Brieven

Brieven 5/7/2021

Ongelijkheid

Rijk dwingt gemeenten

In het overigens uitstekende artikel van Christiaan Pelgrim (Inkomensbescherming: steeds minder, steeds selectiever, 1/7) staat een slordige onjuistheid. Pelgrim zegt dat gemeenten hun energie het liefst „in begeleiding van werklozen steken die wel snel een baan kunnen vinden”. Gemeenten doen dit echter helemaal niet ‘het liefst’. Zij worden daartoe namelijk door de rijksregels gedwongen. De financiering van gemeenten om werklozen naar werk te begeleiden is zo ingericht dat er nauwelijks geld is om langdurig werklozen via training, opleiding en begeleiding aan werk te helpen. Het was juist geweest dat er had gestaan ‘dat het Rijk gemeenten nauwelijks in staat stelt om langdurig werklozen te helpen een baan te vinden’.

Castricum

Slavernij

Bovenklasse is schuldig

Met belangstelling heb ik de verschillende artikelen gelezen over slavernij in Suriname en de omstandigheden eromheen. Slavernij is ook in mijn ogen verschrikkelijk, daarover geen twijfel. Ik vind echter het kopje ‘Gebaar van excuses is goed begin’ (1/7) eenzijdig. Alsof het al eeuwen in Nederland voor iedereen geweldig is. Onbekend zijn blijkbaar vormen van slavernij, zoals de horigen en de arbeiders in de veenkoloniën. De verschrikkelijke omstandigheden voor de zeevarenden op de schepen die de slaafgemaakten van Afrika naar Amerika brachten, waarbij velen stierven. De omstandigheden waaronder de arbeiders tijdens het begin van de industriële revolutie moesten werken zonder zicht op toekomst. Een verwijt aan een stinkend rijke bovenklasse zou zeker meer op zijn plaats zijn.

Dordrecht

Slavernij (2)

Niet meer polariseren

Het hoofdredactioneel commentaar Maak van herdenking afschaffing slavernij een nationale feestdag (1/7) concludeert dat er in ons land twee dagen zijn waarop de samenleving centraal staat en waarop de verbondenheid van Nederlanders wordt gevierd (Koningsdag en Bevrijdingsdag) en dat „de afschaffing van de slavernij [...] daarom bij uitstek geschikt [is] voor een derde nationale feestdag”. Dat de krant graag voorop loopt als ‘woke’ boegbeeld van progressiviteit in het identiteitsdebat was al duidelijk geworden uit de ruim bemeten hoeveelheid van haar kolommen die zij hieraan besteedt. Waarom de afschaffing van de slavernij bij uitstek geschikt zou zijn voor een derde nationale feestdag, verzuimt de redactie echter te onderbouwen. Ook is niet geheel duidelijk of zij oppert die dag dan ook nog eens als vrije dag te laten gelden.

Los van de kosten die daaraan verbonden zouden zijn, dient zich onmiddellijk de vraag aan waarom dan niet 5 mei als ‘dag van de vrijheid’ wordt bestempeld (wat deze feitelijk nu al is) en dan tevens als vrije dag voor alle Nederlanders wordt uitgeroepen – en dat zonder ruil tegen een andere vrije dag zoals weleens wordt geopperd. Eenieder kan die dag van de vrijheid dan op eigen wijze invullen, beleven en vieren.

Gezien het feit dat zo’n 3 procent van de Nederlandse bevolking een Surinaamse of Antilliaanse achtergrond heeft, lijkt mij een extra algemene feestdag al wat overtrokken. Nog los van het feit dat ik bang ben dat de huidige focus op het slavernijverleden contraproductief kan werken en tot verdere polarisering en verdeling leidt in plaats van tot de verbinding en samenhang die wij in ons land somtijds zo node lijken te missen.

Juist van dat wij-zij-denken moeten we toch immers af?

Amersfoort