Voornamelijk ouderen en kwetsbaren overleden na coronaprik

Van de 3,7 miljoen mensen die tot medio april werden gevaccineerd tegen het coronavirus, zijn er 257 in de dagen of weken na hun prik overleden. Dat staat in een maandag gepubliceerd overzicht van Lareb, dat meldingen over bijwerkingen van vaccins bijhoudt. In vrijwel alle gevallen waarover voldoende informatie beschikbaar is, lijkt het coronavaccin niet de (directe) doodsoorzaak te zijn. Ook na 15 april registreerde Lareb sterfgevallen, maar die zijn nog minder uitgebreid geanalyseerd.

Onder de sterfgevallen zaten 200 mensen van 80 jaar en ouder. Bij 128 meldingen ligt het „voor de hand” dat het overlijden een andere oorzaak dan de inenting had. Bij 42 sterfgevallen is het mogelijk dat een al fragiele gezondheid werd verslechterd door bijwerkingen zoals koorts of misselijkheid. Eén melding in deze periode heeft te maken met de combinatie van trombose en een laag aantal bloedplaatjes, waar in Nederland inmiddels vier sterfgevallen van bekend zijn. Over de overige meldingen had Lareb niet genoeg informatie om iets te zeggen over de doodsoorzaak.

Van de gemelde sterfgevallen kregen er 213 het vaccin van Pfizer en BioNTech toegediend. Dat hoge aantal is te verklaren doordat dit vaccin het meest wordt toegediend in Nederland. Het is bovendien het middel waar ouderen voornamelijk mee zijn ingeënt. De overige overlijdens kwamen na een vaccinatie met Moderna (27 sterfgevallen) en AstraZeneca (13). Bij vier sterfgevallen is onbekend waarmee zij werden geprikt. Het vaccin van Janssen werd in die periode nog niet toegediend.

Dit artikel maakt ook deel uit van ons liveblog: Opnieuw stijging positieve coronatests: 1.545 in afgelopen 24 uur