Opinie

Verhalen zijn niet louter luchtkastelen

Maatschappij Als sociale en innovatieve wezens hebben wij mensen verhalen nodig om vooruit te komen, aldus .
Foto Studio Lumi

We houden onszelf gevangen in de verhalen die we zelf vertellen, zo legde Arjen van Veelen deze week uit in een essay in NRC (28/6). Van Veelen illustreerde dit door een anekdote over een vermeend lui oog uit zijn jeugd. Hij vertelde iedereen dat hij daardoor geen diepte zag. Maar dat verhaal bleek onwaar, want met een eenvoudige operatie werd het probleem verholpen. Hij leerde ervan „dat een mens met zijn verhalen niet anderen, maar vooral zichzelf voor de gek houdt”. En daarnaast leerde hij dat hij een kind van zijn tijd was. Dat wil zeggen, een kind dat opgroeide met ‘personal branding’. Want met het verhaal over zijn luie oog zette hij zichzelf neer als uniek mens.

En dan laat Van Veelen allerlei andere, willekeurige individuen de revue passeren die het verhaal gebruiken om zichzelf persoonlijk te branden. Het nieuwe PvdA-Kamerlid Habtamu de Hoop bijvoorbeeld, die vertelde over zijn afkomst. En mediapersoonlijkheid Sywert van Lienden die zijn bekendheid gebruikte voor een sluwe mondkapjesdeal. Eigenlijk zijn we allemaal „kleine Sywerts”, zo betoogt Van Veelen, want allemaal proberen we ons levens op sociale media mooier voor te spiegelen dan de werkelijkheid.

Het verhaal van Van Veelen rammelt nogal. Waarmee hij grappig genoeg gelijk zijn eigen stelling bewijst dat verhalen de werkelijkheid tekortdoen. Maar dat wisten we eigenlijk al lang. Nassim Taleb noemde dit fenomeen in zijn boek The Black Swan de ‘narrative fallacy’. Verhalen zijn per definitie incompleet, omdat we ze baseren op een beperkt aantal feiten. Je kunt dat als een tekortkoming zien, maar het feit dat ons brein met weinig informatie een patroon ziet en er een verhaal van kan breien, maakt ons als soort ook uniek.

Gedeelde verhalen

In Sapiens legt Yuval Noah Harari bijvoorbeeld uit waarom het menselijk verhaal zo’n bijzonder sociaal gereedschap is. Met verhalen kunnen we ‘gedeelde mythes’ verspreiden, iets wat niet direct waarneembaar is, maar waar we gezamenlijk in geloven. De Bijbel is een archetype voorbeeld van zo’n mythe. Dit soort verhalen stellen ons in staat om met velen samen te werken aan een gemeenschappelijk doel. Met behulp van verhalen hebben we piramides gebouwd, juridische en economische systemen ingericht en, inderdaad, ook merken gebouwd. De kracht van het verhaal, kortom, is dat je er gezamenlijk vergezichten mee kunt creëren en groepen mensen mee in beweging krijgt.

Lees ook: Instagram als werkelijkheid

Van Veelen moet niets hebben van de verhalen die ons luchtkastelen voorspiegelen. Hij wil juist een „onopgesmukte blik” – niet gekleurd door een verhaal. Tijdens de pandemie, bijvoorbeeld, had hij meer fotografie vanuit de ziekenhuizen willen zien; „ernstig zieken, stervenden”, zodat de ramp sneller zou doordringen tot de bevolking. De communicatieafdelingen van de ziekenhuizen zijn de schuldigen, zo stelt hij. Door fotografen te verbieden IC’s te fotograferen „strooien [ze] zand in de ogen van de samenleving”, „ondermijnden [ze] het vertrouwen in instituten” en „zijn [ze] uiteindelijk de medeveroorzakers van wappies en bedreigers”. Nogal kort door de bocht natuurlijk. Van Veelen laat het belang van privacy in dit verhaal voor het gemak even achterwege. Maar daarmee laat hij mooi zien hoe ons brein selectief is in het kiezen van de feiten waarmee het een verhaal vertelt.

Sociale media

Wat Van Veelen zich onvoldoende lijkt te realiseren is dat de alomtegenwoordigheid van ‘personal branding’ vooral te maken heeft met het revolutionaire karakter van sociale media; iedereen heeft tegenwoordig zijn eígen mediakanaal! En iedereen kan zijn eigen (oppervlakkige, incomplete en incorrecte) verhalen de wereld insturen, ongehinderd door de traditionele gatekeepers en geholpen door algoritmes die populariteit belonen. Nepnieuws is daar een uitwas van, maar hopelijk blijkt dat achteraf slechts de puberziekte van het medium. Hoe dan ook, het succes van sociale media – en de personal branding die daar naadloos op aansluit – wil geenszins zeggen dat het verhaal als concept niet deugt.

Zoals gezegd, als sociale en innovatieve soort hebben we verhalen nodig om gezamenlijk verder te komen. Maar het moet natuurlijk wel een consistent verhaal zijn, om ook op de langere termijn mensen te kunnen overtuigen. Zelfs Sywert van Lienden laat dat zien. Zijn persoonlijke merk hielp hem weliswaar bij zijn mondkapjesdeal, maar uiteindelijk bleek zijn verhaal incongruent en dát deed hem de das om. Ook voor personal branding geldt dus: je kunt alleen een sterk merk bouwen met een goed verhaal.