Recensie

Recensie Muziek

Tragisch vindt Carmen haar noodlot in een Fries weiland

Opera Spanga Opera Spanga brengt dit jaar een grimmige versie van Bizets opera Carmen. Met uitzicht op een weiland (en soms een ooievaar).

Carmen (Itzel Medecigo) en Don Jose (Eric Reddet) in ‘Carmen’ door Opera Spanga.
Carmen (Itzel Medecigo) en Don Jose (Eric Reddet) in ‘Carmen’ door Opera Spanga. Foto Opera Spanga

Een zoete handkus, gevolgd door een grauw als van een kat: zo benadert het zigeunermeisje Carmen sjansende mannen. Meteen in het begin van Carmen door Opera Spanga maakt zij duidelijk dat liefde voor haar een lichtzinnig spel is. Maar het grimmige, grijze decor van stukken puin en zandzakken toont een andere wereld dan de oorspronkelijke plaats van handeling, het sensuele en verhitte Andalusië.

Opera Spanga begon met de jaarlijkse opvoeringen in de open lucht, maar sinds geruime tijd kiest het Friese gezelschap voor een tent, met uitzicht op de weilanden. En dan kan daar opeens doodgemoedereerd een ooievaar doorheen stappen. Componist Georges Bizet (1838-1875) had zoiets nooit voor ogen. Toch werkt het.

Het is een stoere, rauwe Carmen die regisseur Corina van Eijk en dirigent Tjalling Wijnstra neerzetten. De kostumering is overwegend grijs, voor alle personage, zowel de meisjes van de sigarenfabriek als de brigadiers. Zelfs Carmen, gezongen door de gloedvolle mezzosopraan Itzel Medecigo, onderscheidt zich aanvankelijk niet van haar tegenbeeld, het rechtschapen plattelandsmeisje Micaëla, de prachtig koele sopraan Aylin Sezer. Dit detail geeft aan dat Van Eijk de titelheldin niet ziet als het vlammend middelpunt, ze is niet eens echt felrood gekleed, zoals bijna altijd, maar als een superkrachtige vrouw die desondanks haar amoureuze ondergang tegemoet gaat.

Carmen (Itzel Medecigo) en David Visser (toreador Escamillo) in ‘Carmen’ door Opera Spanga. Foto Opera Spanga

Flirt

Regie en muzikale begeleiding variëren op speelsheid en noodlot. Zo zingt het koor van meisjes melancholiek over de woorden van hun geliefden „die in rook ten hemel stijgen” terwijl Carmen verstrikt raakt in de dramatische val die ze ongewild heeft opgesteld: haar liefde voor Don José (tenor Eric Reddet) is slechts flirt, haar vurige passie voor de toreador Escamillo (bariton David Visser) is oprecht.

Ook haar geliefden zijn elkaars tegenpolen: Don José oogt als een solide karakter, maar wel een die aan het slot in een vlaag van verbijstering Carmen doodt. Toreador Escamillo is bijna een karikatuur met zijn bloedrode kostuum met extreem hoekige schouders.

En juist op deze stripheld wordt Carmen verliefd. Zijn wereldberoemde Toreador-aria kleurt hij wellustig rood van het stierenbloed. Dit is de ultieme verleiding om Carmen voor zich te winnen en de fatale jaloezie van Don José aan te wakkeren.

De melodielijn van Carmens aria ‘Habanera’ (‘L’amour est un oiseau rebelle’) keert in de muzikale begeleiding in tal van modulaties terug, van vurig en expressionistisch naar dreigend en donker, tot de diepe mineurklanken van een noodlotsmotief. De „mooie en gevaarlijke” Carmen zingt én bezegelt telkens haar noodlot, met een oprechte puurheid die pijn doet.

Het dameskoor van sigarenmaaksters in ‘Carmen’ door Opera Spanga. Foto Dinand van der Wal