De belangrijkste zaak van Peter R. de Vries

Terugblik Puttense moordzaak Deze donderdag wordt de vermoorde journalist Peter R. de Vries begraven. Nog één keer blikt NRC terug op de Puttense moordzaak, die als zijn voornaamste nalatenschap kan worden beschouwd. „Voor die mensen heeft Peter hun leven gered.”

Duizenden manuren en honderdduizenden guldens besteedde De Vries aan de uitzendingen over de Puttense moordzaak: „Niet voor kijkcijfers of sensatie, maar gewoon: voor gerechtigheid.”
Duizenden manuren en honderdduizenden guldens besteedde De Vries aan de uitzendingen over de Puttense moordzaak: „Niet voor kijkcijfers of sensatie, maar gewoon: voor gerechtigheid.” Foto Ruben Schipper / ANP

Peter R. De Vries richt zich zoals altijd aan het slot tot de kijker. „Er wordt nogal eens geschamperd dat het alleen maar om geld, sensatie en kijkcijfers gaat.” Het is 24 april 2002 en de emotie van de dag is te zien in zijn vochtige ogen en de lichte verkramping in de mondhoeken. De ‘twee van Putten’, Wilco Viets en Herman du Bois, zijn die dag in het herzieningsproces vrijgesproken van de moord en verkrachting van de 23-jarige stewardess Christel Ambrosius, waarvoor ze ruim zes jaar hebben vastgezeten.

Lees ook: Uren in de rij voor een laatste groet: ‘Peter R. de Vries was een groot man

De Vries spreekt van duizenden manuren en honderdduizenden guldens die zijn uitzendingen over de Puttense moordzaak hebben gekost. „Niet voor kijkcijfers of sensatie, maar gewoon: voor gerechtigheid.”

Wilco Viets, die dezelfde dag vader is geworden, en Herman du Bois zijn na een juridische strijd van alle blaam gezuiverd. Stuwende kracht daarachter: journalist Peter R. De Vries. „En denkt u: blijft het bij de 39 uitzendingen hierover? Ik kan het niet beloven, want de dader loopt nog vrij rond en die moet gepakt worden.”

Het blootleggen van de gerechtelijke dwaling in de Puttense moordzaak kan worden beschouwd als de belangrijkste nalatenschap van de deze maand omgebrachte misdaadverslaggever Peter R. De Vries. Deze donderdag is de uitvaart in Amsterdam.

Advocaat Geert-Jan Knoops, die uiteindelijk een succesvol herzieningsverzoek deed, zegt dat „de perceptie is gaan kantelen” onder druk van De Vries. „Zonder zijn interventie in die zaak, zijn geloof in de onschuld, was dat niet gebeurd.”

Boris Dittrich, toen D66-Kamerlid en lange tijd de enige die de Puttense moordzaak aan de kaak stelde in de Tweede Kamer, zegt dat de dwaling „stond voor iets breders”. Voorheen stonden in Nederland de opsporingsinstanties zelden ter discussie, ze werden onfeilbaar geacht. „Dit was de eerste van een aantal dwalingen. ”

Lees ook deze reportage: Gerechtelijke dwalingen in Nederland; ze komen vaker voor dan je denk

Waarom verbond De Vries zijn prille programma aan de onschuld van twee Puttense mannen die tot in hoger beroep waren veroordeeld voor een gruwelijke lustmoord op zondag 9 januari 1994? Een terugblik.

‘Geen idee wie De Vries was’

De Puttense moordzaak, toen nog de zaak-Ambrosius, komt kort voor de lancering van het programma Peter R. De Vries, misdaadverslaggever op het pad van De Vries. Collega-journalist Hendrik-Jan Korterink volgt de strafzaak en is zeker niet de enige die de gang van zaken curieus vindt. Er is een spermadruppel gevonden op het slachtoffer die niet van de twee Puttenaren is. Het lijkt het Openbaar Ministerie nauwelijks te interesseren.

Korterink, overleden in 2020, benadert de vrouw van de veroordeelde Herman Du Bois, Anja, voor het programma van De Vries. Die heeft op dat moment „geen idee wie De Vries is en over welk programma hij het had”. Maar aandacht voor de zaak, dat kan geen kwaad. Vanaf het hoger beroep, dat de twee in oktober 1995 verliezen, volgt De Vries het proces van nabij. De cameraploeg loopt al mee met Anja, die radeloos is. „Ik hoop dat ik hulp krijg, iemand die me wat kan aanreiken. Ik weet ook niet wat.”

