Opinie

De gemiste kans van De Nachtwacht

Column Amsterdam

Auke Kok

Het beroemdste stukje oppervlakte van 363 bij 437 centimeter in Amsterdam is tijdelijk verruimd, groter gemaakt. En Taco Dibbits is er maar wat blij mee. „Je ziet dat Rembrandt eigenlijk nog genialer is dan hij al was”, liet de directeur van het Rijksmuseum weten. En: „Voor het eerst sinds het begin van de achttiende eeuw zien we het schilderij weer op het oorspronkelijke formaat.”

Het schilderij: De Nachtwacht natuurlijk. Zonder lijst honderdzeventig kilo aan briljante schilderkunst en toeristenattractie. Tijdloos en letterlijk onbetaalbaar. Dus dat glimmen van Dibbits snapte ik wel. Iedereen zal het enorme meesterwerk in zijn volle glorie willen bewonderen: mét de stukken die in 1715 werden afgesneden om het megadoek in het stadhuis (nu Paleis op de Dam) kwijt te kunnen.

Maar aan de andere kant had ik bij de beelden van de tijdelijk in zijn originele formaat teruggebrachte Nachtwacht een enorme déjà vu. Waar kende ik die high tech-beelden van? Natuurlijk: het Rembrandt Research Project, de uitdagende onderneming van Rembrandt-goeroe Ernst van de Wetering.

Ontelbaar veel toeristen en kunstminnaars is zo een culturele sensatie onthouden, een dieper inzicht in Rembrandt

In december 2012 was dat. Urenlang vergaapte ik me in Magna Plaza aan de complete Rembrandt. Of liever, aan ‘Rembrandt’: wat met linnen en olieverf onmogelijk was – alle schilderijen van de grote meester op één plek – werd bereikt met digitale versies. Alles in de originele kleuren en oppervlakten. Hoogtepunt, uiteraard, De Nachtwacht. Haast bedwelmend, de aanblik van het vergrote ‘doek’ uit 1642 en de dynamiek die er vanuit ging. De onder leiding van professor dr Van de Wetering digitaal ‘herstelde’ stroken (op basis van een zeventiende-eeuws imitatie-schilderij) zorgden voor meer ruimte aan de boven- en zijkant, waardoor je, zoals de originele titel al aangaf, schutters bezig zag ‘uit te marcheren’. Ineens leek het of je Frans Banninck Cocq en luitenant Willem van Ruytenburch op de voorgrond de pas erin zag zetten, in plaats van een veredeld soort sur place zag maken.

Zo had Rembrandt van Rijn het dus bedoeld. En zo hadden we het sinds 1715 dus niet meer gezien. Een sensatie was het. Dankzij die dekselse Van de Wetering.

De tentoonstelling in het Magna Plaza aan de Nieuwezijds Voorburgwal werd geen doorslaand succes. Hoogwaardige kunst in een winkelcentrum was misschien even wennen voor veel mensen. En ook hielp het verbod om banners aan de buitenmuur te bevestigen niet erg. Want ja: het Rembrandt Research Project was particulier: bijna verdacht!

Bijna verdacht was ook dat Rijksdirecteur Dibbits nu geheel aan het Project voorbij ging. Want alles waarover hij nu stond te glimmen kenden we al. Sterker nog, strikt genomen is het raar dat het Rijksmuseum (en de gemeente als eigenaar van De Nachtwacht) er nooit toe over is gegaan het megadoek te vergezellen van een wetenschappelijk verantwoorde digitale versie van het origineel. Hoe schitterend zou dat zijn geweest, die twee naast elkaar. Ontelbaar veel toeristen en kunstminnaars is zo een culturele sensatie onthouden, een dieper inzicht in Rembrandt. Eigenlijk niets om van te glimmen.

Auke Kok is schrijver en journalist.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.