Recordhouder Djokovic heeft wrijving nodig om te excelleren

Tennis Met zijn overwinning op Wimbledon evenaart Novak Djokovic het record van Rafael Nadal en Roger Federer: twintig grandslamzeges.

Novak Djokovic viert zijn zesde titel op Wimbledon.
Novak Djokovic viert zijn zesde titel op Wimbledon. Foto Toby Melville / Reuters

In Serve to win, de autobiografie van tennisser Novak Djokovic, wordt zijn favoriete Servische spreekwoord aangehaald: „Als niets pijn doet, stop dan een steentje in je schoen en ga lopen.”

Dat ene zinnetje zegt veel over de mondiale nummer één. Een man die pijn opzoekt. Om te harden, of misschien zelfs om inspiratie uit te putten. Die eigenschap verklaart deels waarom hij zo onbegrepen is. En in brede kring impopulair. „Is Novak Djokovic de meest ongeliefde superster in het tennis?”, vroeg de Amerikaanse nieuwszender CNN zich twee jaar geleden af. Oud-tenniskampioen John McEnroe vergelijk hem ooit met golfer Tiger Woods: van misstap naar misstap.

Maar die superster – want dat is-ie – is al een tijdje geschiedenis aan het schrijven. Zondag voegde hij een nieuw hoofdstuk toe aan dat mooie boek. Met het winnen van de Wimbledon-finale van Matteo Berrettini – 6-7, 6-4, 6-4, 6-3 – sleepte hij zijn twintigste grandslamtitel binnen, en evenaart hij rivalen Roger Federer en Rafael Nadal. Omdat hij dit jaar ook de Australian Open en Roland Garros won, lonkt niet alleen de grand slam – de vier grote toernooien in één kalenderjaar winnen, wat in het proftijdperk alleen Rod Laver in 1969 is gelukt – maar ook de Golden Slam: de vier plus de olympische titel.

Tijdens de pandemie ging veel aandacht uit naar zaken waarmee Djokovic (34) zichzelf geen dienst bewees. Een drukbezocht toernooi organiseren in Belgrado – met besmettingen tot gevolg, onder anderen bij hemzelf en zijn vrouw. Feesten met collega’s in een nachtclub. Openlijk vraagtekens plaatsen bij het coronavaccin. Een bal in het gezicht van een lijnrechter slaan bij de US Open, per ongeluk, maar toch. De organisatie van de Australian Open verzoeken om een versoepeling van de quarantainemaatregelen voor spelers. „Een publicitair rampjaar”, noemde NRC het eerder.

Wat in al die dramatiek wel eens vergeten wordt is hoe serieus Djokovic met zijn sport bezig is. En hoeveel hem eraan gelegen is om dat geschiedenisboek dikker en dikker te maken. Liefst dikker dan welk boek van welke tennisser (m/v) dan ook.

Pieken op grote toernooien

Als het aan de Serviër ligt wint hij niet alleen meer grandslamtitels dan Federer en Nadal, zei hij in Londen, maar ook meer dan Serena Williams (23) en Margaret Court (24). Om dat doel te bereiken richt hij zich steeds meer op de grote toernooien. Om dáár te pieken moet hij zo min mogelijk energie verspillen. Bijkomend voordeel is dat hij meer tijd met zijn gezin door kan brengen.

Het neemt iets van de romantiek van de sport weg, dat najagen van records. Federer en Nadal praten er ook over, maar niet zo ongegeneerd. Daar komt bij dat Djokovic, anders dan zijn twee collega’s, als persoon niet erg opvalt. Hij draagt geen crèmekleurige pakken, zoals de Zwitser, heeft geen piraten-look, zoals de Spanjaard. „Hij heeft iets van een machine”, zei drievoudig Wimbledonkampioen Boris Becker zondag bij de BBC. Of zoals een Britse krant een paar jaar geleden schreef: „Vroeger was het voldoende als je een sensationele tennisser was, sinds Federer en Nadal ligt de lat hoog.”

Tegen Berrettini liet Djokovic zien dat hij meer is dan een machine. Grote delen van de wedstrijd miste hij focus en liep hij hoofdschuddend over de baan. Als een set voor het grijpen lag, liet hij, leek het, zijn opponent wat oprukken. Alsof hij dat kiezelsteentje in zijn schoen miste. Een van de meest fascinerende aspecten van zijn spel. Hij heeft wrijving nodig om te excelleren.

Zoals hij halverwege de derde set ook met meer passie begon te spelen toen het publiek ‘Matteo, Matteo’ begon te scanderen nadat de Italiaan op een break achterstand was gekomen. Hoe meer weerstand – of soms gebrek aan respect voor zijn gevoel – hoe beter Djokovic zichzelf kan katapulteren. Dat maakt hem in zekere zin afhankelijk.

Controledrang

En dat terwijl Djokovic een enorme controledrang heeft. „Elk aspect van je leven, ook je emotionele leven, je relaties, je routines, je goede en slechte gewoontes, wat je eet, hoe je slaapt, traint – het heeft effect op wat je doet”, zei hij na zijn partij in de vierde ronde tegen de Chileen Cristian Garin. Voor een individuele sporter biedt zo’n holistische benadering houvast, want tennis kent geen invallers. Of je wint of verliest hangt af van jezelf. Je héle zelf.

Hoe lang hij blijft tennissen is niet afhankelijk van zijn leeftijd, zei Djokovic voorafgaand aan de finale. Het hangt af van zijn leercurve. Wat weet hij nog niet van zijn spel en zijn karakter? Hoe meer hij zichzelf verrast, hoe groter de motivatie om door te spelen. Op de vraag of hij de komende jaren meer dan ooit gaat domineren zei hij dat het vooral een mentale kwestie zal zijn.

Tijdens de ceremonie vertelde Djokovic dat hij als zevenjarig jongetje een Wimbledontrofee maakte, met elk soort materiaal dat maar voorhanden was in zijn geboorteland. Dat hij nu die echte trofee voor de zesde keer omhoog mocht houden, noemde hij ongelooflijk.