Activist Frank van der Linde ontdekte dat hij jaren online gevolgd werd door de NCTV.

Foto Lars van den Brink

Linkse activist werd jaren online gevolgd door de NCTV

Politie en justitie De NCTV brengt „geen personen in beeld”, zei justitieminister Grapperhaus in de Kamer. Een linkse activist ontdekte dat hij wél online werd gevolgd en in een terrorismeaanpak belandde.

Frank van der Linde noemt zich activist, idealist en voorheen change manager. Hij maakt zich druk over zaken die wel meer mensen aan het hart gaan – daklozen, racisme, extreem-rechts – maar híj laat zo vaak en dwingend als maar kan van zich horen.

Op 28 november 2019 zit hem bijvoorbeeld een rechtszaak dwars. „Onderweg naar gerechtshof Leeuwarden. Bizarre zaak”, twittert hij. „Donkere jongen werd in elkaar geslagen door witte racist. Politie erbij en arresteert hém. Jongen doet aangifte tegen witte racist én agenten. Alles direct geseponeerd. Video’s van politie worden ‘per abuis’ gewist.”

Met zes rode, boze emoji’s sluit hij af.

Niets bijzonders, zo lijkt het. Maar op de zevende etage van het ministerie van Justitie en Veiligheid in Den Haag zien ambtenaren dat anders. Zonder dat Van der Linde het weet, houden monitoringsspecialisten van anti-terrorismecoördinator NCTV zijn tweets in de gaten via een door hen gecreëerd nepaccount dat ‘Harry van Duinen’ heet. De tweet wordt een screenshot en wordt opgeslagen in het interne systeem. De NCTV stuurt hem ook door naar de politie.

Zelfs een retweet van Frank van der Linde leggen de monitoringsspecialisten vast, van een tweet van een journalist die agenten met ‘lange latten’ ziet rondlopen bij de Stopera in afwachting van een demonstratie. Van der Linde voegt toe: ‘Met lange lat…WTF’. Weer die rood-boze gezichten.

Ook deze tweet belandt in de systemen van de NCTV en bij de politie.

Het volggedrag van de NCTV staat ter discussie. In april onthulde NRC dat de coördinator al jaren via nepaccounts burgers online in de gaten houdt: coronademonstranten, rechtse activisten, milieuactivisten, streng-islamitische predikers. En linkse activisten als Frank van der Linde. Na vragen van NRC werden de nepaccounts van ‘Harry van Duinen’ op Facebook, Instagram en Twitter verwijderd.

Lees ook het onderzoeksverhaal over de NCTV: ‘Onmin en uitglijders bij de club die het land moet beschermen’.

Het hoofd van de NCTV Pieter-Jaap Aalbersberg erkende tegenover NRC dat de bevoegdheden om online uitingen van personen te volgen „juridische versterking” konden gebruiken en deelde mee dat hij het in kaart brengen van personen in opdracht van gemeenten had stilgelegd. De NCTV heeft voor deze activiteiten niet meer bevoegdheden dan welke overheidsinstantie dan ook.

In een vijf uur durend Kamerdebat in juni was demissionair minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) stellig. De NCTV „volgt geen personen”, zei hij, en „doet daar ook geen onderzoek naar”. De NCTV verwerft geen gegevens over personen, „dat doen we niet”. In open bronnen volgen de ambtenaren volgens hem het maatschappelijk debat, maar daarbij worden „echt […] geen personen in beeld gebracht, als doel”.

Toch wil de minister de NCTV nu snel meer ruimte geven om persoonsgegevens te verwerken. In zijn wetsvoorstel staat dat de coördinator online uitingen van burgers wil bekijken om „trends en fenomenen” over veiligheidsthema’s te beschrijven. Als de ambtenaren meelezen op sociale media, kunnen ze een beeld vormen van „het maatschappelijk discours”.

