Makers van kinderboeken lopen jaarlijks 1,5 miljoen euro mis door schoolbibliotheken

Kinderboeken Steeds meer boeken worden uitgeleend via scholen in plaats van de bieb, en dat kost makers van kinderboeken geld omdat schoolbibliotheken geen leenvergoeding hoeven af te dragen.

Leerlingen in de leeszaal van de Roald Dahl school in Hoorn-Zwaag.
Leerlingen in de leeszaal van de Roald Dahl school in Hoorn-Zwaag. Foto Olaf Kraak

Er zit een gat in het stelsel van leenvergoedingen, en daar zijn kinderboekenauteurs de dupe van. Dat is al jaren zo, maar nu willen de auteurs, nadat eerdere toezeggingen tot niets leidden, dat het gat wordt gedicht. En dat demissionair minister Ingrid van Engelshoven dat bewerkstelligt. Donderdag 1 juli overhandigden makers van jeugdliteratuur – auteurs, illustratoren, uitgevers – een brandbrief aan Van Engelshoven (Cultuur, D66), in het Kinderboekenmuseum in Den Haag.

Het gat bestaat al sinds de leenvergoeding in 1995 werd ingevoerd. Toen werd besloten dat auteurs een vergoeding krijgen voor iedere keer dat hun boek via openbare bibliotheken wordt uitgeleend. Er werden toen maar heel weinig boeken via scholen uitgeleend (nog geen half procent) dus om praktische redenen werden de schoolbibliotheken uitgezonderd van de leenvergoeding.

Sindsdien is er sterk bezuinigd op bibliotheken, en zijn er tegelijk zorgen ontstaan over de ontlezing van kinderen, en daarmee de geletterdheid. Veel bibliotheken sloten hun nevenvestigingen in de wijken, en brachten de jeugdcollectie onder bij scholen. Daarmee sloegen ze twee vliegen in één klap; ze konden bezuinigen, én de literatuur werd letterlijk dichter bij de kinderen gebracht. Er is ook een officieel beleidsprogramma voor: De bibliotheek op school.

Lees ook: Onenigheid over leengeld bibliotheken

1,5 miljoen

De afgelopen dagen zijn schrijvers van kinderboeken in actie gekomen onder de hashtag #neemderegie. „Als ik op scholen kom om over mijn werk te vertellen, laten ze vaak vol trots hun mooie nieuwe bibliotheek zien”, zegt kinderboekenschrijver Annet Schaap (auteur van het bekroonde Lampje) in een bericht op facebook. „En ik vind het prachtig, maar ik krijg dan ook altijd een beetje buikpijn, want als een kind een boek van school leent, krijgen schrijvers daar helemaal niets voor.” Uit het bericht blijkt de worsteling van veel auteurs van kinderboeken. „Moet ik dan elke keer als een kind een boek openslaat een dubbeltje krijgen? (…) Ik wil geen geldwolf zijn, en we vinden het allemaal belangrijk dat kinderen lezen. Maar het deugt niet. De schrijvers moeten betaald worden.”

De bezuiniging van bibliotheken op de leenvergoeding is eigenlijk nevenschade, zegt Arjen Polman, directeur van de stichting Leenrecht. „Door bezuinigingen moesten ze iets bedenken, én er zijn grote zorgen over de ontlezing bij kinderen. Dit leek een ideale oplossing, maar de kinderboekenmakers zijn er de dupe van.”

Het ministerie van OCW heeft volgens hem een aantal jaar geleden vastgesteld dat de uitzondering van het leenrecht voor scholen inmiddels ernstige schade toebrengt aan de belangen van kinderboekenmakers. Er wordt per jaar 8 miljoen euro betaald aan leenvergoeding voor boeken door bibliotheken, zegt Polman. „En auteurs en uitgevers lopen jaarlijks 1,5 miljoen euro mis door de schoolbibliotheken. Dat treft een hele beperkte groep, er zijn maar zo’n 300 kinderboekenschrijvers in Nederland.”

Extra complicatie

Iedereen lijkt het er eigenlijk wel over eens dat de benadeling van de auteurs moet ophouden, maar het is ingewikkeld. De scholen vallen onder demissionair onderwijsminister Arie Slob (CU) – met grote onderwijsbudgetten – en de bibliotheken onder Van Engelshoven, die veel minder te besteden heeft. De bibliotheken worden bovendien bekostigd door gemeenten, die over de hele linie moeten bezuinigen. „En niemand heeft last van deze situatie, alleen de auteurs zelf”, zegt Polman.

Een extra complicatie is dat er veel vormen van schoolbibliotheken zijn, waarbij de openbare bibliotheek meer of minder verantwoordelijkheid heeft, zegt Klaas Gravesteijn, directeur van de vereniging van Openbare Bibliotheken. „Zolang de schoolbibliotheek volledig onder de verantwoordelijkheid van de openbare bibliotheek valt en ook boeken uitleent, dan wordt er een leenvergoeding betaald. Maar in andere gevallen valt het gebruik van boeken in onderwijs onder de onderwijsvrijstelling in het auteursrecht.”

Van Engelshoven heeft meermaals aan de Kamer toegezegd dat ze naar de situatie zou kijken, maar tot nu toe zonder resultaat. Zij heeft laten weten dat ze het liefst een landelijk dekkend netwerk van schoolbibliotheken zou hebben, die vallen onder de openbare bibliotheken en waar dus ook de leenvergoeding voor geldt. „Maar dat vraagt een enorme investering, en de bibliotheken zijn niet degenen die dat moeten ophoesten. Bij ons klotst het geld ook niet tegen de plinten”, zegt Gravesteijn. Dat is iets dat volgens hem in de komende formatie moet worden geregeld.

Lees ook: Elke generatie lezertjes worstelt met leesplezier

De belangen zijn groter dan alleen de inkomens van de auteurs, zegt hij, hoe belangrijk die ook zijn. „Het gaat niet alleen om cultuur, het lezen van goede en leuke boeken, maar ook om onderwijs; kinderen zijn steeds minder geletterd, en het belang bij een bevolking die goed kan lezen is onschatbaar.”