‘Zorg voor toezicht op brandveiligheid als flat wordt bewoond’

Flatbrand Arnhem De Onderzoeksraad voor Veiligheid concludeert dat de brandveiligheid van woongebouwen en van meubels verbeterd moet worden.

In de Arnhemse flat was maar één vluchtroute aanwezig. De OVV concludeert dat er beter toezicht moet zijn dat deze brandveilig wordt gehouden.Foto Flip Franssen
In de Arnhemse flat was maar één vluchtroute aanwezig. De OVV concludeert dat er beter toezicht moet zijn dat deze brandveilig wordt gehouden.Foto Flip Franssen

In duizenden Nederland woongebouwen, van galerijflats tot portiekwoningen, is slechts één vluchtroute en deze wordt niet altijd vrij en brandveilig gehouden. Gebouweigenaren en gemeenten moeten daar structureel en beter toezicht op houden. Niet alleen tijdens de bouwfase maar ook als een flat in gebruik is.

Dat concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) na onderzoek van de flatbrand op nieuwjaarsdag 2020 in Arnhem. De OVV vraagt de minister van Binnenlandse Zaken om te kijken of het toezicht op brandveiligheid tijdens de gebruiksfase niet wettelijk moet worden vastgelegd.

Bij de brand in de vroege uren van 1 januari kwamen een 39-jarige man en zijn 4-jarige zoon om het leven, nadat ze vast kwamen te zitten in een lift. De moeder en dochter raakten zwaargewond.

Lees ook: Een bankstel zette de hele flat in de rook

Het vuur ontstond toen een afgedankte bankstel in de hal van de galerijflat vlam vatte door licht vuurwerk. Het gezin was op dat moment met de lift onderweg naar de hal, waar het met de brand werd geconfronteerd. Op de weg terug naar boven verloren ze hun bewustzijn.

Vluchtplan

Bewoners uitten na de brand kritiek op het vluchtplan van de flat. De hal was de enige manier om naar buiten te vluchten en juist daar woedde de brand. Hoewel zij „rationeel bezien” veilig waren door op de galerijen te blijven, zoals de instructie van de brandweer was, hebben de bewoners zich onveilig gevoeld, schrijft de OVV.

Dat er maar één vluchtroute was, is „conform bestaande wet- en regelgeving, maar zorgt in de praktijk voor een kwetsbare situatie”. De raad pleit niet voor een tweede route, dat zou „praktisch onmogelijk zijn” omdat het om duizenden woongebouwen in Nederland gaat, zegt voorzitter Jeroen Dijsselbloem.

Maar dan moet die ene vluchtroute wel toegankelijk zijn. De OVV concludeert dat in het vluchtplan van de meeste woongebouwen „geen rekening wordt gehouden met het scenario waarin de enige route wegvalt”. Als daarbij ook nog eens sprake is van „angstige bewoners”, van wie sommigen een taalbarrière hebben of minder zelfredzaam zijn, wordt het werk van hulpverleners bemoeilijkt. „Onze simpele vaststelling is dat er nu te weinig aandacht is voor brandveiligheid, er wordt niet actief toegezien door eigenaren en gemeenten”, zegt Dijsselbloem. De OVV suggereert dat het „zinvol” is voor gebouweigenaren om te praten met eigenaren van hotels en kantoren, waar het – in tegenstelling tot flatgebouwen – wettelijk verplicht is om onder meer een brandalarm te hebben en brandoefeningen te houden.

In Arnhem had de hal bovendien, door aanpassingen aan onder meer de deur en de wand, niet meer het brandveiligheidsniveau van het moment waarop de vergunning was verleend. De woningcorporatie was daar „onvoldoende alert” op, de gemeente hield wel toezicht tijdens de ontwerp en de bouw, maar „geen actief toezicht tijdens de gebruiksfase. Dat, constateert de OVV, geldt niet alleen voor deze Arnhemse flat.

Bankstel

Een eerder onderzoek door Crisislab, een onderzoeksinstituut van de Radboud Universiteit Nijmegen, gehouden in opdracht van woningcorporatie Vivare, concludeerde dat het afgedankte bankstel de bepalende factor was voor de fatale brand. Als deze er niet hadden gestaan, was „de brand zoals die zich nu heeft voorgedaan niet mogelijk geweest.”

De OVV schrijft nu dat bewoners en medewerkers de bank wel hadden zien staan, maar deze niet weggehaald. „Men realiseerde zich onvoldoende hoe brandgevaarlijk meubels kunnen zijn en hoe belangrijk het is een (deels) enkelvoudige vluchtroute vrij te houden”, schrijft de OVV.

Aan de brandveiligheid van meubels moet volgens de OVV ook scherpere eisen worden gesteld, zoals in een aantal andere Europese landen geldt. De meeste banken en matrassen zijn gevuld met kunststofschuim, dat gemakkelijk vlam vat en veel en giftige rook veroorzaakt. Brandvertragers

„Het debat hierover ligt stil in Nederland, volg hierin buurlanden”, zegt Dijsselbloem. „Met het aantal woningbranden dat te maken heeft met meubels die in de brand gaan, hier ligt hier echt winst voor het oprapen.”

De twee minderjarige daders die de bank met vuurwerk hadden aangestoken, kregen geen straf opgelegd. De rechtbank in Arnhem concludeerde vorig jaar juni dat er geen wettig overtuigend bewijs was dat zij opzettelijk hadden gehandeld. Wel waren de twee, toen twaalf en dertien jaar, „aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend” geweest.

(14 juli): Dit bericht is aangepast met opmerkingen van OVV-voorzitter Jeroen Dijsselbloem.