‘Bij Louis was het altijd raak’

Louis Andriessen Hij was internationaal van enorm belang, zeggen zijn collega’s over de overleden componist. Een „architect van het muziekleven”.

Louis Andriessen tijdens een repetitie in het Muziekgebouw aan ’t IJ.
Louis Andriessen tijdens een repetitie in het Muziekgebouw aan ’t IJ. Foto Paul van Riel/ HH

Je hoeft maar twee maten te horen en je weet: dit is Louis Andriessen. „Er zijn maar weinig componisten in de muziekgeschiedenis die dat hebben”, zegt Martijn Padding, collega en goede vriend van Andriessen, die deze week overleed op 82-jarige leeftijd. Maar Andriessen was meer dan ‘alleen’ een componist van wereldformaat. Ruim zes decennia drukte hij zijn stempel op het muziekleven in Nederland en ver daarbuiten. Vier vensters op een ontzagwekkende nalatenschap.

Lees ook de necrologie: De grootste Nederlandse componist sinds eeuwen

In Andriessens werk zit „een enorme focus op de essentie van de dingen”, zegt Padding (1956). „En hij is altijd bezig met directe communicatie. Het lied Y después, daarvan lopen de rillingen je over de rug. Je wordt echt geraakt, zonder dat het sentimenteel is.” Andriessen wist daarbij precies wat hij deed, zegt Padding. „Dan noteerde hij iets en zei: ‘Dit gaan mensen heel mooi vinden.’ Hij was een regisseur van onze emotie. Bij een slechte componist had ik me daardoor genaaid gevoeld, maar bij Louis was het eigenlijk altijd raak.”

Andriessens muziek bezit „een noodzaak die hoofd en hart raakt”, zegt ook componist en regisseur Michel van der Aa (1970). Er zit een doortimmerd skelet achter zijn stukken, maar ze beroeren je allereerst dankzij de poëzie van de noten. Bovendien is Andriessen zich volgens Van der Aa altijd blijven vernieuwen, net als zijn held Stravinsky. „Het gaat vaak over zijn grote werken uit de jaren 80, maar Andriessens opera’s zijn minstens zo belangrijk. In zijn werk met regisseur Peter Greenaway, zoals Rosa en Writing to Vermeer, heeft hij op een fantastische manier film op het podium gehaald.”

Icoon

Andriessens impact op de Nederlandse muziekcultuur? „Die is eigenlijk te groot om iets over te zeggen”, zegt Van der Aa. „Het is te beperkt om alleen naar Nederland te kijken, Andriessen was internationaal van enorm belang. Hij trok studenten van over de hele wereld aan en wanneer die terug naar huis gingen namen ze de Nederlandse muziek én connecties met Nederlandse ensembles mee.”

Padding omschrijft Andriessen als „een icoon van verzet, kritisch denken, eigenheid”. Strikt on-hiërarchisch. Een ‘architect van het muziekleven’ bovendien: Andriessen richtte bands als De Volharding en Hoketus op, maakte zich sterk voor nieuwe muziek, dacht interdisciplinair en leidde generaties componisten op. Dat de veelgeroemde Nederlandse ensemblecultuur, waarvan hij de belichaming was, „door ellendige cultuurpolitiek stelselmatig wordt afgebroken” ergerde hem mateloos, zegt Padding. „Het dédain voor kunst en cultuur van mensen als Mark Rutte en Halbe Zijlstra, dat vond hij het echte vulgair.”

Zangeres Nora Fischer (1987), voor wie Andriessen de liedcyclus The only one (2019) componeerde: „Andriessen was een vaandeldrager van iets wat ik ook nog steeds probeer: klassieke muziek uit de ivoren toren krijgen. Zonder dat het sentimenteel wordt. Wij vonden het allebei leuk om de rauwe randjes op te zoeken, daarom klikte het tussen ons.”

Via Louis ging het Nederlandse muziekleven open naar de wereld – hij was de deur

Calliope Tsoupaki Componist des Vaderlands

Andriessen was ook een communicator, een „redenaar met grote taalgevoeligheid”, zegt Padding. „Uitleggen zat hem in het bloed. Niemand die met zoveel natuurlijk gezag over muziek kon praten als hij.” Andriessen was een geboren docent, voor wie aspirant-componisten uit alle windstreken naar Nederland kwamen.

Zoals de huidige Componist des Vaderlands Calliope Tsoupaki (1963), die ooit met boot en trein vanuit Griekenland naar Amsterdam reisde om kennis te maken, heel nerveus, en meteen een hele avond met Andriessen doorbracht. „Zonder hem was ik hier niet geweest – niet in Nederland, maar ook niet op deze plek in mijn artistieke zoektocht. Louis’ muziek was een golflengte die ons allemaal aantrok. En vanwege hem wilden velen van ons hier blijven. Via Louis ging het Nederlandse muziekleven open naar de wereld – hij was de deur. Hij heeft de muziekcultuur hier identiteit gegeven.”

Foto Merlijn Doomernik, Bewerking Studio NRC

Eerlijke muziek

Michel van der Aa: „Ik was gewend dat compositieles over techniek ging, maar Louis zoomde meteen uit: waar gaat je stuk over? Hoe kom je aan je akkoorden? Toen ik vertelde dat ik dat niet wist was hij tevreden: hij vond dat je moest voelen dat iets goed was.”

Tegelijkertijd was Andriessen een vakman met grote aandacht voor de ambachtelijke kant van het componeren, zegt Tsoupaki. „Stemvoering, hoe je van het ene akkoord naar het andere gaat, was voor hem het allerbelangrijkste.”

„Hij had een antenne voor eerlijke muziek”, zegt Van der Aa. „Hij wilde dat jij maakte wat jij wilde maken, niet iets waarvan je dacht dat het hoorde.” Toch was Van der Aa na een première pas gerustgesteld als Andriessen zijn mening had gegeven. En als Andriessen niet kon komen, ging Van der Aa later met een bandje bij hem langs. „Dan dronken we thee op de bank en gaf hij live commentaar: ‘Goeie noot!’ ‘Dit gaat niet goed!’ ‘O ja, het komt toch weer goed!’ Ik was altijd op me gemak bij hem, hij inspireerde me en liet me nadenken. Hij voelde nooit als een leraar, ook omdat hij zelf altijd een branieschopper is gebleven.”

Zangeres Fischer beaamt dat. „Hij belichaamde het icoon dat hij was, hij was trots op wat hij gedaan had, en tegelijkertijd was hij een kind: verwonderd, speels, humoristisch. Hij had een jonge geest.”

Vriend

Padding: „Een briljante componist kan in zijn persoonlijk leven een enorme schoft zijn, maar ook als vriend was Louis ongelooflijk liefdevol en genereus. Een voorbeeld voor hoe je kunt leven.” Tsoupaki: „Louis is zonder meer een van de meest oprechte, gepassioneerde, onconventionele en inspirerende mensen die ik in mijn leven heb ontmoet.”

Padding bezocht hem de laatste jaren wekelijks, soms vaker, en heeft nog een mooie herinnering aan afgelopen zondag, toen ze samen naar de zwanen keken. „Louis heeft gezegd wat hij wilde zeggen. Hij was tevreden met wat hij gemaakt heeft, dat weet ik zeker.”