Tegenpolen in Londen

De Steekpass De columnisten Arjen Fortuin en Emilie van Outeren werpen in deze rubriek om de beurt een blik op het EK voetbal.

De steekpass

It’s coming home, is al weken het mantra van de Engelse voetbalfans, maar in de eerste potjes van The Three Lions leek voetbal thuisgekomen om in een stil hoekje te sterven. Haast zonder te bewegen was de ploeg in drie wedstrijden tot twee schamele goals gekomen – zo saai liet zelfs Frank de Boer zijn teams niet spelen.

Op zoek naar een BBC-voorbeschouwing op Engeland-Duitsland, belandde ik op een ander Londens grasveld. Daar bleek de absolute tegenpool van het Engels voetbalelftal naar huis gekomen: Roger Federer, met de jaren wat verstramd, maar nog steeds de sierlijkste man op aarde. Hij tenniste tegen Erik ten Hag (of diens tweelingbroer). Dat ging prima tot het voetbal begon. Federer raakte plotseling geen bal meer, verloor twee sets. Was hij degene die vanavond in een rustig hoekje zou sterven, terwijl iedereen voetbal keek?

Op Wembley voltrok zich een warming-up van 75 minuten. Toen scoorde Sterling (goeie goal) en kwamen de roerende beelden van de Engelse fans – dat waar zij helemaal niet in geloofden, leek zich te voltrekken. Om 19.37 uur rende Thomas Müller op de Engelse keeper af en miste. Tegelijkertijd gleed Erik ten Hag uit op Wimbledon en blesseerde zich. Engeland was gered, Federer was gered.

Misschien kunnen we bij de kwartfinale van de Engelsen alle camera’s op hun supporters richten. Of op Roger Federer, als hij de zaterdag haalt.

Arjen Fortuin