundigen. „Als de coronacrisis één ding duidelijk gemaakt heeft, is het dat goede ventilatie cruciaal is.”

Nederland kreeg een paar weken te maken met een nieuwe besmettingsgolf die grotendeels in de horeca ontstond en waarbij slechte ventilatie waarschijnlijk een rol speelde.
Nederland kreeg een paar weken te maken met een nieuwe besmettingsgolf die grotendeels in de horeca ontstond en waarbij slechte ventilatie waarschijnlijk een rol speelde. Foto Robin Utrecht/ANP

De Belgische regering presenteerde afgelopen najaar een actieplan voor ventilatie in de horeca: ondernemers zijn verplicht een CO2-meter te hebben die de luchtkwaliteit in de gaten houdt. Wordt die te slecht, dan moeten ondernemers ingrijpen om het risico op verspreiding van het coronavirus in hun zaak te verkleinen. In de VS heeft het CDC, het Amerikaanse RIVM, op de website instructies voor restauranteigenaren hoe zij hun ventilatie kunnen optimaliseren.

Internationaal is er sinds vorig jaar veel aandacht voor de mogelijkheid dat het coronavirus zich ook via kleine druppeltjes (aerosolen) door de lucht verspreidt, en hoe goede ventilatie dat kan helpen voorkomen.

En in Nederland? Daar gebeurt vrijwel niets. Demissionair premier Mark Rutte (VVD) kwam onlangs met het „dringende advies” aan Nederlanders hun woning minimaal een kwartier per dag te luchten door een raampje open te zetten. Een groter plan van aanpak voor goede ventilatie ontbreekt.

Illustratief voor de Nederlandse omgang met ventilatie is een recente wetswijziging die de normen voor luchtverversing in de horeca midden in de coronacrisis vijf keer minder streng maakt. De timing is opmerkelijk: Nederland kwam een paar weken terug in de problemen door een nieuwe besmettingsgolf die grotendeels in de horeca ontstond en waarbij slechte ventilatie waarschijnlijk een rol speelde.

Deskundigen die NRC sprak, begrijpen niets van de lagere normen. Marcel Loomans, universitair docent binnenklimaat van gebouwen bij de TU Eindhoven: „Het is een nogal vreemde gang van zaken dat de overheid zegt: goed ventileren is van belang, maar de eisen mogen opeens met een factor vijf omlaag.”

Atze Boerstra, binnenmilieuspecialist en hoogleraar Building Services Innovation bij de TU Delft, zegt dat je de ventilatie-eisen voor horeca in coronatijd eerder zou willen verhogen. Hij noemt de nieuwe eisen „internationaal gezien absurd laag”.

Koninklijke Horeca Nederland vroeg het kabinet juist de strengere regels te behouden

De afgezwakte ventilatienormen vloeien voort uit een wijziging van de Drank- en horecawet per 1 juli. In de nieuwe wet komen tal van inrichtingseisen voor de horeca, inclusief de ventilatie-eis, te vervallen. Formeel gebeurt dit omdat het kabinet vindt dat dit soort eisen thuishoren in het Bouwbesluit, dat nu al allerlei inrichtingseisen voor gebouwen – inclusief horeca – stelt. „De constatering was dat eisen over ventilatie niet thuishoren binnen wetgeving die zich richt op gebruik en verkoop van alcohol”, laat een woordvoerder van het ministerie van Volksgezondheid weten.

De ventilatie-eisen in het Bouwbesluit zijn echter aanzienlijk minder streng. In de Drank- en horecawet stond de eis dat de lucht in horecazaken iedere tien minuten volledig moest worden ververst. In het huidige Bouwbesluit, opgesteld in 2012, staat voor horecagebouwen de voorwaarde dat dit maar ongeveer een keer per uur hoeft te gebeuren. Voor gebouwen opgeleverd na 2012 en nieuwbouw zijn de eisen iets strenger, maar lang niet zo streng als de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) vanwege de coronapandemie adviseert.

Onder de internationale standaard

In een ‘routekaart ventilatie’ die de WHO in maart publiceerde, staat het advies in binnenruimtes te zorgen voor minimaal 10 liter verse lucht per persoon per seconde. Nederland zit met de eisen uit het Bouwbesluit voor bestaande horeca op ruim 2 liter en voor nieuwbouw op circa 4 liter, in beide gevallen dus ver onder de internationale standaard.

De wettelijke verlaging van de ventilatienormen werd vorig jaar november, tijdens de tweede coronagolf, in de Tweede Kamer besproken. Voorafgaand aan het debat noemde Koninklijke Horeca Nederland de voorgenomen verlaging in een brief aan het parlement „een onbegrijpelijk voornemen”. De branchevereniging vroeg de strengere regels te behouden. „Als de coronacrisis één ding duidelijk gemaakt heeft, is het dat goede ventilatie in ruimten waar mensen bij elkaar komen cruciaal is.”

Staatssecretaris Paul Blokhuis (Volksgezondheid, ChristenUnie) zei in het Kamerdebat dat de hoge normen voor de horeca niet meer nodig waren omdat ze stamden uit de tijd dat er nog binnen mocht worden gerookt.

Fysicus Daniel Bonn, die aan de Universiteit van Amsterdam onderzoek doet naar aerosolen, zegt dat Blokhuis’ argument in coronatijd juist betekent dat ook nu strenge ventilatieregels nodig zijn. „Rookdeeltjes hebben dezelfde grootte als aerosolen die corona overbrengen. Ze blijven, net als sigarettenrook, een tijdje in de lucht hangen. Als je de vergelijking met roken maakt, moet je de ventilatienormen minstens handhaven, en waarschijnlijk is zelfs dat niet voldoende.”

