‘Goh, leuk plantje’, dachten mensen. Nu wordt vrieskou ingezet tegen de Japanse duizendknoop

Natuur Maaien, gif spuiten, elektrocuteren: iets wat écht werkt om de Japanse duizendknoop te stoppen, is nog niet gevonden. In de Achterhoek heeft André Evers een nieuwe methode bedacht: met kou.

Foto Dieuwertje Bravenboer

„Als je ’m eenmaal herkent, zie je ’m overal”, zegt André Evers (56). Hij staat in een veld in het Achterhoekse Gendringen naast een metershoge plant. Dikke stengels, groen met roodachtige vlekken. De zijtakken met hartvormige bladeren groeien op verdikkingen van de stengel: de ‘knopen’. „Tot een aantal jaar geleden was-ie gewoon te koop in het tuincentrum”, zegt Evers. „Goh, leuk plantje, zullen mensen gedacht hebben, en hij doet het altijd.” Alleen, dat is precies het probleem.

De plant, de Japanse duizendknoop, is een zogeheten invasieve exoot. In de negentiende eeuw geïmporteerd uit Azië, met in Europa geen natuurlijke vijanden. De laatste jaren heeft de duizendknoop zich ontwikkeld tot een ware plaag. Maaien is risicovol, want snoeiafval dat per ongeluk ergens anders belandt, zorgt weer voor nieuwe ‘uitbraken’. Ondergronds woekeren de wortels bovendien gewoon door, en beschadigen ze wegen, rioleringen en kademuren. Enkele bouwprojecten werden onlangs zelfs stilgelegd.

Directeur André Evers van Tibach bij een Japanse Duizendknoop.

Foto Dieuwertje Bravenboer

Van Vlissingen tot Deventer en van Geertruidenberg tot Koggenland: gemeenten door heel Nederland geven tegenwoordig jaarlijks tonnen tot miljoenen uit aan bestrijding. Er wordt gemaaid, met gif gespoten en geëlektrocuteerd. Maar een methode die écht werkt, behalve ‘besmette’ grond geheel afgraven en verbranden, is nog niet gevonden. Tot nu toe, zegt André Evers.

Hij is een van de oprichters van Tibach, afkorting voor Technisch Innovatie Bureau Achterhoek. Sinds de oprichting begin 2020 bedacht het zevenkoppige team een machine om de Japanse duizendknoop te verdelgen. Op een zomerse dag in juni demonstreert Tibach het prototype aan geïnteresseerden, zoals waterschappen. Het exemplaar van de duizendknoop waar Evers naast staat, heeft tot nu toe geluk. De machine is losgelaten op een andere ‘pluk’, iets verderop.

Even voordat alle aanwezigen door de berm langs een sloot naar het veld met de testopstelling zijn gelopen, heeft Evers een presentatie gegeven in de kantine van de naastgelegen atletiekvereniging. Team-Tibach begon met de vraag: wat doet kou met de Japanse duizendknoop? „We hebben wortels uitgegraven, in glazen potten met potgrond gestopt en gekeken hoelang het duurt voordat ze scheuten vormen”, vertelt Evers. Slechts een week, was de uitkomst. „Toen hebben we een pot in de vriezer gezet, 24 uur bij min 10 graden. En daarna weer terug in de vensterbank. We zagen geen leven meer. Na een week niet, na een maand niet, na twee maanden niet. De wortels begonnen weg te rotten.”

Nachtvorst is onvoldoende

Een beetje nachtvorst is overigens niet voldoende, daarvoor wortelt de Japanse duizendknoop te diep. Toen Tibach met het idee naar de Wageningen University & Research (WUR) stapte, bleek dat er al eens „iets geprobeerd is met vloeibare stikstof”, zegt Evers. „Erg kostbaar en niet gebruiksvriendelijk.” De reactie van de WUR was: als je een manier bedenkt om een groot stuk grond te bevriezen, zou dat een oplossing kunnen zijn.

De proefopstelling waarbij slangen de bodem bevriezen.

Foto Dieuwertje Bravenboer

En dus ontwikkelde Tibach een hele grote koelmachine. Die staat nu op het veld naast de atletiekbaan. Van daaruit lopen twee dikke slangen naar een enorme box van isolatieplaten van ongeveer een halve meter hoog. De box lijkt onder rijp te zitten maar bij aanraking blijkt dat schijn. Het is witte tuinderskalk, bedoeld om zonlicht te weerkaatsen, zoals bij kassen.

Lees ook: De Japanse duizendknoop te lijf met DNA-tests, een app en gewoon wieden

De pluk Japanse duizendknoop waar de kist overheen staat, is eerst gemaaid. Het snoeiafval ligt er nog, dat wordt gewoon meebevroren. De slangen uit de machine komen uit bij de zogeheten ‘vrieslansen’, die in de grond verdwijnen, en waardoor koelmiddel wordt rondgepompt. Een techniek die is afgekeken van tunnelbouwers. Aan de lansen zitten ook snoeren. „Dat zijn de sensoren waarmee we de temperatuur monitoren”, wijst Evers. Het doet denken aan reusachtige versies van een vleesthermometer waarmee je de temperatuur van een steak op de barbecue controleert.

Voor de huidige installatie van twaalf vierkante meter oppervlakte en een meter diepte lukt het in vijf tot zeven dagen voldoende vrieskou te bereiken. Dat kan op andere plekken weer anders zijn, zegt Evers. „De wortels groeien tot aan het grondwater. De diepte verschilt van een halve meter tot wel drie meter.” Ook de bodemsoort is van invloed: kleigrond bevriest sneller dan zandgrond.

Niet goedkoop

Evers kan niet zeggen hoeveel de methode per vierkante meter kost. „Vriezen is niet goedkoop”, geeft hij toe, „maar dat is maaien ook niet.” Voor het prototype was een investering nodig van 300.000 euro. Een van de investeerders is de gemeente Oude IJsselstreek, waartoe Gendringen behoort. De gemeente hoopt op lange termijn aanzienlijk op de kosten te kunnen besparen. Met de Tibach-methode is de gemeente na een paar jaar immers van de plant af.

Lees ook: Die ‘verdomde exoten’ leveren wel mooie kunst op

Foto Dieuwertje Bravenboer

De komende tijd zal worden getest met verschillende lengtes van de vrieslansen. Daarnaast begint een proef bij het Havenbedrijf Rotterdam; lukt het met deze techniek ook om een kade te bevriezen? Ondertussen doet de WUR wetenschappelijk onderzoek naar de effectiviteit van de methode en de invloed ervan op ander bodemleven. Dat duurt nog acht maanden.

Evers verwacht volgend voorjaar een geautomatiseerde machine te hebben, gekoppeld aan een app. „Zodat je thuis op de bank de temperatuur kunt controleren. En als het proces voltooid is, krijg je een notificatie en druk je op de knop ‘ontdooien’.” Er zijn ook plannen voor een ‘koelkastmodel’, te huur voor particulieren die de exoot hebben gezien in hun tuin.

Na afloop van de demonstratie krijgen de aanwezigen een zakje bloemenzaad mee. Inheemse bloemen, welteverstaan. Om alle lege plekken op te vullen als de Japanse duizendknoop is uitgeroeid.