Opinie

De ruimterace is meer dan een miljardairsfantasie

branson, bezos en musk

Commentaar

In Peter Hamiltons sciencefiction-klassieker Pandora’s Star maken de eerste astronauten op een vlucht naar Mars een moeizame landing, om tot hun verbijstering te worden opgewacht door twee jongeren in geïmproviseerde ruimtepakken. Zij zijn rechtstreeks vanuit hun lab in Californië, met een door hen uitgevonden wormgat, op Mars gestapt en maken traditionele ruimtevluchten in één klap overbodig. De twee zullen uitgroeien tot de rijkste ondernemers ooit, in een intergalactisch rijk dat door hun uitvinding mogelijk is geworden.

Vergeleken met deze fantasie is de huidige ruimterace van drie multimiljardairs bescheiden. Vorige week vertrok de Brit Richard Branson voor vier minuten ruimtegymnastiek, 20 juli is de beurt aan internettycoon Jeff Bezos en in september tilt mega-uitvinder Elon Musk de eerste burgers buiten de aarde.

Allen betreden, hoe kort ook, een immens vijandige omgeving: een vacuüm met temperaturen dicht bij het absolute nulpunt, moordende stralingsniveaus en onvoorstelbaar grote afstanden.

Dat onderstreept hoe groot de kloof is tussen fantasie en werkelijkheid waar het de verovering van de ruimte betreft. De mens is fysiek nog niet verder gekomen dan de maan, en dat is alweer een halve eeuw geleden. Aardbewoners van destijds zouden hoogst teleurgesteld zijn over de vorderingen die nu, in 2021, zijn gemaakt met de bemande ruimtevaart: een internationaal ruimtestation dat inmiddels al verouderd begint te raken, en drie miljardairs die verwikkeld zijn in wat al ‘een potje ver-plassen’ is genoemd – sowieso niet aan te raden in gewichtloze toestand.

De ruimtevaart heeft zich in de tussentijd met succes geconcentreerd op onbemande vluchten – missies naar de dichtstbijzijnde planeten of naar astroïden. Maar er wordt ook weer gedacht aan bemenste vluchten. De VS zijn niet langer de enige grootmacht die in staat is, en de ambitie heeft, er grootschalige programma’s op na te houden. Met name China doet zich gelden. En in de VS is er ruimte ontstaan voor het particulier initiatief – Elon Musk is met SpaceX in het gat gesprongen dat ruimtevaartorganisatie NASA zelf heeft laten vallen. Bezos heeft grote ambities met zijn ruimtebedrijf Blue Origin.

Twee kwesties dringen zich hier op. Een herleving van de ruimterace tussen staten maakt het noodzakelijk te herbevestigen dat de ruimte zelf niet toebehoort aan welk individueel land dan ook. Ze is het domein van de mensheid zelf.

Dat geldt ook voor toekomstige exploitatie van hulpbronnen, of claims, door particuliere ondernemingen. Wie internet beschouwt als een onverwachte, nieuwe wereld die op het pad van de mensheid kwam, heeft moeten toezien hoe zich daar in korte tijd pseudo-monopolies ontwikkelden – die veel van de huidige multimiljardairs hebben voortgebracht.

De timing van de huidige race tussen de drie heren is ongelukkig. De heropleving van Covid-19, de overstromingen in Europa en de extreme temperaturen in onder meer Canada suggereren dat de aarde zelf al problemen genoeg heeft. Nog los van de enorme vermogensongelijkheid waar de drie symbool voor staan.

Maar het gaat te ver om te eisen dat alle aardse problemen eerst moeten worden opgelost voordat de mens zich buiten de eigen planeet mag wagen. Wie weet zijn we in een verre toekomst nog blij dat de sprong op tijd wordt gemaakt. Al was het maar om er misschien achter te komen dat het ruimterijk er nooit van komt, de mens weinig anders heeft dan de eigen planeet – en er maar beter heel zuinig op kan zijn.

Lees ook dit artikel: Achttienjarige Nederlander vliegt mee met Jeff Bezos: jongste persoon in ruimte ooit