Reportage

Waar nu modder is, waren eerder nog acht families aan het kamperen

België In het schilderachtige Ourthedal is het rustige riviertje veranderd in een koffiebruine maalstroom: een klap voor het toerisme. „En we hadden al zo’n slecht jaar door corona.”

Straatbeeld vrijdag in Angleur, in de Belgische provincie Luik.
Straatbeeld vrijdag in Angleur, in de Belgische provincie Luik. Foto Valentin Bianchi/AP

Hoofdschuddend kijkt Monique Hallet (67) van onder haar paraplu naar de volledig ondergelopen hoofdstraat van Tilff, een dorp in de heuvels ten zuiden van Luik. Veel gebouwen staan anderhalf tot twee meter onder water. Het dak van sommige auto’s is nog net te zien. Even verderop kolkt de boosdoener, het anders zo lieflijke riviertje de Ourthe dat door overvloedige regenval is veranderd in een reusachtige koffiebruine maalstroom.

Lees ook deze reportage vanuit Duitsland: ‘Bedden, auto’s, de hele drogisterij met parfumflesjes stroomde voorbij’

„Zo erg als dit hebben we het beslist nooit eerder gehad”, zegt Hallet, die zelf veilig in een huis op de heuvels woont. „Het pleintje bij de rivier stond wel eens blank, maar dit is echt rampzalig. Kijk nou naar dat mooie nieuwe Bowlingcentrum daar, net gebouwd en nu alweer bedorven.” Mismoedig steekt ze haar telefoon in de zak. Ze kan geen contact krijgen meteen vriendin, die sinds woensdagavond vastzit in een van de ondergelopen huizen. „Ze hebben geen elektriciteit meer en de batterij is natuurlijk al leeg.”

Hallets vriendin is echter beter af dan een vriend van haar, die bij de rivier woonde. Hij wilde nog even snel wat uit de kelder pakken, vertelt ze, maar net op dat moment gutste het water met grote hoeveelheden naar binnen, waardoor hij verdronk – als een van de zeker twintig doden die in België vielen door het noodweer. Dan verschijnen er vrijwilligers in Tilff met bootjes om mensen te evacueren. „Wilt u in dat huis om de hoek ook even kijken naar de poes van een vriend van mij”, vraagt een jonge vrouw. Ze heeft al een mandje meegenomen.

Steile dalen en schilderachtige plaatsjes

De bewoners van het Ourthedal zijn niet alleen zelf erg op hun omgeving gesteld. Met zijn hier en daar steile dalen en schilderachtige plaatsjes is het ook al heel lang een trekpleister voor jong en oud, voor Belgen en voor buitenlanders. Er worden veel jeugdkampen georganiseerd, waarbij met kano's of kajaks wordt gevaren. Maar ook bij oudere wandelaars en fietsers is de streek geliefd. Het toerisme vormt ook de belangrijkste bron van inkomsten voor de regio.

Toch blijft de Ourthe altijd onvoorspelbaar. Stond het stroompje vorige zomer nog zo laag dat er helemaal niet gekanood kon worden, en moest je toen nog languit op de stenen in het water gaan liggen om helemaal nat te worden, een jaar later is de rivier overal vele malen breder, dieper en sneller dan toen. „Ik zag donderdag ook allemaal kajaks voorbijschieten”, lacht Quolin André, die al 28 jaar een camping bij Comblain au Pont beheert. „Maar er zat niemand in, ze waren stroomopwaarts losgeslagen door de kracht van de stroom.” André, een grote man met een baard, heeft net een stuk modderig water aangewezen waar acht families een paar dagen geleden nog kampeerden voor ze in allerijl moesten opbreken door het wassende water. André heeft nog geluk gehad. Sommige andere campings in de buurt staan volledig onder water.

Machteloos zag de chef van het vijfsterrenhotel hoe het ten prooi viel aan het Ourthewater

In Durbuy, een sfeervol plaatsje aan de Ourthe dat zich aanprijst als de kleinste stad ter wereld, was er daarentegen geen redden meer aan. Een laag gelegen groot plein naast de rivier waar anders honderden gasten op allerlei terrasjes zitten, liep volledig onder, nadat een pomp het had begeven. Machteloos moest de Nederlander Frank Hilferink, de financiële chef van het Sanglier-hotel en nog een paar hotels en restaurants in de buurt, aanzien hoe het pas vorig jaar in gebruik genomen vijfsterrenhotel ten prooi viel aan het Ourthewater.

Kostbare wijnkelder

Zes vergaderzalen, de receptie, een aantal eetzalen, de keuken en enkele winkels kwamen blank te staan. Hij raamt de schade op enkele miljoenen euro’s. „Gelukkig hebben we nog wel een deel van onze kostbare wijnkelder kunnen redden, waaronder enkele Rothschildwijnen”, zegt hij.

Les ook: Nederland werd verrast door het water, is de waterhuishouding wel op orde?

Michel Legros, waarnemend burgemeester van het ook zwaar getroffen buurplaatsje Hamoir, gunt zich naar eigen zeggen niet de tijd om te filosoferen over de grilligheid van de Ourthe die de regio zoveel geeft maar soms ook neemt. „Gelukkig zijn hier geen doden gevallen”, zegt hij in een rommelig vertrek van het kasteeltje waar het gemeentebestuur zetelt. „Maar we hebben nog steeds niet iedereen kunnen evacueren. Bij sommige huizen is de stroming zo sterk dat het te gevaarlijk is voor brandweerlieden om daar naar toe te gaan. En de economische schade voor de gemeente is enorm. Terwijl we vorig jaar ook al zo’n slecht jaar door corona hadden. Het wordt voor velen nu heel moeilijk.”

Onwillekeurig komt Legros toch nog even terug op de Ourthe. „Natuurlijk is het geweldig om zo’n rivier te hebben en al die mooie natuur”, zegt hij. „Maar flinke overstromingen horen daar ook bij. Zo is de natuur.” En dan loopt hij naar buiten om nieuwe instructies te geven aan de brandweer.