Duitse rechter: ‘Bewijs uit hack Encrochat onrechtmatig’

Politieonderzoek Bewijsmateriaal uit de hack van Encrochat is onrechtmatig verkregen, heeft een Duitse rechter geoordeeld. Wat betekent dat voor Nederlandse strafzaken?

Persconferentie bij Europol, begin juni, over de internationale politieactie waarbij de politie miljoenen berichten van criminelen in handen kreeg.
Persconferentie bij Europol, begin juni, over de internationale politieactie waarbij de politie miljoenen berichten van criminelen in handen kreeg. Foto Marcel van den Bergh/ANP

De rechtbank in Berlijn heeft voor het eerst in Duitsland geoordeeld dat bewijsmateriaal verkregen uit de hack van Encrochat onrechtmatig is verkregen. In een vonnis van donderdag 1 juli 2021 oordeelt de rechter dat Franse opsporingsautoriteiten Encro-telefoons van gebruikers in Duitsland heeft gehackt zonder toestemming van Duitse autoriteiten.

Daarnaast verwerpt de rechter het argument dat het onderschepte berichtenverkeer als bijvangst moet worden gekwalificeerd van het onderzoek naar Encrochat.

Volgens de rechter blijkt uit informatie van de Franse en Britse autoriteiten dat het onderzoek zich niet alleen richtte op het bedrijf Encrochat, maar ook op de gebruikers van de individuele telefoons.

Lees ook: Unieke hack van EncroChat leidt tot veel lastige juridische vraagstukken

Het vonnis volgt op een aantal punten de juridische argumentatie die in grote Nederlandse strafzaken is bepleit door verdediging van verdachten. Daarmee is het vonnis principieel van belang. Diverse advocaten hebben laten weten dat het Duitse vonnis hier zal worden ingebracht.

Vooralsnog is er nog geen enkele Nederlandse rechtbank geweest die bewijs onrechtmatig heeft verklaard dat bij de hack van Encrochat is verkregen.

Verschillen

Hoewel de overeenkomsten tussen de situatie in Duitsland en Nederland op een aantal punten opvallend zijn, is er ook een groot verschil. De Nederlandse autoriteiten hebben voordat de hack begon een machtiging gevraagd bij de onderzoeksrechter. Die heeft toestemming gegeven om het berichtenverkeer van naar schatting negenduizend onbekende Encro-gebruikers in Nederland te vergaren en op te slaan. Later kan dan met een nieuwe machtiging in deze bankdata worden gezocht naar individuele verdachten.

De Duitse zaak gaat ook om een verdachte die voor de hack nog niet was geïdentificeerd en waarvan ook niet bekend was of deze gebruiker strafbare feiten heeft gepleegd. Gezien het feit dat door het Duitse Openbaar Ministerie geen toestemming vooraf is gevraagd, heeft de rechter het gebruik van de Encroberichten uitgesloten.

Vrije voeten

Omdat er geen ander bewijs is, heeft de rechter de verdachte op vrije voeten gesteld, aldus de Duitse advocaat Chris Lodden. De vraag is wel hoe het verder gaat. „Het Openbaar Ministerie heeft meteen hoger beroep aangetekend tegen deze uitspraak”, vertelt Lodden. „Er zijn hier net als in Nederland een fors aantal invloedrijke criminelen aangehouden op basis van Encrochat-berichten. De politieke druk om dit bewijs toe te staan is dan ook heel groot.”