De ervaring van activist Frank van der Linde is een andere. Hij vroeg zijn dossiers op bij de NCTV, de politie en de gemeente Amsterdam en deelde die met NRC. Er blijkt uit dat de coördinator zijn online uitlatingen niet alleen gebruikte voor een algemene schets van het ‘maatschappelijk discours’. De NCTV verspreidde informatie over hem onder politiediensten, veiligheidsinstanties en gemeenten, waarna hij in een terrorismeaanpak belandde.

Onbetwiste onruststoker

Dat Van der Linde voor maatschappelijke onrust zorgt, is onbetwist. Hij demonstreert en provoceert. En weet daar heel soms iets mee te bereiken. Zo leidde hij met anderen in 2015 het verzet tegen de stedenband die toenmalig burgemeester Eberhard van der Laan Amsterdam wilde aangaan met Tel Aviv. Via opiniestukken, WOB-verzoeken en demonstraties zette hij de gemeenteraad onder druk, die uiteindelijk de stedenband blokkeerde.

Van der Linde liet zich ook een keer als opstandige inspreker wegslepen uit de Amsterdamse raadszaal en stond laat in de avond eens voor de ambtswoning van Halsema omdat er een zieke dakloze op straat lag. „Je bent niet goed bij je hoofd”, snauwde Halsema door de intercom – door Van der Linde getapet en online gezet.

Hij is, kortom, geen makkelijke man.

Van der Linde groeide op in Haaksbergen en ging rond zijn dertigste, na een carrière als managementconsultant, werken bij Fairfood International, een non-profitorganisatie voor een eerlijke, transparante voedselketen. Hij werd er directeur. Na zijn vertrek in 2011 noemde hij zich ‘publicist’ en al snel daarna ‘activist’.

In 2016 groeien de acties hem boven het hoofd. Hij zoekt de confrontatie met extreem-rechtse activisten: van online scheldpartijen tot aan de extreem-rechtse protesten die hij bijwoont met radicaallinkse groepen als Antifa. Het levert hem een stroom aan bedreigingen op. Als weblog GeenStijl een link naar zijn huisadres publiceert, slaat de angst toe. Hij verzoekt de politie om een noodknop. Zijn buren eisen dat hij vertrekt, uit angst voor aanslagen. „Mijn huurcontract werd opgezegd, ik belandde op straat”, vertelt hij.

Hij verzoekt de politie om een noodknop

Op zijn weblog klaagt hij in juli 2016 machteloos te staan tegenover de bedreigingen. „Ter zelfverdediging” heeft hij zich „bewapend”. De politie laat hij weten dat zijn ‘bewapening’ bestaat uit een busje pepperspray en een wapenstok. Wie „stevig ageert tegen extreem-rechts”, schrijft hij op dat blog, kán haast niet anders.

De monitoringsspecialisten van de NCTV zien het blog ook en maken notities, blijkt uit het persoonsdossier van Van der Linde. Twee maanden later hebben ze de activist opnieuw in het vizier, nu op Twitter. En dan, op 23 september 2016, informeert de NCTV alle grote gemeenten, de politie, het Openbaar Ministerie, de AIVD, de MIVD en zelfs buitenlandse veiligheidsdiensten over zijn online uitlatingen.

In januari 2017 doen ze dat opnieuw, in een ‘Signalement terrorisme en radicalisering’. De coördinator wil de rapportage niet vrijgeven, maar stelt dat er „diverse open bronnen” voor geraadpleegd zijn.

De vertrouwelijke rapportages stuurt de NCTV officieel slechts ‘ter kennisgeving’ aan andere overheidspartijen, om hen te voorzien van achtergrondinformatie. Maar als zo’n bericht gaat over iemand in je gemeente moet je er iets mee, zegt een Amsterdamse veiligheidsambtenaar. „Als je gewaarschuwd bent, kun je geen risico’s nemen. Je gaat dingen doen om je in te dekken. Om te kunnen zeggen: ik heb iets met de informatie gedaan.”

