Inspectie: politie hield zich niet altijd aan regels bij hacken apparaten

Onderzoek Uit onderzoek van de Inspectie Justitie en Veiligheid blijkt dat de politie zich ook in 2020 niet voldoende hield aan de regels die gelden bij het hacken van apparaten van verdachten.
Foto Remko de Waal/ANP XTRA

De politie heeft zich in 2020 voor het tweede jaar op rij niet gehouden aan de voorwaarden die gelden bij het hacken van apparaten en verdachten. Het uitblijven van verbeteringen is een risico, zegt de Inspectie Justitie en Veiligheid dinsdag in een rapport. De politie heeft geen goede registratie voor het hackproces en gebruikt commerciële software in het merendeel van de zaken. De leverancier daarvan heeft daardoor toegang tot de gegevens.

Het ontbreekt het hackteam van de politie volgens de Inspectie aan een goed functionerend systeem dat toezicht houdt op het hacken. Daardoor heeft de politie zelf niet alle fouten of hiaten in de verslaglegging opgemerkt. De Inspectie kan niet uitsluiten dat er onregelmatigheden hebben plaatsgevonden. Op basis van wat wél geregistreerd is, heeft de toezichthouder geen aanwijzingen gevonden dat de politie iets heeft gedaan wat niet toegestaan was.

Een speciaal team van de politie mag op afstand informatie halen van bijvoorbeeld laptops of telefoons van mensen die worden verdacht van zware criminaliteit. Dat is vorig jaar veertien keer gebeurd. De politie is daarbij verplicht elke stap in het hackproces vast te leggen, maar dat gebeurt niet altijd. Die registratie is van belang om te kunnen controleren of het team zich wel aan de regels houdt.

In tien van de veertien zaken is commerciële software ingezet om binnen te dringen op apparaten. De politie weet niet precies hoe deze software technisch werkt, zegt de Inspectie. Ook heeft de leverancier altijd controle over de software en toegang tot onderzoeksgegevens. De politie kan de toegang van de leverancier niet beperken of controleren.