Haïtiaanse president Jovenel Moïse doodgeschoten

Aanslag De Haïtiaanse president Jovenel Moïse is doodgeschoten in zijn privéwoning. Daarbij raakte zijn vrouw gewond, zij ligt in het ziekenhuis.
President Jovenel Moïse tijdens een toespraak in mei dit jaar.
President Jovenel Moïse tijdens een toespraak in mei dit jaar. Foto Jean Marc Herve Abelard/EPA

De Haïtiaanse president Jovenel Moïse is in de nacht van dinsdag op woensdag doodgeschoten. De 53-jarige president zou zijn gedood door een „ongeïdentificeerde groep” die zijn woning binnendrong, zo heeft interim-premier Claude Joseph woensdagochtend bekendgemaakt in een verklaring. Joseph stelt dat enkelen Spaans spraken. Het is niet bekendgemaakt hoe groot de groep was.

Volgens de verklaring is de vrouw van de president gewond geraakt. Zij ligt in het ziekenhuis. Joseph heeft de inwoners van Haïti opgeroepen om rustig te blijven. Hij stelt dat de politie en het leger de orde zullen handhaven.

In februari zei Moïse dat een aanslag op zijn leven zou zijn voorkomen. Hij sprak ook over een poging tot een coup, al is dat nooit bewezen. Wel werden 23 verdachten aangehouden, onder wie een rechter van het hooggerechtshof en een politiefunctionaris. De vermeende couppoging bracht honderden betogers op de been, die volgens The Guardian de president opriepen om op te stappen. Om de demonstranten uiteen te drijven, gebruikte de politie traangas en schoot in de lucht.

Crisis in Haïti

Begin dit jaar heerste onduidelijkheid over de ambtstermijn van Jovenel Moïse. De oppositie stelde dat hij onrechtmatig lang aan de macht bleef, omdat die na vier jaar zou moeten aflopen. Daarnaast regeerde Moïse sinds 2019 per decreet, omdat in dat jaar de parlementsverkiezingen werden afgezegd. Zijn handelswijze leverde de president veel kritiek op.

Aanhangers van de president meenden dat zijn ambtstermijn in 2022 zou moeten eindigen omdat zijn presidentschap door corruptieverwikkelingen pas een jaar na de verkiezingen zou zijn ingegaan. De twisten rondom de ambtstermijn van de president, verschillende beschuldigingen van corruptie en een toename in politieke instabiliteit zorgden in Haïti geregeld voor demonstraties.

Het Witte Huis heeft laten weten de „tragische aanval” te zullen beoordelen. Haïti werd tussen 1915 en 1934 bezet door de VS, ruim nadat de bevolking zich tegen de kolonisatie van Frankrijk had gekeerd in 1791. Na Amerikaanse bezetting grepen de Verenigde Staten, samen met andere landen, in de jaren negentig in na een coup van de militaire junta onder leiding van Raoul Cédras.