Reportage

Waarom de visafslag van garnalen verdwijnt uit Breskens

Visserij De visafslag van garnalen verdwijnt uit Breskens en dat zit de gemeente Sluis dwars. Breskens wilde zich om het toerisme te bevorderen nu juist profileren als veelzijdige vissersplaats.

In de jaren negentig waren er nog tientallen vissersboten in Breskens, inclusief grote kotters, maar de opbrengsten van de visserij lopen nu al jaren terug.
In de jaren negentig waren er nog tientallen vissersboten in Breskens, inclusief grote kotters, maar de opbrengsten van de visserij lopen nu al jaren terug. Wouter Van Vooren

Zondagavond om acht uur begint het altijd te kriebelen bij Robbie Verschelling (67). Het eten is op, zijn huis achter de waterkering in Breskens opgeruimd – maar hij moet nog vier uur wachten voordat hij van de wet uit mag varen. „Dan zit ik onrustig op de bank, een beetje te zappen tot ik de boot op kan.”

Verschelling is de laatste garnalenvisser van Breskens, een stadje in Zeeuws-Vlaanderen (4.600 inwoners). Een paar avonden per week vaart hij uit in de knalgele BR-29 en trekt dan de hele nacht zijn netten over de bodem van de Westerschelde. ’s Ochtends brengt hij zijn vangst naar de visafslag in het dorp. Daarna is hij in twee minuten weer thuis.

Verschelling is nog niet van plan te stoppen, daarvoor vindt hij het werk te mooi. Maar of de geboren Bressiaander – zijn tongval verraadt de nabijheid van Vlaanderen – het ook op deze manier kan blijven doen, met een visafslag in zijn eigen dorp, is de afgelopen maanden inzet van een bizarre juridische strijd tussen twee gemeenten aan weerszijden van de Westerschelde. Een strijd waarbij het inmiddels allang niet meer gaat om de visafslag zelf.

De Holding Zeeuwse Visveiling – voor 35 procent in handen van de gemeente Sluis, voor 65 procent in die van de gemeente Vlissingen – is sinds maart van plan de visafslag in Breskens (omzet in 2019 3 miljoen euro, alleen garnalenverwerking) te sluiten en de activiteiten te concentreren rondom de grotere afslag in Vlissingen (omzet in 2019 15 miljoen euro).

Dat is noodzakelijk, aldus de vijftien jaar oude Holding: de opbrengsten van de visserij in Nederland lopen al jaren terug, door het verbod op de pulsvisserij, regeldruk, overbevissing en de aanleg van windparken. In de jaren negentig waren er nog tientallen vissersboten in Breskens, inclusief grote kotters, maar inmiddels valt de Holding nog maar net te exploiteren.

In Breskens worden naast de vangst van Verschelling nog wel wat garnalen verwerkt die uit andere delen van Zeeland komen, zoals Tholen, maar er zit volgens de Holding toch niets anders op dan alles op één plek te doen. „Het is heel simpel”, zegt Foort Lokerse, sinds twaalf dagen gepensioneerd als directeur van het overheidsbedrijf. „Er gaat nog een terugloop komen, en dit levert een kostenbesparing op.”

Foto Wouter Van Vooren

Sluis is fel tegen

Op het eerste gezicht mag dat een logisch besluit lijken. Alleen is de gemeente Sluis er fel op tegen. Daar leeft het gevoel dat de Holding (die in totaal slechts acht werknemers kent) onder Vlissingse invloed wel erg gemakkelijk de visafslag in Breskens sluit. Sluis probeerde de afgelopen maanden in twee rechtszaken te voorkomen dat de cruciale garnalenzeef – die de kleine diertjes uit de vangst wegfiltert – naar Vlissingen verplaatst zou worden.

Dat lukte niet: op 30 juni besloot de Ondernemingskamer in Amsterdam dat de roestvrijstalen zeef van twee vierkante meter groot niet hoeft te blijven: een meerderheid van de aandeelhouders – de gemeente Vlissingen – heeft dat rechtsgeldig besloten.

