‘Met een typemachine kan ik goed uit de voeten’

Mens & apparaat Een serie over mensen en de apparaten die zij hebben gekend. Deze week: al zestig jaar trouw gebruiker van de schrijfmachine. „Een pc heb ik nooit aangeraakt.”

Hans Vermaase (91) met zijn typemachine.
Hans Vermaase (91) met zijn typemachine. Foto Kees van de Veen

Naam Hans Vermaase (91)
Woont in Leeuwarden
Is gepensioneerd sinds 30 jaar
Werkte in diverse functies in de jeugdhulp en het beroepsonderwijs

„Mijn elektrische schrijfmachine was laatst kapot. Gelukkig ken ik een monteur, hier vlakbij, in Gytsjerk. Al bijna zestig jaar repareert hij typemachines. We hebben genoeglijk zitten praten en onderwijl verhielp hij het euvel. Op zolder heeft hij een museum met honderden oude schrijfmachines; je gelooft je ogen niet als je dat ziet.

„Een pc heb ik nooit aangeraakt. Ik was bijna 60 jaar, zo omstreeks 1990, toen mijn werkgever zei: ‘Zeg Vermaase, een computercursus, zou dat iets voor jou zijn?’ Ik zei: ‘Hoezo, zijn er soms klachten over mijn functioneren?’ Hij zei: ‘O nee, helemaal niet. Maar jij bent altijd bezig met schema’s en roosters maken – en daarvoor schijnt zo’n computer wel handig te zijn.’

„Ik heb ervoor bedankt. Die cursus was helemaal in Leiderdorp. Een jaar of wat later zou ik met pensioen gaan. Bij mijn afscheid heb ik de typemachine van m’n werk, een elektrische, meegekregen.

„Een typecursus heb ik nooit gevolgd. Ik heb het mezelf aangeleerd, op zo’n echte, oude Remington, waarmee je bij het typen een hoop herrie maakte. Ik ben er best handig en snel in geworden, als ik dat zeggen mag.

„Zo’n zestig jaar geleden begon ik voor het eerst met een typemachine te werken. Ik was actief in de organisatie van pupillenvoetbal, hier in Friesland. Ik maakte de roosters voor alle wedstrijden in de hele provincie. Op de typemachine. Ik heb als vrijwilliger veel bestuurswerk gedaan: ook voor de tennis, en voor biljarten. Poules indelen, afspraken op papier zetten: die rol heeft mij altijd goed gepast.

Internetten bij de buurvrouw

„Mijn vrouw begon begin jaren negentig wel aan de computer. Zij zei wel eens: probeer jij het toch ook eens! – maar het trok me niet. Ze overleed vrij plotseling in 1997. Met haar viel ook de stimulans weg om misschien ooit iets met zo’n computer te doen.

Lees ook de vorige aflevering in de serie: ‘Je mocht niet alles zeggen op de radio’

„Ik mis de pc niet. Met papier en m’n typemachine kan ik prima uit de voeten. Soms krijg ik een brief waarin staat dat ik iets op internet moet invullen. Dan bel ik even naar de afzender en vraag of we het ook telefonisch kunnen afhandelen. Meestal lukt dat dan.

„Laatst had ik wel even internet nodig, om een geel boekje aan te vragen voor de registratie van mijn vaccinaties. Voor zoiets kan ik altijd even aankloppen bij mijn buurvrouw. Zij vindt het geen enkel probleem om af en toe even iets voor mij via internet te regelen.

„Mijn bankzaken gaan ook nog gewoon via de post, met overschrijfkaarten en afschriften op papier, eenmaal in de twee weken. Dat gaat prima, ik ben het niet anders gewend.

„Ik ben een fervent puzzelaar: doorlopers, cryptogrammen, sudoku’s – ik doe dat graag. Soms zegt iemand: internet zou voor jou wel handig zijn, als hulpmiddel bij het puzzelen. Maar waarom zou ik? Ik heb een boekenkast vol naslagwerken, van puzzelwoordenboeken tot en met de complete, twintigdelige Winkler Prins-encyclopedie. Ik ben zeer aan mijn boeken gehecht, voor mij zou internet dat niet kunnen vervangen.”