Reportage

Valkenburgers zijn dierbare spullen kwijt, maar ‘verder is er weinig aan de hand’

Overstromingen In Valkenburg komt het toerisme na de overstromingen weer voorzichtig op gang. Niet iedereen zit daarop te wachten, hoe belangrijk de sector ook is. „Ik hoop dat we elkaar blijven omarmen.”

Voor de kabelbaan in het Limburgse Valkenburg staan weer rijen.
Voor de kabelbaan in het Limburgse Valkenburg staan weer rijen. Foto Chris Keulen.

‘Ik heb weer koffie”, zegt José Hounjet opgelucht. Groot leed is de eigenaresse van hotel De Heren van Valkenburg bespaard gebleven. Ze heeft vannacht een eerste gast gehad na de overstromingen van vorige week. Het zouden er meer kunnen zijn – ware het niet dat veel mensen hebben geannuleerd. „Ze willen een romantisch weekendje niet in een rampgebied doorbrengen. Dat is te begrijpen. Vooral als de indruk wordt gewekt dat Valkenburg één grote rotzooi is.”

Dat is volgens haar overdreven. „Er zijn restaurants en hotels die nergens last van hebben gehad. Het is lastig dat straks op het terras toeristen vrolijk aan het bier en de bitterballen zitten terwijl even verderop zaken niks kunnen en zelfs niet weten of ze überhaupt nog kunnen beginnen. Maar laat binnenkort alsjeblieft iedereen lekker komen.”

Wel of niet naar Valkenburg, dat is de kwestie. Op de kasteelruïne, misschien wel de oudste toeristische trekpleister van Nederland, wandelen weer dagjesmensen. Personeel van restaurants aan de voet van de Cauberg kan de bestellingen nauwelijks bijbenen. En voor de ingang van de kabelbaan naar de Wilhelminatoren op de Heunsberg, al sinds de jaren vijftig een attractie van jewelste, is het weer gezellig druk.

„Het is een beetje vreemd om hier te lopen. Maar we willen de ondernemers steunen. De toeristen moeten hier niet weg blijven na zo’n rotperiode”, zeggen Jaco en Jolanda Meyer, die met hun twee jonge kinderen wachten om in de stoeltjeslift plaats te nemen.

Eigenaar Paul Geenen van de kabelbaan ontvangt bezoekers hartelijk. Geenen: „De indruk bestaat dat het nog maanden duurt voordat Valkenburg weer op orde is. Dat is niet zo. Het is triest dat een aantal mensen veel dierbare spullen zijn kwijtgeraakt, maar verder is hier weinig aan de hand. Een deel van het centrum blijft dicht. Andere attracties zijn open.”

Pallets met schuursponsjes

Het contrast met de zwaar getroffen bewoners en ondernemers langs de Geul is groot. Want inderdaad, niemand wil dat de watersnood de reputatie van Valkenburg als vakantieoord aantast, daarvoor is dit economische hart van het Heuvelland veel te waardevol. Maar om meteen alle toeristen royaal uit te nodigen in het stadje waar zowat tweeduizend inwoners zijn geëvacueerd en zevenhonderd woningen vooralsnog niet kunnen worden bewoond, waar 400 miljoen euro schade is geleden? „Ik vind het een moeilijke kwestie”, zegt Claudia Volders, met haar man George Laheij eigenaar van het grote hotel Walram. Ze heeft dramatische momenten beleefd. „Het was een rampenfilm.” De schade is enorm, ze maken zich grote zorgen over hun verzekeringspolis.

Lees ook hoe het een week eerder was in Valkenburg: In Valkenburg staat het water anderhalve meter hoog in de straten

Ze is vol ongeloof als ze te horen krijgt dat zojuist een toerist kwam vragen of er een kamer vrij was. „Nee toch?” Ze hoopt op „collegialiteit” van de concurrenten. „Ik gun ondernemers dat ze hun ding kunnen doen. Maar ik hoop dat ze niet willen profiteren van onze problemen. Er is ook een tussenweg.”

Ze vertelt over bedrijven die uit solidariteit met gedupeerden gesloten blijven, of een barbecue voor hen organiseren. „Hoe mooi is dat?” Ze hoopt dat ondernemers die aan de watersnood zijn ontsnapt, haar stadje draaiende houden, en ook de getroffen concurrenten steunen. „Ik hoop dat we elkaar blijven omarmen.”

Niemand wil dat de watersnood de reputatie van Valkenburg als vakantieoord aantast Foto Chris Keulen.

Ook burgemeester Daan Prevoo kreeg deze week de vraag wanneer toeristen weer welkom zijn. Lastig in te schatten, vond hij, want sommige herstelwerkzaamheden zijn sneller voltooid dan andere. „Maar het moet niet te druk worden.” Toeristen moeten de wederopbouw niet hinderen. Bovendien geldt in de groene gebieden rondom Valkenburg een noodverordening vanwege gezondheidsrisico door achtergebleven vervuild slib.

Nu al iedereen weer welkom heten gaat hem te ver. „We willen voorkomen dat er irritatie ontstaat. Gedupeerden zijn getraumatiseerd. Er zijn ondernemers die het niet over hun hart kunnen verkrijgen om open te gaan als ze weten dat vijftig meter verderop een collega nog niet open kan. Daar spreekt een mens. Daar spreekt niet iemand die denkt: linksom of rechtsom zal ik mijn euro’s naar binnen trekken.”

Prevoo was pas honderd dagen in functie toen het water kwam, maar heeft zich in de week na de ramp in Valkenburg onsterfelijk gemaakt. Onvermoeibaar onderhandelt hij met het Rijk en verzekeraars en staat hij bewoners met raad en daad bij. Donderdag duikt de alomtegenwoordige burgervader ineens op bij het Walramplein. Met de ambtsketen om verwelkomt hij een vrachtwagen met schoonmaakmiddelen. Prevoo: „Ik kreeg vanmorgen een telefoontje van een oude kennis. Die had met zijn baas bij de Action geregeld dat hij achttien pallets handschoenen, schuursponsjes en huishouddoekjes kon komen brengen.” Dankbaar rijdt hij de pallets uit de truck. „Het liefst zou ik jullie om de nek vliegen.”

Lees ook het tweede deel in deze serie: De burgerwacht is ‘s nachts waaks voor de plunderende ‘ratten’