Dieren voorbij het einde van de wereld

Ultieme dieren

bood de Rotterdamse tekenaar Raoul Deleo een vat alcohol aan, maar die zal zijn vondsten nooit conserveren.
Toekantweelingkrab (Tucanogemina carcinoforma) op het strand van Terra Ultima.
Toekantweelingkrab (Tucanogemina carcinoforma) op het strand van Terra Ultima. illustratie Raoul Deleo

‘De hersenen van de Toekantweelingkrab zijn verdeeld over de koppen. Met de linkerkop neemt hij waar, met de rechter- stuurt hij zijn bewegingen aan. De koppen wisselen informatie uit, door hun snavels ritmisch tegen elkaar te tikken.”

Mijmerend over dit bijschrift van een tekening in het boek Terra Ultima van Raoul Deleo zie ik de ontdekkingsreiziger voor me met zijn schetsboek en potlood op het strand van het onbekende continent dat hij ontdekte. Oog in oog met het opmerkelijke schaaldier combineert Deleo het scherpe observatievermogen van een bioloog met het vakmanschap van een wetenschappelijk illustrator. Werkelijk alles – zowel kleur, vorm als functie – klopt aan Tucanogemina carcinoforma. Of juist niet, want het is maar net hoever je je kan of wil laten meevoeren in zijn wonderlijke wereld. Mij lukt dat moeiteloos.

Neem de Gelaagde bloemkraaggaai (Garrulus floricollaris) die met een ingeklapte kraag „nog het meest aan een badmintonshuttle doet denken” of de Blauwe waaierstaartkikker (Rhipidurana caerulea) behorend tot „de bekbroeders die hun jongen in de kwaakblaas dragen totdat ze vleugels hebben ontwikkeld”. Zelfs de wetenschappelijke namen die Deleo aan zijn ontdekkingen op Terra Ultima geeft, overstijgen het potjeslatijn van gerenommeerde taxonomen. De Koraalpanter (Coralleopardus perforatus) is afgebeeld over de breedte van twee pagina’s met een kalkskelet dat door boormossels wordt geperforeerd „tot het punt waarop je [hem] niet meer kunt zien, maar alleen nog vermoeden”.

De enige moeite die ik met het werk van Deleo heb, is dat hij nooit iets tastbaars meeneemt van zijn expedities. Meerdere keren heb ik hem een vat alcohol aangeboden waarin hij dieren moeiteloos kan conserveren en transporteren, maar dat weigert hij beleefd. Vermoedelijk is hij als kunstenaar te weekhartig om zijn vondsten met droge ogen voor de wetenschap te verzamelen. De mensheid moet het doen met zijn tekeningen.

Het is de verdienste van mijn collega-bioloog Noah J. Stern (van wie ik nog nooit gehoord had) dat het boek ook lezenswaardig is. Hij kreeg namelijk toegang tot het archief van Deleo en kon met zijn dagboeken drie expedities reconstrueren. Op een obscuur knipsel vond hij zelfs het grootste geheim van Deleo: „Terra Ultima moet gezocht worden tussen Alaska en Azië. Zet vanaf de Tsjoektsjenzee koers naar de Beaufortzee en stuur aan op de Deltagolf. Vandaar wijst het zich vanzelf.”

Raoul Deleo: Terra Ultima. De ontdekking van een onbekend continent (samengesteld en ingeleid door Noah J. Stern). Uitgeverij Lannoo, 25,99 euro