En nu wil iedereen weer extra geld

De formatie Om extra geld te krijgen in het nieuwe regeerakkoord sturen veel organisaties en belangenclubs een brief naar de informateur. Maar de echte invloed verloopt via de verkiezingsprogramma’s, al maanden eerder.

Pieter Duisenberg van de VSNU en Freya Chiappino , vicevoorzitter van de LSVB in de Haagse Hofvijver, een ludieke lobby-actie voor meer geld voor het hoger onderwijs: „Het water staat ons aan de lippen”.
Pieter Duisenberg van de VSNU en Freya Chiappino , vicevoorzitter van de LSVB in de Haagse Hofvijver, een ludieke lobby-actie voor meer geld voor het hoger onderwijs: „Het water staat ons aan de lippen”. Foto Bart Maat/ANP

„Geachte heer Tjeenk Willink”, schrijft Jacobine Geel op 16 april namens een breed gezelschap van zorgorganisaties. „De gezondheidszorg vraagt de volle aandacht van het komende kabinet. [...] Wij roepen het nieuwe kabinet daarom op om een brede investeringsagenda voor de zorg op te nemen in het regeerakkoord [...]”. Een concreet bedrag noemt ze niet, maar dat extra investeringen in de zorg al snel in de miljarden lopen, laat zich raden. Eén procent salarisverhoging voor het personeel in de zorg kost ruim een half miljard.

Een maand later ontvangt Tjeenk Willinks opvolger als informateur, Mariëtte Hamer, post van Pieter Duisenberg. De voorzitter van de Vereniging van Universiteiten (VSNU) doet al wel een concreet verzoek voor het nieuwe regeerakkoord, zowel in tekst als in geld. Wij „hopen op een passage van onderstaande strekking in het nieuwe regeerakkoord”, schrijft Duisenberg. Hij dicteert vervolgens in 162 woorden twee alinea’s. Daarin vraagt zijn organisatie om een investering van 1,5 miljard euro in „onderzoek en innovatie” en 300 miljoen „in de onderwijsbekostiging van de universiteiten”.

Zevenhonderd brieven

Met vergelijkbare oproepen – groot en klein, vaag en concreet – stapelt de post aan de informateur zich op. In de afgelopen maanden kreeg het secretariaat van de informateur zo’n zevenhonderd brieven binnen. Vele daarvan zijn voor de zekerheid dubbel verstuurd: iedere nieuwe informateur kreeg een afschrift.

Lees ook: De ceo kan ministers altijd bellen

Nu twee onderhandelingsteams van VVD en D66 achter gesloten deuren zijn begonnen met inhoudelijke besprekingen over een aanzet tot een regeerakkoord zullen veel lobbyorganisaties opnieuw hun boodschap kenbaar willen maken.

Maar heeft het zin om nu nog op beleefde maar dringende toon allerlei kostbare beleidswensen door te geven aan de onderhandelingspartners in Den Haag?

„Een brief aan de informateur is onvoldoende maar wel noodzakelijk”, zegt oud-Tweede Kamerlid voor de VVD René Leegte van het Haagse advieskantoor Publieke Zaken. „Je maakt van je verzoek dan een formeel stuk, dat alleen dán door de formerende partijen kan worden besproken. Zonder brief aan de informateur besta je niet.”

Hans Biesheuvel, voorzitter van ondernemersvereniging ONL, stuurde eind mei een beknopte brief aan informateur Hamer. Voor hem heeft het versturen van een wensenlijst aan de formatietafel vooral een publieke functie. „Het laat zien dat je actief bent en nog eens je geluid laat horen in Den Haag.”

Net als de meeste lobbyisten is Biesheuvel achter de schermen al veel langer bezig met het proberen te sturen van een nieuw regeerakkoord. „In de zomer van vorig jaar hadden we al veel contact met fracties in de Tweede Kamer, die toen met hun verkiezingsprogramma’s bezig waren.” ONL legde daarbij ideeën op tafel over de arbeidsmarkt en mkb-beleid.

René Leegte organiseerde met hetzelfde doel in maart vorig jaar de cursus ‘Beïnvloeding van verkiezingsprogramma’s’. De wervingstekst in de uitnodiging aan zijn clientèle, die vooral uit de energie- en klimaathoek komt, was als volgt: „Om te zorgen dat uw input en suggesties weerklank vinden in het werk van de informateur, en uiteindelijk het nieuwe regeerakkoord.”

Bij ambtenaren

Om verkiezingsprogramma’s te kunnen beïnvloeden is het volgens Leegte ook zaak om je punten bij de juiste ambtenaren van verschillende departementen duidelijk te maken. Een jaar voor de verkiezingen verschijnen veel ambtelijke werkgroepen, zoals de Studiegroep Begrotingsruimte, met politiek-neutrale adviezen aan politieke partijen.

