Recensie

Recensie Theater

‘Salomonsoordeel’ maakt het publiek deelgenoot bij een ethische denkoefening rondom asielaanvraag

Theater Ter voorbereiding van ‘Salomonsoordeel’ werkte theatermaker Ilay den Boer zeven maanden bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst. „Wie ben ik om zo’n besluit over iemands leven te nemen?”

Theatermaker Ilay den Boer in de voorstelling ‘Salomonsoordeel’.
Theatermaker Ilay den Boer in de voorstelling ‘Salomonsoordeel’. Foto Prins de Vos

Aan het begin van de voorstelling Salomonsoordeel vertelt theatermaker Ilay den Boer dat de asielaanvraag van Hassan, een goede vriend van hem die in 2017 vluchtte uit Gaza, werd afgewezen. Den Boer begreep niet waarom en dat frustreerde hem. Om inzicht te krijgen in de asielprocedure solliciteerde hij als hoor- en beslismedewerker bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), waar hij vervolgens zeven maanden werkte.

In Salomonsoordeel toetst hij zijn bevindingen bij de IND aan het dossier van Hassan. De wrange slotsom: na tweeënhalf uur geeft Den Boer toe dat ook hij de aanvraag van zijn vriend hoogstwaarschijnlijk zou hebben afgewezen.

Extra pijnlijk is dat Hassan zelf op dat moment tegenover Den Boer op de speelvloer zit. De uren daarvoor kreeg hij de gelegenheid zijn verhaal te vertellen, in een geënsceneerde ondervraging met Peter, de (echte) mentor van Den Boer in zijn tijd bij de IND. Voor alle duidelijkheid: Peter had niets te maken met de besluitvorming rondom Hassans asielaanvraag.

Lees ook het interview met Ilay den Boer: 'Angst kroop onder mijn huid'

Ethische denkoefening

Salomonsoordeel is een theatrale re-enactment van de asielaanvraag, waarin de gehoren tussen Peter en Hassan de kern vormen en Den Boer daaromheen zijn ervaringen deelt met de toeschouwers. Die worden zelf ook gebombardeerd tot IND-ambtenaren: met clipboard neem je plaats op een bureaustoel rondom hen. Door regelmatig met de toeschouwers in gesprek te gaan, maakt Den Boer het publiek effectief deelgenoot van zijn twijfels en verwarring.

Resultaat is een belangrijke ethische denkoefening, die hooguit door Den Boers hang naar volledigheid soms wat te wijdlopig wordt. Hij geeft zowel gezicht aan de vluchteling als aan de instantie die over diens lot beslist, en deelt zijn eigen twijfels openlijk. In de morele dilemma’s die Den Boer opwerpt, ontstijgt hij regelmatig de anekdote. Want hoe toets je iemands verhaal op aannemelijkheid als je daarbij wil laten meewegen dat zo’n verhaal nu eenmaal recht heeft op tegenstrijdigheden? Wanneer slaat een kritische blik om in wantrouwen? En vooral: „Wie ben ik om zo’n besluit over iemands leven te nemen?”

Democratie vereist lastige beslissingen en verantwoordelijkheid, zegt Peter als Den Boer zegt dat hij eigenlijk niet wil beslissen over iemands afwijzing. Hassan kreeg overigens bij een tweede aanvraag wél een verblijfsvergunning. Toch blijft er bij Den Boer iets fundamenteels knagen: uiteindelijk kan het verschil tussen een toekenning en een afwijzing zitten in de persoon die het dossier behandelt. Wanneer je iemand het voordeel van de twijfel geeft, is een persoonlijke afweging. Dat is net zo goed een kwaliteit als een hiaat in ons asielsysteem.

Lees ook: Authentieke lotgevallen van een dakloze muzikant en vader