Een passage uit de notulen van de redactievergadering van 31 augustus 1995.

Beeld privé-archief familie Korterink

Het zijn „echt mensen waar je voor wil knokken”, zegt Kees van der Spek, sinds 1996 rechterhand van De Vries in het programma. „Dat leerde Peter ons ook: het is niet alleen de kille zaak die juridisch interessant is, maar stel je die mensen voor die in Putten wonen en opeens in die kafkaëske nachtmerrie belanden.”

De Vries laat de zaak niet meer los. In de notulen van de redactievergadering van 24 oktober 1995 klinkt het: „Dit moet een top-dossier worden.” Het programma is dan twee weken oud en de voorbereidingen voor de eerste uitzending over de Puttense moordzaak zijn in volle gang. „Alle middelen zijn hiervoor aanwezig. Er moet goed op de details gelet worden.”

Een passage uit de notulen van de redactievergadering van 24 oktober 1995.

Beeld privé-archief familie Korterink

Op 14 november is het zover: de eerste uitzending over de zaak-Ambrosius. „Gerechtigheid of gerechtelijk dwaling? Oordeel zelf”, zo houdt De Vries de afweging nog aan de kijker.

Te zien is een reconstructie met vier mannen die zich ophouden rond het huis van de oma van Christel, de plaats delict. Marco Kamphuis, regisseur van die uitzending, zegt dat Peter R. „precies zo’n wit kabouterhuisje wilde als dat in Putten. Alles moest precies zijn zoals het volgens politiedossiers was aangetroffen.” Ook de acteurs moesten zoveel mogelijk lijken. Dat lukte soms zo goed dat Kamphuis weleens meemaakte dat betrokkenen bij een zaak even verstarden. De groene Mercedes waar de vier Puttenaren zich in verplaatsten „moest natuurlijk precies dat model zijn, dat jaar, die kleur”.

Knoop het in je oren: stoppen doen we pas als de waarheid boven tafel komt. Al kost het me nog tachtig uitzendingen

Peter R. De Vries misdaadjournalist

De feiten zijn op dat moment als volgt: ja, er is een spermadruppel van een ander maar er liggen bekentenissen uit de politieverhoren (de voice-over spreekt van een ‘brij van verklaringen’). Drie van de vier betrokkenen hebben hun verklaringen inmiddels teruggetrokken.

Oud-hoofdcommissaris Jan Blaauw, die de zaak onafhankelijk onderzoekt op verzoek van De Vries, zegt dat je verdachten zelfs de moord op Bonifatius kunt laten bekennen. In de Puttense moordzaak waren de verklaringen tot stand gekomen na 244 verhoren, soms tot diep in de nacht en altijd zonder advocaat. De veroordeelde dertiger Du Bois zegt in het programma vanuit de gevangenis dat hij zo „bang als een wezel” was voor de politie.

Alleen de als labiel bekendstaande Wim Bettink houdt zijn relaas staande: hoe hij voor het raam gezien heeft dat Wilco en Herman de jonge vrouw toetakelden. Hij is ook de enige die geen straf kreeg. De vierde van het stel, de schoonvader van Du Bois en Viets, kreeg twee maanden celstraf omdat hij niet ingegrepen had.

‘Het gezeur van Peter R.’

Nadat verschillende getuigen bij het programma meldden dat de vier helemaal niet in het bos waren ten tijde van de moord, komt De Vries met twee schijnbare doorbraken. Hij interviewt hoogleraar gyneacologie Tom Eskes, die de rechercheurs op het idee bracht van de ‘sleeptheorie’ waarbij sperma van eerder, vrijwillig seksueel contact door de verkrachters naar buiten kan zijn gesleept. Maar inmiddels, naarmate Eskes meer te horen krijgt over de zaak, noemt die het „onwaarschijnlijk” en de redenering „gekunsteld”. Onderzoeker Blaauw, overleden in 2020, spreekt dan al van de „bespottelijke sleeptheorie.”

