Tientallen aanhoudingen bij protesten op Cuba, ook Spaanse journalist vast

Democratie De Cubaanse autoriteiten hebben maandag een journalist aangehouden die voor de Spaanse krant ABC verslag deed van de massale en zeldzame protesten op het eiland.
Cubanen voeren actie in Havana maandag.
Cubanen voeren actie in Havana maandag. Foto Yamil Lage/AFP

Tientallen mensen zijn de afgelopen dagen op Cuba aangehouden tijdens een van de grootste volksprotesten tegen het communistische regime in decennia. Dat meldt de BBC dinsdag mede op basis van bronnen binnen de oppositie. Het precieze aantal arrestanten is lastig vast te stellen. Internet op het eiland lijkt gedeeltelijk te zijn platgelegd door de staat, wat verslaglegging over het protest bemoeilijkt. Bovendien hebben de autoriteiten niets bekendgemaakt over het aantal mensen dat is vastgezet. De Cubaanse burgerrechtengroep Cubalex spreekt van „zeker honderd” aanhoudingen sinds zondag, aldus persbureau Reuters.

Onder de arrestanten is journalist Camila Acosta die voor de Spaanse krant ABC verslag doet van de onrust op het eiland. De Spaanse buitenlandminister José Manuel Albares eist dinsdag in een bericht op Twitter dat Acosta per direct wordt vrijgelaten. „Spanje verdedigt het recht om vrij en vreedzaam te demonstreren en vraagt ​​de Cubaanse autoriteiten dit te respecteren”, aldus de bewindsman.

Het hardhandige optreden tegen actievoerders op Cuba levert ook uit andere delen van de wereld afkeurende reacties op. De Amerikaanse president Joe Biden heeft de Cubaanse regering maandag opgeroepen een luisterend oor te bieden aan de demonstranten. In een verklaring sprak hij van „decennia van onderdrukking en economisch lijden” waaraan de Cubanen als gevolg van het „autoritaire regime” zijn onderworpen. Mensenrechtenorganisatie Amnesty International noemt het protest dinsdag in een verklaring „een wanhopige schreeuw naar een regering die niet luistert”.

Lees ook: Grootste maatschappelijke protesten in decennia: Cubanen zijn het zat

‘Falend coronabeleid’

Sinds afgelopen weekend vullen de straten op Cuba zich met duizenden actievoerders die hun stem laten horen in een voor het land zeldzaam protest. Burgers uiten hun onvrede over een ingestorte economie, voedsel- en medicijntekorten, prijsstijgingen en het volgens hen falende coronabeleid. Daarbij klinken leuzen als „vrijheid” en „weg met de dictatuur”. De demonstraties begonnen ten zuidwesten van Havana in de stad San Antonio de los Baños, maar verspreidden zich de afgelopen dagen naar andere plekken op het eiland. De autoriteiten treden hard op tegen de onlusten. Op beelden circulerend op sociale media is te zien hoe agenten demonstranten in elkaar slaan en belagen met pepperspray.

De Cubaanse president Miguel Díaz-Canel noemde de demonstranten maandag in een verklaring „huurlingen” ingezet en gefinancierd door de Verenigde Staten. De economische malaise op Cuba is volgens de president het gevolg van jarenlange sancties door de VS, schrijft persbureau Reuters. Door de coronapandemie is de economische positie van het eiland verder verzwakt. Het BBP zakte vorig jaar met 10,9 procent, de grootste daling sinds 1993.

Het laatste grootschalige protest, dat qua omvang vergelijkbaar is met de demonstraties deze en vorige week, stamt uit 1994. Destijds betoogden ook duizenden mensen in Havana tegen het regeringsbeleid middenin een economische crisis.