Recensie

Recensie Film

Het publiek keek naar Charles Aznavour, hij keek terug

Muziekdocumentaire Vlak voor zijn dood liet chansonnier Charles Aznavour filmmaker Marc di Domenico een geheime kamer zien waarin onder meer 40 uur door hemzelf geschoten blikjes film lagen.

Beeld uit de documentaire ‘Aznavour, Le regard de Charles’.
Beeld uit de documentaire ‘Aznavour, Le regard de Charles’.

‘Ik film, dus ik ben”, zegt de Franse chansonnier Charles Aznavour (1924-2018) in de documentaire Aznavour, Le regard de Charles. Want naast zanger en acteur was Aznavour ook een filmmaker, al wist tot voor kort niemand dat. Vlak voor zijn dood liet hij vriend en filmmaker Marc di Domenico een geheime kamer zien waarin onder meer 40 uur door hemzelf geschoten blikjes film lagen.

Sinds 1948 legde Aznavour zijn eigen leven vast met een Super8-camera, gekregen van Édith Piaf, en later een 16mm-camera. Een deel ervan, het meeste in kleur, werd gebruikt voor „un film de Charles Aznavour, réalisé par Marc di Domenico” aldus de begintitels. Aznavours autobiografische terugblikken, samengesteld uit interviews, notities en dagboeken, zijn ingesproken door acteur Romain Duris. Het levert een fraaie film op die prettig afwijkt van de standaardmuziekdocumentaire. Het is bovendien meer een bespiegelende film, vooral over kijken en gezien worden, dan een muziekfilm.

Volgens Aznavour was zijn camera een manier om dichter bij mensen te komen. Zij keken naar hem, hij keek terug. De opnames die hij maakte, meestal als hij op reis was, worden doorspekt met beelden van zijn muzikale optredens in televisieshows en wat filmclips – Aznavour speelde in zo’n zestig films, waaronder François Truffauts Tirez sur le pianiste (1960).

De rusteloze Aznavour ging graag op reis, het liefst naar verre landen. We zien hem in Macao, Hongkong, Tokio, Abidjan, New York, Moskou en Jerevan, de hoofdstad van Armenië. Aznavour voelde zich een vagebond, wat terug te voeren is op zijn Armeense ouders. Zij ontvluchtten de Armeense genocide en kwamen terecht in Frankrijk, waar ze lang in armoede leefden. Het verklaart ook de sympathie van Aznavour voor de Armeense diaspora en andere emigranten en ontheemden. Hij heeft altijd oog voor armoede te midden van (ook zijn eigen) rijkdom. Als Aznavour op zijn veertigste voor het eerst naar Armenië gaat, „terug naar een land waar ik nooit geweest ben”, levert dat een ontroerend treffen op met zijn oma.

Daarnaast is er aandacht voor zijn liefdesleven, waarin hij bijna even rusteloos was als in zijn professionele bestaan. Hij had diverse affaires en trouwde drie keer, zijn laatste huwelijk – in Las Vegas – met de Zweedse Ulla zit in de film.

Waarom Aznavour, Le regard de Charles ergens in de jaren zeventig ophoudt is onduidelijk: stopte Aznavour met filmen? Zijn onbegrensde nieuwsgierigheid naar de wereld en diepgevoelde empathie met ontheemden zijn bewonderenswaardig. Naast zijn chansons leeft nu ook zijn open blik voort.