Opinie

Van onmacht naar macht kan via de bestuursrechter

Politiek Decentralisatie heeft voor de burger desastreuze gevolgen. Drastisch hervormen van het bestuursrecht biedt volgens soelaas.
Paleis Kneuterdijk in Den Haag waarin de Raad van State is gevestigd.
Paleis Kneuterdijk in Den Haag waarin de Raad van State is gevestigd. Foto Peter Hilz

In zijn Binnenhoflezing (NRC, 7/7) voert Jouke de Vries polarisatie en fragmentatie aan ter verklaring van de onmacht van de Nederlandse politiek. Ik denk dat het eerder andersom is: onmacht geeft onvrede geeft polarisatie en fragmentatie. Een van de belangrijkste oorzaken van die onmacht in Den Haag is het gevolg van de (bewuste) delegatie van verantwoordelijkheden.

De afgelopen jaren zijn door Den Haag allerlei overheidstaken gedelegeerd aan provincie en vooral aan de gemeente. Enkele voorbeelden. De jeugdzorg is aan de gemeente overgedragen, want tegen lagere kosten zou de gemeente dit probleem veel beter kunnen aanpakken. Den Haag moet nu onmachtig toekijken hoe de jeugdzorg faalt. Ook tal van uitkeringen lopen via de gemeente, met ongelijkheid en onvrede tot gevolg. Den Haag kijkt onmachtig toe.

Onmachtig

En ook is de gemeente verantwoordelijk voor de ruimtelijke ordening en weer moet Den Haag onmachtig toekijken hoe de woningbouw stagneert met woningnood tot gevolg.

Zo is de onmacht van de centrale overheid ook de onmacht van de gemeente geworden door gebrek aan geld en door beperkte geschiktheid. En toch blijven deze instanties met gemak overeind, terwijl de van de overheid afhankelijke burger voortdurend het nakijken heeft, met onvrede tot gevolg.

Lees ook: Er is niet te weinig tegenmacht maar te weinig macht

De Vries ziet de rechter als reddende engel: doordat de politiek het laat afweten worden de besluiten buiten de politiek genomen en de rechterlijke macht (zie de Urgendazaak) wordt daarbij steeds meer betrokken. De Urgendazaak is echter een uitspraak geweest van de ‘gewone’ rechter, terwijl bij beslissingen van de overheid de burger meestal te maken heeft met de bestuursrechter en dan is de rechter niet meer de reddende engel. Kijk bijvoorbeeld naar de voor de burger desastreuze rol van de bestuursrechter bij de Toeslagenaffaire.

De onmacht van de overheid en vooral de onmacht van de gemeente heeft al vele slachtoffers gemaakt. Klagen helpt niet, want de bezwaarprocedure is ingewikkeld, kostbaar en de gemeente kan nagenoeg zonder sancties beslissingen eindeloos lang voor zich uitschuiven.

De onmacht van de overheid heeft al vele slachtoffers gemaakt

De gang naar de bestuursrechter zou uitkomst moeten bieden. Maar dan krijgt de burger te maken met het bestuursrecht waarvan de uitwerking is overgelaten aan de gemeente, vastgelegd in vage plannen en visies. En op basis hiervan neemt de bestuursrechter, met de Raad van State als hoogste instantie, een beslissing die mede daarom maar al te vaak uitvalt in het voordeel van de overheid. Zo weet de gemeente onmacht om te zetten in een evenzeer ontwrichtende macht, met hulp van de bestuursrechter. De Ombudsman spreekt in dit verband van meer dan een miljoen ‘slachtoffers’).

Vrije interpretatie

Om de door Jouke de Vries geconstateerde onmacht te bestrijden is een drastische herziening van het bestuursrecht nodig. Daarbij dient in ieder geval de vrije interpretatie van dat recht door de lagere overheden aan banden te worden gelegd. Daarnaast zouden de rollen van de bestuursrechter en die van de Raad van State moeten worden herzien, waarbij in ieder geval de intieme relatie met de overheid moet worden verbroken.

De burger zal meer centraal moeten staan. „Je kunt je afvragen”, ik citeer rechtsgeleerde Leonard Besselink, „of een bestuursrechter die zo systematisch het bestuur volgt en daarmee het zicht op het gerechtvaardigde belang van de burger kwijt is, wel een neutrale rechter is – een fundamentele eis van de democratische rechtsstaat.”