Ook Pieter Duisenberg van de VSNU, evenals Leegte voormalig VVD-Kamerlid, weet dat je al bij de verkiezingsprogramma’s aan de slag moet om regeringsbeleid bij te sturen. Hij deed dat uiteindelijk vrij letterlijk door als partijlid bij het VVD-congres in december verschillende amendementen in te dienen over thema’s waar hij zich als VSNU-voorzitter mee bezighoudt: onderwijs, onderzoek en innovatie. „Ze werden allemaal aangenomen”, zegt hij. Is dat geen vermenging van maatschappelijke rollen? Nee hoor, zegt Duisenberg, het is niet ongebruikelijk. „In mijn organisatie werken ook mensen die lid zijn van GroenLinks of andere partijen. Zij zitten ook niet stil.”

Lees ook: ‘De lobby in Den Haag moet veel eerlijker’

Contact met politieke partijen vóór de verkiezingen, dus. En erna met de nieuwe Tweede Kamerleden. Sinds de nieuwe Kamer eind maart werd beëdigd zijn lobbyisten veel bezig geweest kennis te maken met de nieuwe fractiewoordvoerders op hun terrein. Toen Duisenberg op 6 april de Hofvijver in sprong om zijn oproep tot meer geld voor het hoger onderwijs symbolisch kracht bij te zetten („Het water staat ons aan de lippen”), waren de meeste onderwijsspecialisten uit de Tweede Kamer daarop afgekomen. „Nadat ik weer uit het water was geklauterd heb ik met de nieuwe Kamerleden telefoonnummers uitgewisseld.”

Tweede Kamerfracties, vertellen de meeste lobbyisten, zijn voor hen de belangrijkste toegang tot het formatieproces. Rechtstreeks contact met de informateur of de hoofdonderhandelaars heeft niet veel zin, zegt Duisenberg. „Ik heb de mobiele nummers van Mariëtte Hamer en Mark Rutte wel, maar mijn ervaring is dat de luiken van de Stadhouderskamer dichtgaan. De blackbox van de formatie wordt steeds blacker.”

Dan is het nuttiger via fractiespecialisten vinger aan de pols te houden. Zij worden wekelijks door hun fractievoorzitter bijgepraat. Als na de zomer de échte onderhandelingen over een nieuw kabinet starten, praten veel fractiespecialisten op deelonderwerpen mee, aan de zogenoemde ‘zijtafels’. Tweede Kamerleden kennen dus het verloop van de formatie.

René Leegte stemt er zijn strategie op af. „Als we straks horen dat in week drie van de onderhandelingen het hoofdstuk Energie & klimaat aan de hoofdtafel aan de orde komt, zullen we in week twee onze punten nog eens bij zijtafel onder de aandacht brengen. Zo organiseer je landingsrechten op de hoofdtafel.”

Is het voorproces en het onderhouden van contacten met politieke partijen van belang om geesten rijp te maken voor nieuwe ideeën, pas in de onderhandelingsfase zijn die ideeën te verzilveren. Met de gedetailleerde regeerakkoorden van de laatste decennia is het voor belangenbehartigers knap lastig gedurende een kabinetsperiode nog iets gedaan te krijgen, legt voorzitter Kristel Baele van de Raad voor Cultuur uit. Maar nu, bij de onderhandelingen van een nieuw akkoord, „worden de financiële kaders opnieuw voor een periode van vier jaar vastgelegd.”

Voor Baele, die strikt genomen geen lobbyclub leidt, maar formeel regeringsadviseur is, schreef om die reden toch een behoorlijk lobby-achtige brief aan informateur Tjeenk Willink. Daarin een uiterst gedetailleerde ‘investeringsagenda’ voor de culturele sector, met een structurele verhoging van het cultuurbudget van 477 miljoen euro (onder meer voor bibliotheken en erfgoed), plus een eenmalige investering van 83 miljoen in onder meer digitalisering. „Uiteraard” kregen de Tweede Kamerfracties en de minister een afschrift.

Zeldzaam

Concrete bedragen zijn vrij zeldzaam in de grote stapel brieven die op het bureau van de informateur zijn beland. De meeste organisaties formuleren hun beleidswensen in algemene termen. Er moet „meer aandacht” komen voor dit, of „meer geïnvesteerd worden” in dat. Lobby-adviseur Leegte vindt dat de Raad voor Cultuur het verstandig heeft aangepakt. „Onderhandelaars hebben een integer en duidelijk aanbod nodig: hoeveel is écht nodig voor een plan. Je moet er zelf geen onderhandelingsspel van maken, in de handjeklapsfeer van ‘Ze zullen ons vast de helft geven, dus ik vraag maar het dubbele’.”

En wat als je wensen niet of niet volledig in een nieuw regeerakkoord worden opgenomen? Is je lobby dan mislukt? Nee hoor, zegt Leegte, als je nu maar 100 miljoen krijgt van de 400 miljoen waar je om had gevraagd, heeft het geen zin om boos te worden of gefrustreerd te raken. „Je zult duidelijk moeten maken aan je achterban en aan de overheid dat je de gestelde ambities of opdracht de komende jaren dan niet geheel zult kunnen halen.” En dan? „We zijn nu al bezig met de volgende verkiezingen.”