‘Er zijn geen gevaarlijke gedachten, het denken zelf is gevaarlijk’

Levenslessen Dit heeft Marthe Kerkwijk geleerd van Hannah Arendt over denken.

Foto Gerard Kamp/Getty Images, beeldbewerking NRC

‘Denken is gevaarlijk. Want wie nadenkt, brengt z’n eigen identiteit aan het wankelen. Dat kan niet anders: ieder mens is innerlijk verdeeld. Denken betekent dus: je innerlijke twijfel toelaten. Daarmee ondermijn je steeds weer je eigen zelfbeeld. Denken is, en dat is ook een citaat van Arendt: ‘De geluidloze dialoog van het ik met zichzelf.’

„Niet denken lijkt aantrekkelijk: lekker rustig in je hoofd. Maar dat is een illusie. Dat geeft schijnzekerheid. Want onze identiteit verandert voortdurend: door de mensen met wie we samenleven, door alles wat we meemaken, door het leven dat ons tekent. Als het goed is, ben je met denken nooit klaar. In die zin is het een doelloze bezigheid. Maar niet denken is veel gevaarlijker. Daaruit kunnen hele kwade, verwoestende dingen voortkomen.

„Denken leidt je nooit tot de waarheid. Arendt noemt het de wind van het denken, die ons voortdurend meevoert. Die onophoudelijke zoektocht maakt ons tot mensen. Hieruit ontstaat onze vrije wil. Zo vormen we, als het goed is, steeds opnieuw onze oordelen over wat we goed, mooi of belangrijk vinden. Maar feitelijke, onomstotelijke waarheden kunnen we hieraan niet ontlenen.

‘Tijdens mijn studie, sociale en politieke filosofie, had ik wel wat van Arendt gelezen, maar echt gegrepen door haar werk raakte ik pas toen ik mij zorgen begon te maken over rechts-populisme. Wat beweegt Trump-aanhangers om het Capitool te bestormen? Waarom steunen mensen homofobe wetgeving, zoals in Hongarije? Waarom geloven ze in antisemitische complotten?

„Bij Arendt vind je geen pasklare antwoorden, maar zij laat je wel nadenken over innerlijke onzekerheid en eigen verantwoordelijkheid. En: over de illusie dat je je eigen identiteit zou kunnen bouwen op de woorden van één leider, die zelf nergens aan lijkt te twijfelen.

„Als je die totalitaire weg van zelf niet denken en zeker weten af loopt, kom je terecht bij dood en vernietiging. Zonder innerlijke dialoog raak je ontmenselijkt. Je verliest je eigen oordeelsvermogen en daarmee je geweten, zegt Arendt. En zo verlies je uiteindelijk je weerbaarheid tegen de bevelen van dictators.

„Het interessante van Arendt is dat haar denken niet eindigt bij dood en verderf. Niet ‘mortaliteit’ maar ‘nataliteit’ is een sleutelbegrip in haar werk: we kunnen op ieder moment als het ware herboren worden. Daarin ligt onze vrijheid besloten.

„Toen ik op mijn zeventiende besloot geen vlees meer te eten, brak ik met de toen geldende normen om mij heen. Ik wilde geen schakel meer zijn in de mishandeling en vernietiging van dieren. Arendt had zelf weinig op met dierenrechten, maar haar idee van nataliteit is hierop toch van toepassing: je bent niet gedoemd het verleden te herhalen. Je kunt altijd nee zeggen en een nieuw begin maken.”