Opinie

Watercrises zijn naar, leren is goed

Waterbeheer Een deel van de miljarden uit het EU-herstelfonds moet naar watermanagement, vinden en .
Het Zuid-Limburgse heuvelland met de rivier de Geul nabij Epen
Het Zuid-Limburgse heuvelland met de rivier de Geul nabij Epen Foto Anita Pantus/ANP

Doden in België en Duitsland, evacuaties en schade in Nederland: de watercrisis zal in Limburg én in de rest van Nederland doorwerken in de hoofden van burgers, bestuurders en beleidsmakers. In dit proces is het belangrijk om problemen en oplossingen voor deelsystemen niet door elkaar te halen, om de rol van klimaatverandering te ontrafelen en om waterveiligheid te blijven zien in een evenwichtige verhouding met andere doelen.

Een watersysteem bestaat uit verschillende componenten: kleine bovenstroomse onbedijkte beeksystemen zoals de Vesdre en de Geul, middelgrote half-bedijkte rivieren zoals de Ahr en de Limburgse Maas en grote volledig bedijkte benedenstroomse rivieren.

Bovenstroomse beeksystemen kunnen in korte tijd overstromen als het landschap neerslagafvoer niet genoeg vertraagt – dit komt in Europa regelmatig voor, vooral in de zomer. Middelgrote rivieren kunnen buiten hun oevers treden na een lange natte periode, als de beeksystemen te snel afvoeren en de afvoercapaciteit van de rivier tekortschiet – dit komt in Europa hoogstens eens per jaar voor, vooral in de winter, soms in de zomer. De dijken van de grote rivieren kunnen doorbreken als in de winter het hele stroomgebied verzadigd is en er dan een extreme piek regenwater en smeltwater in de rivier belandt – dit gebeurt in Europa heel zelden.

Wel en niet ingecalculeerd

In het Geuldal is sprake van een niet-ingecalculeerde kleine ramp. We moeten niet in een Nederlandse reflex schieten en beeksystemen proberen te bedijken: dat wordt duur en lelijk. Beter is de afwatering te vertragen met honderden kleinschalige maatregelen, vooral daar waar neerslag het snelst afstroomt, zoals over de verharde delen.

In de Maas is sprake van ingecalculeerde wateroverlast. Dit is te danken aan de Maaswerken: ‘ruimte voor de rivier’ in het landelijk gebied, dijken rondom woonkernen. De piekafvoer in 2021 was gelijk aan die van 1993. Waar de rivier verruimd is, zijn de waterstanden nu lager en waar ze is bedijkt vaak hoger; bij beide is er geen ramp. De Maaswerken werken, maar dit concept overnemen in de beeksystemen zal niet gaan.

Langs de grote rivieren is niks aan de hand. Daar moeten we ons niet laten afleiden en gewoon doorgaan met integrale langetermijndijkversterking, ruimte voor de rivier en natuurontwikkeling.

De klimaatverandering maakt niet simpelweg alles erger. Hogere temperaturen geven in de zomer een hogerere luchtvochtigheid en dus meer neerslag, maar in de winter minder sneeuw en dus minder smeltwaterafvoer. We moeten rustig doorgaan met lange-termijn investeringen in meten, modelleren en voorspellen.

Schiet niet in een Nederlandse reflex door beken te bedijken: dat wordt duur en lelijk

Laten we ook niet zó hard schrikken van ‘Limburg’ dat veiligheid het waterbeleid onevenredig gaat domineren. Hoe terecht de emoties in Limburg ook zijn, in heel Nederland zullen we de komende eeuw hoogstwaarschijnlijk alleen nog worden opgeschrikt door kleine rampen en bijna-rampen. Ondanks de klimaatverandering, en dankzij een half miljard euro per jaar aan investeringen in veiligheid én in kennis sinds 1953 en begroot tot 2050.

Goed waterbeheer dient vijf hoofddoelen in een evenwichtige samenhang: veiligheid, zoetwaterbeschikbaarheid, bevaarbaarheid, natuur en landschappelijke kwaliteit. Veiligheid werkt het meest op ons reptielenbrein in. Het staat bovenaan, maar de meeste dagen van het jaar profiteren we vooral van de andere doelen.

Hoogwaterveiligheid vraagt een rationele ‘risicobril’: hoe groot zijn de kansen op een ramp, wat zijn de gevolgen, welke kosten en baten hebben maatregelen die de kansen verkleinen? Nevenbaten gaan altijd over slimme synergie met andere doelen. Twee van de vele voorbeelden: water vertragen in beken vermindert ook verdroging; nevengeulen langs de grote rivieren zijn ook goed voor riviernatuur en recreatie. Maatregelen eenzijdig gericht op veiligheid zijn niet van deze tijd.

Europese miljarden

Tot slot kan de watersector veel leren over crisismanagement en over beeksystemen in heuvelachtig terrein; van beide hebben we in Nederland eigenlijk niet zo veel. Crises zijn naar, leren is goed.

Een serieus deel van de Europese miljarden uit het coronaherstelfonds zou moeten gaan naar watermanagement, in de getroffen gebieden en elders. Nederland kan leiderschap tonen en bijdragen aan een goede besteding ervan – met onze kennis én onze ervaring.