Lees ook over de problematiek bij de teststraten: Voor een dichte deur in de teststraat: ‘Je bent de dertigste al vandaag’

Om de Kamer gerust te stellen zei Blokhuis ook dat het RIVM, de belangrijkste corona-adviseur van het kabinet, zou hebben vastgesteld dat de eisen uit het Bouwbesluit qua ventilatie voldoende zijn, „ook in het licht van corona”. Daarop stemde de Kamer met de lagere eisen in.

Navraag bij het RIVM leert dat de organisatie niet door het ministerie van Volksgezondheid is gevraagd naar de ventilatienormen in de horeca te kijken. Een woordvoerder noemt de normen uit het Bouwbesluit „minimaal”.

Het ministerie zegt dat er nog geen wetenschappelijk onderzoek is dat aantoont „welke hoeveelheid ventilatie leidt tot aantoonbaar minder corona-infecties ten opzichte van de huidige regelgeving en geldende ventilatieadviezen”. Er was volgens het ministerie „geen aanleiding te veronderstellen dat de eisen uit het Bouwbesluit niet voldoen”. Daarom werd geen second opinion over de horeca gevraagd aan het RIVM.

Het blijft onduidelijk waarom het kabinet denkt dat de ventilatienormen uit het Bouwbesluit wél voldoen. „Van oudsher zijn die ventilatienormen er vooral voor het tegengaan van geuroverlast, en op scholen om te voorkomen dat slechte luchtkwaliteit invloed heeft op de leerprestaties”, zegt emeritus hoogleraar milieu-epidemiologie Bert Brunekreef (Universiteit Utrecht). Dat beaamt hoogleraar Boerstra. „Het Bouwbesluit ging nooit uit van het voorkomen van infecties. De minimumgrenzen die nu gaan gelden voor oudere horecagebouwen zijn in dat licht echt onvoldoende.”

Bij het handen wassen heeft niemand zich afgevraagd hoe efficiënt dat precies is. Maar over ventileren steggelen we al een jaar

Daniel Bonn, fysicus

Brunekreef noemt het „zeer twijfelachtig” of de recente uitbraken in de horeca voorkomen hadden kunnen worden door betere ventilatie. „Tegen zoveel besmette mensen is niet op te ventileren. Je zult dus de nadruk moeten blijven leggen op het buiten de deur houden van besmettelijke mensen. Maar meer ventilatie is altijd beter, zeker als grote aantallen mensen dicht op elkaar staan of zitten.” Universitair docent Loomans pleit voor aparte normen voor diverse typen horeca. „Als je het over besmettingskansen hebt, is rustig praten in een restaurant echt anders dan in elkaars oor schreeuwen in een discotheek. Ik zou het niet allemaal over een kam scheren, maar kijken naar diverse niveaus van ventileren.”

Frustrerend

Nederland gaf tot nu toe weinig prioriteit aan ventilatie omdat het RIVM lange tijd ontkende dat besmettingen via aerosolen een belangrijke rol spelen in de epidemie. Aerosolen-expert Bonn noemt het „frustrerend” dat er geen ventilatie-experts vertegenwoordigd zijn in het OMT. „Wij hebben gevochten om geaccepteerd te krijgen dat aerosolen echt een gevaar zijn. Nu hebben kabinet en OMT dat toegegeven, maar nog steeds willen ze er eigenlijk niks aan doen.”

Lees ook: Vierde golf in de zomer lijkt afgewend door sluiting nachtleven

In het nieuwste advies schrijft het OMT deze week dat goed ventileren in binnenruimtes kan helpen tegen corona, maar besmettingen nooit helemaal kan voorkomen. Welk ventilatieniveau in de horeca „afdoende is om het risico op besmetting zo klein mogelijk te maken” is volgens het OMT moeilijk vast te stellen en niet voldoende onderzocht. De algemene WHO-norm voor ventilatie in binnenruimtes vindt het OMT „hoog ten opzichte van wat gangbaar is”.

Ook als je twijfelt hoe belangrijk de besmettingsroute via aerosolen is, moet je uit voorzorg goede ventilatiemaatregelen nemen, vindt Bonn. „Bij het handen wassen heeft niemand zich afgevraagd hoe efficiënt dat precies is. Maar over ventileren steggelen we al een jaar.”

In de Tweede Kamer neemt de ongerustheid toe. CDA-Kamerlid Joba van den Berg wil weten of de eisen voor de horeca „toereikend zijn, met de kennis die we nu hebben over corona”. Het ministerie van Volksgezondheid is op verzoek van de Kamer in gesprek met het RIVM om de normen uit het Bouwbesluit opnieuw te beoordelen.

Het is onduidelijk wanneer deze beoordeling klaar is. Veel horecaondernemers hebben nu nog goede ventilatiesystemen hangen, maar zouden in de verleiding kunnen komen bij een verbouwing voor goedkopere systemen te gaan nu de normen zijn verlaagd. Hoogleraar Bonn hoopt dat het kabinet haast maakt met een goed plan. „Als we nu geen lessen trekken, zijn we ontzettend dom.”

Lees ook deze Vijf vragen over het nieuwe reisbeleid: Positief getest in het buitenland – en dan?