Perpetuum mobile van de PVV: schandaal, ophef, slachtofferrol en zondebok

PVV Geert Wilders betichtte Sigrid Kaag van „sympathie voor terroristen”. Partijen worstelen al vijftien jaar met de PVV: doodzwijgen of bestrijden?

Corinne Ellemeet (GroenLinks) verliet donderdag demonstratief de Tweede Kamer nadat PVV-Kamerlid Gidi Markuszower over demissionair minister Sigrid Kaag (Buitenlandse Zaken, D66) had gezegd „dat ze heel graag terroristen om zich heen heeft. Dat weten we toch?”
Corinne Ellemeet (GroenLinks) verliet donderdag demonstratief de Tweede Kamer nadat PVV-Kamerlid Gidi Markuszower over demissionair minister Sigrid Kaag (Buitenlandse Zaken, D66) had gezegd „dat ze heel graag terroristen om zich heen heeft. Dat weten we toch?” Foto Bart Maat

Het was de bedoeling dat Tweede Kamerlid Corinne Ellemeet (GroenLinks) donderdagmiddag zou debatteren over het terughalen van Nederlandse Syriëgangers. Maar aan haar spreektekst kwam ze niet toe, toen had ze al demonstratief de plenaire zaal verlaten.

Lees ook: 'GroenLinks-Kamerlid Ellemeet loopt weg uit debat over terughalen IS’ers'

PVV-Kamerlid Gidi Markuszower had over demissionair minister Sigrid Kaag (Buitenlandse Zaken, D66) gezegd „dat ze heel graag terroristen om zich heen heeft. Dat weten we toch?”

Verschillende Kamerleden, onder wie Ellemeet, vroegen waarnemend voorzitter Martin Bosma, ook PVV’er, hier iets van te zeggen. Ellemeet zei: „Ik ga niet verder met dit debat als de voorzitter niet ingrijpt.” Maar dat deed Bosma niet. Ellemeet verliet kort hierop het debat voortijdig – een stap die zelden voorkomt in de Nederlandse politiek.

„Wat Markuszower zei was extreem heftig”, zegt Ellemeet een dag later. „Het zat in de opbouw van zijn betoog: hij omschreef eerst tot in detail wat terroristen allemaal gedaan hadden, waarna hij er de naam van Sigrid Kaag aan verbond. De voorzitter had moeten ingrijpen, maar liet het afweten. Dan kun je als makke schaapjes in de Kamerbanken blijven zitten, maar ik vond dat hier echt een grens was overschreden. Ik was niet bezig met strategie of zoiets, ik ben een mens, first of all, zo reageerde ik ook.”

Perpetuum mobile

Het incident is illustratief voor een dynamiek die de partij van Geert Wilders tot in de puntjes beheerst, en waar andere fracties het moeilijk mee hebben. Het is wat de Oostenrijkse politicoloog Ruth Wodak het „rechts-populistische perpetuum mobile” noemt. Léonie de Jonge, politicoloog aan de Rijksuniversiteit Groningen, haalt deze theorie aan. De PVV is een machine, zegt ze. Eenmaal in beweging gezet kan die machine zichzelf eeuwig laten voortbewegen.

Het idee, zegt De Jonge, is dit: creëer een schandaal, dat schandaal zorgt voor ophef, kruip in de slachtofferrol en zeg „monddood” te worden gemaakt, zoek een zondebok, en er is stof voor nóg een schandaal. „Geert Wilders is één van de langstzittende Kamerleden, hij weet hoe hij dit spel moet spelen. De dynamiek is voortdurend dezelfde, al schuift hij retorisch steeds net iets verder op.”

Voor Wilders is media-aandacht essentieel, zegt De Jonge. „De PVV heeft geen leden en krijgt dus geen subsidie. Thierry Baudet van FVD gebruikt zijn eigen sociale mediakanalen om kiezers te bereiken. Wilders heeft weliswaar een Twitteraccount, maar niet de middelen om gelikte fimpjes te produceren. Hij is afhankelijk van media-aandacht, en hij gebruikt de plenaire zaal om die aandacht te krijgen. Door zijn lange ervaring weet hij precies hoe het werkt in de Kamer. Voor zijn kiezers is hij de buitenstaander, maar hij is ook als geen ander onderdeel van het systeem.” En uit onderzoek blijkt dat het werkt, zegt De Jonge. „Aandacht voor Wilders, positief of negatief, zorgt altijd voor een stijging van de PVV in de peilingen.”

Vijandbeeld

Bij deze tactiek hoort een tegenspeler die kan fungeren als de ideale vijand. Niets motiveert kiezers meer dan een gemeenschappelijke vijand, zegt de Leidse politicoloog Simon Otjes. Die heeft Wilders sinds de campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen gevonden in Sigrid Kaag. „Zij is Wilders’ ideale tegenstander”, zegt Otjes. Niet alleen is ze de leider van D66, een „compromisloos kosmopolitische partij” die al onder Alexander Pechtold graag de confrontatie aanging met de PVV. „Ze is ook, via haar Palestijnse echtgenoot, gelinkt aan Israël en Palestina, een favoriet onderwerp van Wilders.”

Vorige week, tijdens een Kamerdebat over de formatie, zei Wilders dat Kaag „sympathie voor terroristen” heeft. Kaag zei hierop: „Ik veracht uw woorden, en dat zeg ik met alle kracht die ik heb.”

