Brits OM seponeert ‘Bloody Sunday’-moordzaak tegen oud-militair

Noord-Ierland De Britse ‘Soldaat F’ werd onder meer vervolgd voor de moord op twee betogers in 1972. Volgens de Britse justitie is de kans op een succesvolle rechtszaak te klein.
Een spandoek ter steun van de vervolgde oud-militair in de Noord-Ierse hoofdstad Belfast.
Een spandoek ter steun van de vervolgde oud-militair in de Noord-Ierse hoofdstad Belfast. Foto Peter Morrison/Hollandse Hoogte

Een Britse oud-militair die vervolgd werd voor de moord op twee betogers en moordpogingen op vijf katholieke demonstranten in Noord-Ierland in 1972 wordt toch niet berecht. Dat meldt de Britse justitie vrijdag, aldus persbureau Reuters. De ongewapende demonstranten vonden de dood tijdens ‘Bloody Sunday’, toen Britse militairen dertien deelnemers aan een protestmars doodden. Van de veertien demonstranten die gewond raakten, overleed er later nog een aan zijn verwondingen.

De Britse justitie heeft vrijdag besloten de zaak te seponeren omdat een rechter in een andere, vergelijkbare zaak oordeelde dat het bewijs op onjuiste wijze was vergaard. De Britse justitie schat in dat sleutelbewijs in de zaak van ‘Soldaat F’, zoals de oud-militair wordt genoemd, ook niet geaccepteerd zou worden. Daarmee zou vervolging te weinig kans van slagen hebben. Die keuze leidde tot ongeloof bij de nabestaanden van de slachtoffers. Zij hebben aangekondigd juridische stappen te zetten om Soldaat F alsnog vervolgd te krijgen.

De vervolging van Soldaat F begon in 2019. Hij was de enige militair die vervolgd werd voor de moordpartij op Bloody Sunday; voor de betrokkenheid van zestien andere militairen was niet genoeg bewijs. Op Bloody Sunday liepen vijftienduizend mensen een protestmars voor mensenrechten, onder meer in reactie op een nieuwe wet waarmee de Britse regering burgers vast kon zetten zonder proces. Die wet was doorgevoerd in reactie op een geweldsescalatie en toenemende bomaanslagen door de paramilitaire groepering IRA, die voor een verenigd Ierland streed.