Ook spoort De Vries getuige Bettink op. Die verklaart tegenover De Vries dat hij „alles heeft verzonnen”. Nadat Bettink daarop door de politie wordt gehoord, omdat sprake kan zijn van meineed, zegt hij weer dat hij maar wat zei „om van het gezeur van Peter R. af te zijn”. Duidelijk is inmiddels dat de verklaring van Bettink weinig waard is. Zeker als hij een jaar later weer in alle ontspannenheid tegen over De Vries en Blaauw zegt dat „de jongens onschuldig zijn”.

Als de juridische wegen bewandeld zijn, en de twee van Putten ook in cassatie bot vangen, schudt het programma de politiek wakker. Een uitzending van 17 april 1997 doet de stand van zaken op dat moment uit de doeken. De Vries stapt in een helikopter om een afstand inzichtelijk te maken voor de kijker en om duidelijk te maken dat een deel van de verklaringen van getuige en ex-verdachte Wim Bettink niet kán kloppen. „We probeerden natuurlijk steeds iets nieuws”, zegt Van der Spek. „Drones bestonden nog niet.”

Het programma looft een beloning uit van 25.000 gulden als degene die vrijwillig seksueel contact met Ambrosius zou hebben gehad, zich meldt. Van der Spek, nu: „Die omkering, daar ging het ons om. Als diegene volgens justitie onschuldig is, kan die toch zo 25.000 gulden komen ophalen?” Natuurlijk meldde niemand zich, zegt Van der Spek.

Later onthulde het programma dat het OM de dna-sporen uit de druppel met die in een andere moordzaak had vergeleken, kennelijk was het OM toch niet zo overtuigd dat het een ‘onschuldige druppel’ betrof.

Notulen van de redactievergadering van 18 september 1995 (pagina 1 van 2).

Beeld privé-archief familie Korterink

Notulen van de redactievergadering van 18 september 1995 (pagina 2 van 2).

Beeld privé-archief familie Korterink

Tot zover Putten, zegt Peter R. De Vries na weer een uitzending over de zaak op 14 november 1999. „En tegen briefschrijvers die ons oproepen om eindelijk op te houden met deze zaak, zeg ik: schrijf het op je buik, knoop het in je oren: stoppen doen we pas als de waarheid en niets dan de waarheid boven tafel komt. Eerder niet, al kost het me nog tachtig uitzendingen.”

Boris Dittrich zoekt dat jaar contact met De Vries en onderzoeker Blaauw, die het dossier binnenste buiten heeft gekeerd. De VHS-banden die naar ‘Den Haag’ zijn opgestuurd, hebben ten minste de interesse van één Kamerlid gewekt. „Ik had een bepaald beeld van Peter R. De Vries. Ik had het programma nog nooit gezien”, zegt Dittrich. „Het sprak mij niet zo aan. Maar toen ik die band bekeek, werd ik erin gezogen.”

Na gesprekken met Blaauw en De Vries, maar ook met de twee veroordeelden, werd hem duidelijk: „Die bekentenis kan je niet serieus nemen. Niet dat ze meteen onschuldig waren, maar ik ging wel heel kritisch kijken.”

‘Hij is enorm tegengewerkt’

Dankzij voortschrijdende dna-technologie kan inmiddels, het is eind jaren negentig, ook ‘dood’ materiaal worden geanalyseerd. Twee haren die op het lichaam van het slachtoffer zijn gevonden en die al die jaren onaangeroerd in de kluis hebben gelegen, worden begin 2000 aan de verdediging ter beschikking gesteld voor onderzoek. Het OM kan daar zelf niet toe overgaan, meldt minister Benk Korthals (Justitie, VVD) in reactie op vragen van Dittrich. Het onderzoek komt volgens de voice-over van Peter R. De Vries, misdaadverslaggever, daarom „op initiatief van dit programma en is afgedwongen door advocaat Doedens”. De uitslag: de dna-structuur komt overeen met die van de spermadruppel.

Advocaat Piet Doedens zegt dat dit „niet anders dan als een nieuw feit” moet worden beschouwd, en dus herziening van de zaak moet volgen. Als minister Korthals zich maar niet laat interviewen over de zaak, zetten De Vries en Van der Spek een valletje. Terwijl Van der Spek de minister met draaiende camera aanspreekt over iets heel anders, komt De Vries aangespurt. Die breekt bruut in. Korthals: „Maar ik sta nu met …” De Vries, grijnzend: „Die wacht wel even.” Korthals: „Oh, jullie horen bij elkaar.”

