Vrij zijn is… crewlid tijdens ballonvaarten zijn

Vrij Hoe breekt Nederland uit de sleur? Deze week:crewlid zijn bij ballonvaarten.

Foto Folkert Koelewijn

In de tijd dat Renald Slag (51) vrijwilliger is in de ballonvaartwereld, is hij nog maar één keer passagier geweest. Hij chauffeurde twaalf jaar geleden voor een ballonvaarder en mocht als dank in haar ballon mee, vertelt hij. Het was een vlucht die grote indruk op hem maakte. „Het is bizar hoe stil het is. Je hoort geen wind, omdat je net zo snel als de wind gaat. Je kunt honden horen blaffen en katten miauwen. Je hebt echt contact met de aarde.” Die ervaring gunde hij anderen ook, en dus besloot hij crewlid te worden. „Luchtvaartbedrijven hebben een tekort aan vrijwilligers.”

Een barmhartige samaritaan dus, maar hij vindt het „crewen” ook gewoon leuk, zegt hij. Waarom eigenlijk? „Ja, waarom vind je cadeaus uitpakken leuk.” Als crewlid zet je een soort puzzel in elkaar, legt hij uit. „De ballon wordt uitgevouwen, de gevulde gasflessen in het mandje gezet, de staalkabels goed gelegd, de ballon opgeblazen.” De sfeer is ook altijd goed, zegt hij. Mensen die een ballonvaart boeken hebben vaak iets te vieren, een behaald diploma of een trouwjubileum bijvoorbeeld. „Ik heb ook genoeg huwelijksaanzoeken meegemaakt.”

Een crewlid is ook verantwoordelijk voor het contact met alle opgewonden ballonreizigers en geïnteresseerde omstanders, vertelt hij. Gisteren stond het startveld in Waddinxveen er vol mee. Er vertrokken maar liefst acht ballonnen, drie van De Luchtreiziger Ballonvaarten, het bedrijf waarvoor hij ‘crewt’. ‘Zijn’ ballon vertrok iets later vanwege de wind, „anders zou het mandje als een theezakje heen en weer slingeren”. Iets wat hij graag aan de uitzwaaiers uitlegt. „Thermiek heeft wel mijn interesse.”

Hij was graag piloot geworden, maar „daar moet je een rijke papa voor hebben”. Gelukkig vermaakt hij zich ook prima met het volgen van de ballon en voorspellen waar die terechtkomt met behulp van de bomen en de app Windguru. Een luchtballon mag bijna overal landen zegt hij, en dat is maar goed ook. „Je kunt niet zeggen: ga bij Hoevelaken linksaf.” Maar niet elke boer is daar even blij mee. Op zondag is het bijvoorbeeld zaak om de weilanden van gelovige boeren te vermijden. Anders krijgt hij boze blikken als hij met de crew aanbelt om te vragen of ze hun weiland op mogen.

Zijn de andere crewleden inmiddels zijn vrienden geworden? Dat niet per se, zegt hij, maar als de ballon is opgevouwen, de uitgelaten passagiers met champagne zijn gedoopt – een klassiek ritueel in de ballonvaart – en ze naar de startplaats zijn teruggebracht, gaat de groep graag nog even langs de Mac, of een biertje pakken. Ongeveer drie keer per maand, vaker lukt niet. Slag werkt als medisch ct-scannertechnicus en is ook nog vrijwilliger bij de brandweer, dus hij kan niet vaak een hele avond opofferen. „Gisteren lag ik pas na twaalf uur in mijn mandje.”