Kaag schreef eerder deze week in een opiniestuk in de Volkskrant dat „de toon op de flanken is geradicaliseerd”. Dit kan individuele politici en mensen in het publieke oog in gevaar brengen, aldus Kaag, die óók schreef dat ze „zo geschokt en boos” was door Wilders’ woorden dat ze zelf ook „een ad hominem verwijzing naar de peilingen” had gebruikt. Wilders twitterde vervolgens een link naar het artikel, met maar één woord als commentaar: „heks”.

Is de PVV schuldig aan een verruwing van het debat in de Tweede Kamer? Dat ligt gecompliceerd, zeggen wetenschappers. Wilders heeft vooral gebruik gemaakt van een al bestaande verandering van de parlementaire omgangsvormen. Simon Otjes: „Het jaar dat Pim Fortuyn vermoord werd, 2002, is het breukjaar. De retoriek in de Kamer werd vanaf toen heel fel, en dat is deel geworden van de politieke cultuur. Misschien is het sindsdien erger geworden, maar dat zijn nuances binnen die breuklijn.”

Henk te Velde, hoogleraar Nederlandse geschiedenis aan de Universiteit Leiden, zegt dat Wilders slim gebruik heeft gemaakt van een normvervaging in de politiek. Dertig jaar geleden zou Wilders in de Tweede Kamer doodgezwegen worden. „Maar sinds de Fortuyn-tijd is de gedachte in Den Haag dat alles gezegd moet kunnen worden. De stem van het volk is belangrijker dan de waardigheid van het instituut. Wilders buit dat uit.”

Verruwing

Hoewel het debat sterk is verruwd, ook bij andere partijen, vindt Te Velde dat het bij pers en politiek te vaak gaat over taalgebruik, en te weinig over de inhoud. „Er ontstaat vaak ophef over een uitspraak, waarna iedereen zich afvraagt of het wel netjes was wat Wilders zei. Maar als hij had gepraat als andere Kamerleden, dan had er geen haan naar zijn uitspraken gekraaid.”

De Nederlandse parlementaire traditie is braver dan die in de meeste andere westerse democratieën, zegt Te Velde. Nederland gaat volgens hem steeds meer lijken op België, het Verenigd Koninkrijk of de VS, waar harder gedebatteerd wordt. Te Velde: „De toenemende tolerantie voor onparlementair taalgebruik maakt protest tegen Wilders minder krachtig.”

Geert Wilders scheidde zich in 2004 af van de VVD en richtte de PVV op, waarmee hij in 2006 negen zetels behaalde. Sindsdien is de partij vaak afgeschreven, maar een verrassend stabiele factor in de Tweede Kamer gebleven. Ook toen het druk werd op de rechterflank, met partijen als FVD, JA21 en afsplitsingen als de Groep Otten en de Groep Van Haga. De PVV heeft nu zeventien zetels. Simon Otjes: „Wilders heeft wel last van die enorme concurrentie op rechts. Bij de Europese en Statenverkiezingen van 2019 verloor de PVV enorm veel kiezers aan FVD. Wilders werd gedwongen zijn verhaal wat aan te passen.”

Zo werd de PVV de afgelopen jaren op sociaal-economisch gebied wat linkser, in ieder geval in retoriek. De laatste paar jaar valt de PVV het kabinet fel aan over de Toeslagenaffaire, waarbij tienduizenden burgers ten onrechte als fraudeur werden behandeld. Otjes: „Interessant genoeg had een groot deel van de slachtoffers een migratieachtergrond. Daarmee week hij af van de kernboodschap van de PVV.”

Léonie de Jonge ziet dat er over inhoudelijke standpunten van de PVV minder discussie ontstaat dan over hun optreden in de Kamer. Typerend, zegt ze, was het gebrek aan ophef over het verkiezingsprogramma van de PVV. De partij pleitte voor „oer-Hollandse gezelligheid”, en die woorden kwamen prominent terug. Dat de PVV ook „een land zonder hoofddoekjes” wilde en onderwijs op islamitische grondslag wilde verbieden, kreeg een stuk minder aandacht, zegt De Jonge.

Het gematigde alternatief

Maar juist die welwillende toon is een risico voor Wilders, zegt ze. „Thierry Baudet heeft zulke extreme uitspraken gedaan, dat Wilders voor veel kiezers opeens het gematigde alternatief is. Dat is niet in Wilders’ belang, waardoor hij nog meer extreme uitspraken kan gaan doen.”

Traditionele middenpartijen weten vaak niet wat ze hiermee aan moeten. De VVD is de PVV gaan imiteren, zegt Simon Otjes. „Linkse partijen gaan het debat over islam of migratie liever wat uit de weg. D66 gaat juist vol in de aanval.”

Kamerlid Corinne Ellemeet ziet de Kamer „worstelen met ongepaste omgangsvormen”. „Je wilt de ophef niet voeden door er de nadruk op te leggen. Maar je kunt het evenmin negeren. Het grote gevaar is dat we uiteindelijk onze schouders ophalen, dan normaliseert het. De Tweede Kamer is voor mij niet anders dan een voetbalveld, waar je tegen schreeuwende ouders zegt: kunnen we het een beetje normaal houden?”