Voor Breskens is dat pijnlijk. Dat de gemeente zo ver ging om de zeef te behouden, heeft er alles mee te maken dat voor de afslag en de garnalenzeef een grote rol was weggelegd in het nieuw te bouwen viscentrum, inclusief ‘Visserij Experience’: een hypermodern gebouw in de vorm van een golf met een vissersboot op het dak waarin de hele visindustrie – catch to plate – aan bod komt.

Het viscentrum is weer een cruciaal deel van een groter plan om het stadje, dat net als de hele gemeente kampt met bevolkingskrimp en een verouderd woningbestand, opnieuw smoel te geven en aantrekkelijker te maken voor toeristen en inwoners: zo komen er nieuwe complexen met (vakantie)woningen in delen van de haven.

„De visafslag is deel van het plan voor Breskens”, vertelt wethouder Marianne Poissonnier (Nieuw Gemeentebelang) van de gemeente Sluis tijdens een wandeling door de haven. „En het is een beetje sneu als je een plan maakt en je zaagt er een poot onder vandaan.”

De economie van Breskens is zich al jaren langzaam aan het transformeren van visserij naar het toerisme: je vindt er in de zomer vooral Duitse en Belgische auto’s. Maar de vissersidentiteit is nog altijd enorm sterk – en ook weer verweven met de toerisme-economie. Er is al een klein visserijmuseum, elk jaar organiseert Breskens de populaire Visserijfeesten waar duizenden bezoekers op af komen, en toeristen genieten van het binnenvaren van de garnalenkotters in de haven. Dat de visafslag, en daarmee de vissersboten, dan dreigen te verdwijnen, is lastig te verteren. Of, zoals medewerker Orhan Ucar (34) – in 2003 vanuit Turkije verhuisd naar Breskens – van viswinkel Erasmus het deze zaterdagochtend formuleert: „Als je ons googlet, zie je als eerste de afslag en het visserijmuseum. Zonder visafslag zijn we bang om ‘gewoon’ te worden.”

Wouter Van Vooren

Oplossing door mediation

Na de verloren rechtszaak wil wethouder Poissonnier tot een oplossing komen met Vlissingen door mediation. Doel is volgens de wethouder het ontbinden van de hele holding, zodat Sluis zelf kan bepalen wat het met de visafslag in Breskens wil doen. „We hebben geen zin om nog te participeren in een bedrijf op andermans grondgebied.”

Tot dusver heeft de gemeente Vlissingen aan de gemeente Sluis laten weten graag preciezer te horen waar mediation voor nodig is. Aan de overkant van het water beschouwen ze de zaak als afgedaan.

Volgens Poissonnier is er nog een reden waarom een andere oplossing terecht zou zijn. Sluis, de meest westelijke gemeente van Nederland, is „een behoorlijke uithoek”. Een prachtige uithoek, dat wel, maar: „Er is wel een neiging om hier van alles weg te halen.”

Als voorbeeld noemt ze de rechtbank: tot 1994 zat er in Oostburg in de gemeente Sluis nog een kantongerecht. Dat ging naar Terneuzen, maar verdween ook daar weer. „Terwijl: je hebt dit soort dingen nodig voor de leefbaarheid en de identiteit.”

Lees ook: De Zeeuwse kust is wat jij wilt dat ze is

Wordt de verhuizing van de visafslag als extra cru ervaren omdat Vlissingen economisch al zoveel beter draait? „Niet per se, maar het is al een stad an sich. En ze hebben de offshore-industrie, die neemt een gigantische vaart.”

Hoe het ook afloopt, Robbie Verschelling is van plan te blijven vissen. Als hij in de laatste jaren van zijn veertigjarige visserscarrière zijn garnalen in Vlissingen moet afleveren, dan doet hij dat. Nee, de stad vindt hij niks, en die sluis voor de haven is irritant. „Maar uiteindelijk gaat het mij om het vissen.”

Moet Breskens nog wel nieuwe prentbriefkaarten laten maken: daar prijkt zijn BR-29 nu op als pronkstuk van het dorp.

Foto Wouter Van Vooren