Dat de handen van de minister gebonden zijn, het oordeel over herziening is immers aan de Hoge Raad, wil er bij De Vries niet in. „Zit deze zaak u lekker?” Korthals: „Dat moet u mij niet vragen, het geweten van een minister is niet doorslaggevend, dat weet u.” De Vries: „Ze zitten al zes jaar onschuldig vast“. Korthals: „Misschien wel, maar misschien niet.”

De Hoge Raad wijst even later het verzoek af: „Uit niets kan volgen dat voor het Hof van betekenis is geweest de vraag of die sporen en haren al of niet van één persoon afkomstig zijn”. Dan is wat betreft raadsman Doedens de juridische weg uitgeput.

Studie naar de verhoortechnieken

In september 2000 dient Geert-Jan Knoops namens de twee van Putten een nieuw herzieningsverzoek in, met onder meer een wetenschappelijke studie naar de verhoortechnieken die zijn gehanteerd en met de gedetailleerde analyse van Blaauw. Nu vindt de Hoge Raad dat de zaak over moet, een zeer zeldzaam besluit. Locatie ditmaal is het Gerechtshof in Leeuwarden, waar in februari 2002 het proces wordt overgedaan. „Waar we zeven jaar geleden in alle stilte aan begonnen, trekt nu het voltallige vaderlands persleger”, zegt De Vries bij aanvang.

Twee maanden later, in afwachting van de uitspraak, staan Du Bois en Viets voor het gerechtshof op het plein in Leeuwarden. Hun straf zit er op dus ze waren al vrij man. De Vries vraagt naar hun voorspelling. Ze durven amper nog te hopen. Dan volgen de verlossende woorden. De arresten van het Gerechtshof te Arnhem uit 1995 worden vernietigd, het hof acht de tenlasteleggingen niet bewezen „en spreekt hen daarvan vrij”.

Van der Spek herinnert zich de „veelzeggende blik” die Peter R. kreeg toegeworpen van de advocaat-generaal, die de weken daarvoor nog betoogde dat het OM niet twijfelt aan de schuld. „Zo van: goed dat jullie hebben doorgezet. Ik las erin dat ze er zelf ook geen zak meer van geloofden.”

Knoops is nog steeds niet te spreken over de opstelling van de ‘justitiële kolom’. „Ze hadden moeten zeggen: dit is een dwaling. Punt.” Dat gebeurde niet. Voorzitter Joan de Wijkerslooth van het college van procureurs-generaal schreef in een column: „Hoezo blunders?” Knoops: „Redelijk badinerend was dat, ook naar het Hof toe en zeker naar de twee vrijgesproken mannen. Het getuigde niet van respect voor het werk van Blaauw en De Vries. Alle lof die Peter R. de Vries nu krijgt, ook van het OM, is terecht. Maar die had hij bij leven moeten hebben. Hij is enorm tegengewerkt.”

‘De mooiste dag in dertig jaar’

Als in 2008 Ronald P. wordt opgepakt na een dna-match, beleeft De Vries „zijn mooiste dag in dertig jaar misdaadverslaggeving”. Weer die vochtige ogen, de trekken in de mondhoek – inmiddels zonder snor. De veroordeelde P., die volhoudt slechts een seksrelatie met Ambrosius te hebben gehad, wordt tot achttien jaar cel veroordeeld.

Voor Viets en Du Bois en hun gezinnen komt er nu een eind aan alle mogelijke twijfel om hen heen. Du Bois zei al dat pas met het pakken van de dader „het boek kan worden gesloten”.

De Puttense moordzaak heeft 44 afleveringen van De Vries’ programma omvat. „Ik denk ook terug aan de vermoeidheid na weer een uitzending”, zegt Van der Spek. „Maar als we er alleen een beetje aandacht aan hadden besteed, hadden mensen misschien gedacht: beetje vreemd verhaal, maar je wordt toch niet zomaar veroordeeld. Dat denkt nu niemand meer. Dankzij Peter. Ere wie ere toekomt. Echt, voor die mensen is Peter degene die hun leven heeft gered.”

Lees ook dit artikel: Dit zijn de bekendste zaken van Peter R. de Vries Lees ook dit artikel: ‘Een dubbele gerechtelijke dwaling in de Puttense moordzaak’

Correctie (25 juli 2021): In een eerdere versie van dit artikel stond dat Peter R. de Vries zou worden begraven. Dat is hierboven aangepast.