Dossier 606

Er is de gemeente Amsterdam dus veel aan gelegen om na de NCTV-berichten in actie te komen. Een gelegenheid daarvoor komt sneller dan verwacht: begin 2017 meldt Van der Linde zich bij de gemeente. Hij vertelt dat hij suïcidale gedachten heeft en getraumatiseerd is na alle bedreigingen, ook omdat hij geen beveiliging kreeg, hoe vaak hij er ook om vroeg. Hij wil in therapie, maar heeft niet eens geld om het eigen risico van zijn zorgverzekering te betalen.

Kan de gemeente hem helpen?

Activist Frank van der Linde ontdekte dat hij jaren online gevolgd werd door de NCTV. Foto Lars van den Brink

Het valt perfect samen: de hulpvraag van de activist en alle zorgelijke berichten over hem. De gemeente wil hem in een deradicaliseringsprogramma onderbrengen. Gemeente, politie en hulpverleners bedenken daarbij samen een aanpak voor een volgens hen geradicaliseerd persoon. Omdat er zeer privacygevoelige informatie uitgewisseld moet worden, komt iemand alleen voor de aanpak in aanmerking als hij of zij een geweldsrisico vormt vanuit een extremistisch gedachtegoed.

De gemeente Amsterdam vindt dat bij Van der Linde sprake is van „radicale elementen”, staat in het dossier. Hij geeft „geen ruimte voor discussie”, doet „radicale uitspraken”, is „emotioneel instabiel” en heeft een „psychische stoornis”. Waarop dat laatste is gebaseerd, wordt uit dat dossier niet duidelijk. Waarom hij een gevaar is voor anderen ook niet.

Op 21 juni 2017 besluit de gemeente Frank van der Linde in haar deradicaliseringsaanpak te plaatsen, net als op dat moment 58 anderen, veelal „gerelateerd aan het jihadisme”. In het plan van aanpak staat dat Van der Linde geholpen moet worden bij het „verwerken” van alle „doodsbedreigingen”, die „traumatisch” lijken te zijn geweest. „Doel daarna is werk vinden en leven opnieuw opbouwen”.

Wat het verband is met zijn vermeende radicalisering, wordt niet vermeld. Van der Linde gaat het systeem in als ‘Dossier 606’.

De gemeente weet dat de politie op dat moment juist níet vindt dat hij aan de eisen voor de deradicaliseringsaanpak voldoet. Een gespecialiseerd politieteam duidt hem die zomer als „niet-CTER-waardig”: geen potentiële extremist. Maar zodra burgemeester Van der Laan de handtekening zet waarmee Van der Linde in de aanpak belandt, wordt hij in de politiesystemen toch als zodanig bestempeld. Deze CTER-code vestigt de aandacht op de activist en maakt het overheden makkelijker hem in de gaten te houden.

De rechtbank zal later, in het voorjaar van 2021, bekrachtigen dat niet duidelijk is waarom Van der Linde een extremist zou zijn. De code bij zijn naam moet uit alle overheidssystemen worden verwijderd.

Onverwacht goed nieuws

Van het hele ambtelijke vergadercircuit krijgt Van der Linde in juni 2017 naar eigen zeggen alleen dit mee: een ambtenaar belt hem op een dag onverwachts op met ‘goed nieuws’. Zijn therapie wordt vergoed. Hij mag zelfs met behoud van uitkering naar het buitenland vertrekken – hij wil graag weg uit Nederland. Van der Linde is aangenaam verrast. Voor het eerst stelt hij geen kritische vragen. Hij is overspannen, voelt zich in Nederland onveilig en reist naar Berlijn.

Van de aanpak komt weinig terecht. Omdat Amsterdam de facturen soms niet op tijd betaalt, stokt de therapie. Van der Linde heeft geen werk en in 2018 besluit de gemeente dat zijn uitkering komt te vervallen.

