Opinie

Big tech

Marcel van Roosmalen

Het mocht weer, dus ik vond mezelf terug aan een gedekte tafel op een terras in Amsterdam-Noord. In een ver verleden werkten we allemaal voor hetzelfde tijdschrift. Waar waren we mee bezig geweest? Het tijdschrift bestond al een paar jaar niet meer en de tijdschriften waarvoor sommigen van ons daarna werkten, vielen allemaal om. De volgende keer dat we elkaar zouden zien, bestonden er waarschijnlijk geen tijdschriften meer en de keer daarop waren ook de kranten gestopt met hun tijdschrift.

Iemand zei: „De laatste hoop was dat kereltje, die tech-dinges van bij Matthijs.”

„Die van Blendle.”

„Alexander Klöpping!”, riep ik.

Weer dat verhaal over de keer dat hij Matthijs bij DWDD een VR-bril had opgezet, beeldvorming die was blijven hangen. Iemand wist dat zijn Urban Arrow-bakfiets was gejat en dat hij op sociale media een soort drijfjacht naar de daders was begonnen.

Een ander begon erover dat in de Volkskrant had gestaan dat Alexander en Sywert van Lienden met elkaar in een klasje van de BKB Academie hadden gezeten. Ja, nu zag ik de gelijkenissen ook, behalve dan dat ik Alexander ongeveer twaalf keer sympathieker vind dan Sywert waren ze feitelijk twee takken van dezelfde BKB-boom. BKB, het instituut waar ze de betwetertjes van morgen uit de grond stampen en elkaar leren hoe je de mensen alles kunt laten eten. Het geheim is de lekkere maatschappelijk verantwoorde saus die je overal overheen moet gieten.

Sywert deed het ‘om niet’, Alexander om de journalistiek te redden. De uitkomst was dat ze alle twee miljonair waren en wij niet.

Ieder jaar een nieuwe lichting, het is gekmakend. Het is daar net als in The Boys from Brazil, de een lukt wat beter dan de ander. Alexander was gelukt, maar Sywert was een misfit. Ze hadden zijn gunfactor helemaal verkeerd afgesteld.

En dan nu het engste gedeelte.

Ik had het op een openbare plek over Alexander Klöpping en nog geen dag later reed hij me op een gracht in Amsterdam bijna van mijn OV-fiets. Hij zat in zo’n speciaal voor grachtengordel ontworpen moderne versie van de Fiat 500, elektrisch natuurlijk. Naast hem een oudere vrouw, op de achterbank een kind, maar het kunnen ook robots geweest zijn. Hij vond het hilarisch dat ik op Google Maps keek, ik voelde me betrapt. Grote lol in dat mini-autootje van ze. Hup, daar gingen ze weer. Waar gingen ze naartoe? Nergens heen, ze reden gewoon rond om iedereen uit te lachen, net als in die reclame voor Fiat Panda uit 1983.

Was dit toeval? Natuurlijk niet, ze weten alles.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.