De gemeente Amsterdam vindt dat bij Van der Linde sprake is van „radicale elementen”, staat in het dossier

De ambtenaren verwachten dat Van der Linde daar „boos” op zal reageren, melden ze in een memo aan waarnemend burgemeester Jozias van Aartsen. De Amsterdamse politie besluit Duitsland op de hoogte te brengen. In een e-mail van 29 mei 2018 wordt de Duitse politie „gewaarschuwd” voor de aanwezigheid van Van der Linde in Berlijn. Er staat dat hij door het verlies van zijn uitkering misschien wel een „geweldsdaad tegen de autoriteiten” wil plegen. Maar in dezelfde mail erkent de politie daar geen aanwijzing voor te hebben.

Waarom dan toch zo’n heftige waarschuwing aan een buitenlandse opsporingsdienst? Volgens een woordvoerder geeft de politie in de betreffende e-mail alleen maar wat nuttige „achtergrondkennis” door aan „de Duitse collega’s”.

Niet gewelddadig

Nu zijn uitkering in het buitenland stopt, keert Van der Linde terug naar Amsterdam. De gemeente lijkt beducht voor zijn terugkeer. „Terwijl hij in Berlijn is, richt hij zijn activisme weer steeds meer op Amsterdam en Nederland”, staat in een memo aan Van Aartsen. In een overleg in augustus 2018 wordt het „risico” besproken dat de activist „de media gaat opzoeken”.

Begin september is Van der Linde terug en komt hij bij de gemeente op gesprek. Daar hoort hij naar eigen zeggen voor het eerst dat hij in de deradicaliseringsaanpak zit. „Hij lijkt het er niet mee eens te zijn”, staat in het verslag van de gemeente.

Was het onduidelijk waarom hij in de aanpak belandde, net zo vaag blijft waarom hij er weer uit wordt gehaald. Op 7 maart 2019 ontvangt Van der Linde een ‘uitstroombrief’ van de nieuwe burgemeester Femke Halsema. De gemeente en betrokken instanties, waaronder de NCTV, hebben getoetst „of er nog sprake is van concrete signalen en risico’s die wijzen op radicalisering”. Van der Linde voldoet daar niet meer aan. „Dat is goed nieuws”, schrijft Halsema.

De gemeente Amsterdam wil vragen van NRC over het persoonsdossier van Van der Linde niet beantwoorden „in verband met de privacy van betrokkenen”.

Ook de NCTV gaat niet in op individuele casuïstiek. „De NCTV volgt geen personen zoals de politie of inlichtingendiensten dat doen.” Op een vraag naar het aantal tweets van burgers dat de NCTV doorstuurt naar de politie, komt een algemeen antwoord: „Waar relevant” en altijd ten behoeve van „duiding en analyse van fenomenen”.

Lees hier het verhaal: ‘De NCTV: autonome terreurbestrijder of loopjongen van de minister?’

De politie vond Van der Linde al geen potentieel gevaarlijke extremist. De gemeente Amsterdam vanaf begin 2019 dus evenmin. Hij is misschien radicaal, maar houdt zich aan de wet en is niet gewelddadig, stellen alle betrokken instanties dan vast in een overleg over zijn verwijdering uit de aanpak. „Subject zal hoogstwaarschijnlijk altijd radicaal blijven”, zegt een justitie-ambtenaar volgens de notulen van het overleg. Een gemeenteambtenaar: „Hij zal blijven provoceren”.

Er is voor zover bekend dan nog maar één instantie die Van der Linde buiten zijn medeweten om blijft volgen. Dat is de NCTV.

Tot ver in 2020 slaat de coördinator tweets van Van der Linde op. Eerst die ene retweet met de lange latten en de boze emoji’s. Dan die over de rechtszaak in Leeuwarden. Een interview met Van der Linde in het AD over dat hij met andere activisten met de fiets over de snelweg wil, zoals de boeren met hun trekkers.

Een tweet over huisuitzettingen, een over kapitalisten in coronatijd, een over een demonstratie bij de Israëlische ambassade, een over intimidatie van activisten. Als Frank van der Linde zijn dossier opvraagt bij de NCTV, komen die alle boven en ziet hij dat de coördinator ze nog altijd naar de politie stuurde. Tot aan de opheffing in april van dit jaar is het NCTV-nepaccount op Twitter hem blijven volgen.